opinie Vanavond en morgenavond ligt er zes kuub zilverzand op de vloer van het Amsterdamse Muziektheater. Voor Susanne Linke en Avi Kaiser, twee representanten van de Duitse Ausdrückstanz is dat de basis van 'Le coq est mort', hun dansproductie met acht dansers uit Senegal, Nigeria en Congo Brazzaville.
In Nederland laten zij daarmee de eerste proeve van Euro-Afrikaanse dans zien, waarbij zij de Franse componist Etienne Schwarcz betrokken. Hij bedacht dat geluidsopnames uit Afrikaanse dorpen en gierende windvlagen zich goed met een strijkkwartet van Sjostakovitsj laten mengen. Kortom, een staaltje kosmopolitisch danstheater.
Zon, zand, wind en de zinderende energie van mannelijke dansers werden voor Susanne Linke de trefwoorden van een workshop die zij in voorjaar 1998 in Senegal gaf.
Linke: ,,Ik werd door Germaine Acogny, mijn collega in Senegal, uitgenodigd om haar Mudra-danscentrum op zo'n vijftig kilometer afstand van Dakar te inaugureren. Acogny geldt in Europa als de ambassadrice van Afrikaanse dans. Na jarenlange samenwerking met Bejart in Brussel ziet zij het als haar taak om ook dansers in haar geboorteland met de moderne dans van Europa en Amerika kennis te laten maken.''
,,Dat wilde ik graag, onder voorwaarde dat ik mijn assistent Avi Kaiser zou meenemen, omdat hij Frans spreekt, maar vooral omdat ik een man naast mij nodig had. Acogny had mij namelijk gewaarschuwd dat dansers in Senegal conservatief over man-vrouwrelaties denken. Dat vrouwen werken en mannen mogen luieren gaat terug op oeroude Afrikaanse familietradities en stamverbanden, maar werd in de Franse overheersing bevestigd.''
,,Bij aankomst schrok ik me rot. Het gebouw bestond uit een zeildoek over een stuk zand in een achtertuin. Naïef natuurlijk, maar toen pas besefte ik dat een houten vloer deze danscultuur vreemd is en dat er per definitie altijd buiten gedanst wordt.''
,,De improvisaties met zesentwintig mannen en een vrouw klikten zo goed dat we besloten met acht mannen uit lokale dansgroepen door te gaan. Zeven weken lang werden we die zomer steevast om vijf uur in de ochtend door hanengekraai gewekt.''
,,Dat deed mij weer aan 'Le coq est mort' denken, het enige Franse liedje dat ik in mijn jeugd in Berlijn geleerd had. Voor deze dansers is de Franse haan van dit liedje het symbool geworden van hun lange onderdrukking. Natuurlijk spotten ze ook met de Engelse betekenis van dit woord. In het oude Afrika, dat nog geen klok kende, is de haan een belangrijk dier: hij symboliseert de tijd en de mannelijke superioriteit. Al die aspecten wilde ik aan bod laten komen.''
,,Wat ik van hun danstechnieken leerde is vooral hun volharding, kracht en ritmische precisie. Ik ontdekte dat ze in tegenstelling tot de westerse danskunst niet naar de grond of recht omhoog bewegen. Ze maken door hun stevig in de grond geplante voeten, altijd gebogen knieën, meer een scheppende beweging, alsof ze het zand als water willen ervaren. Ook dat gebruik van verstuivend zand inspireerde mij.''
De kracht van de aarde werpen zij door hun verende onderlijf via hun gekromde rug- en nekspieren omhoog, naar wat zij hun derde spirituele oog noemen. Van mij leerden zij daar genuanceerder, meer vormgericht mee om te gaan. Gevoel voor details en dramaturgische richtlijnen kenden ze amper.''
Het project leidde tot de oprichting van het Bant-Ji (Zon) gezelschap, dat reeds wereldsteden als Montreal, Berlijn, Parijs, Munchen bezocht. Alleen een Franse criticus liet zich door politiek correct denken misleiden. Hij betichtte Linke en Kaiser zelfs van nazisme omdat de zwarte dansers zich zo openlijk tot diergedrag laten vernederen. Linke was verbijsterd: ,,We hebben hun transformatie in apen en vogels juist lang besproken. Het gaat helemaal niet om zwarte dansers. Deze dansers verkeren zoals alle dansers ter wereld in een dwangmatige evolutie van natuurvervreemding.''
Linke en Kaiser laten de mannen het zand in een typisch Bauschiaans tafereel betreden: als bedrijvige managers in keurige pakken ploeteren zij voort, soms roffelend op hun diplomatenkoffers maar identiek aan hun blanke lotgenoten. Cruciaal verschil is hooguit de afwezigheid van schoeisel.
Allengs blijkt hun fysieke energie de overhand te krijgen. Wijdbeens, de borst kemphanig naar voren, duwen ze de hielen diep in de grond. Tijdens het huppen zullen ze de knieën nooit strekken.
Linke legt uit: ,,In hun breakdance-variant etaleren ze het fysieke juk van globalisering. Mensen overal ter wereld, ongeacht hun huidskleur en cultuur, vervreemden steeds meer van hun natuur en oerbronnen. Mij ging het erom hen vast te laten houden aan de eenheid van lichaam-ziel-geest, de spirituele basisgedachte van de Ausdrückstanz. Deze dansers keerden naar ons aller archaïsche voorouders terug, als hun Descent of Man. In de strijd om hun territorium, aangegeven door stalen bekers, worden zij mensapen. Iedereen weet toch dat niet alleen zij maar ook wij daarvan afstammen.''
,,Deze dansers leerden mij dat bewegingen verschillen per cultuur, maar ook dat beweegredenen voor alle mensen identiek zijn. Daarin zijn alle mensen gelijk. Ook het publiek was tot nu toe overal gelijk in zijn reactie. Dat is hartverwarmend.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.