recensie Niet iedereen is even gelukkig met het nieuwe onderkomen van de Berlinale, het Berlijnse filmfestival dat vandaag aan zijn vijftigste aflevering begint.
De Potsdamer Platz, het nieuwe centrum van de Duitse hoofdstad met haar strakke architectuur, grote winkelcentra, dure hotels en hoge glazen wolkenkrabbers, is te kil voor een cultureel evenement, luidt de kritiek. Het plein, waarin de multinationals Sony en Daimler miljarden mark hebben gestoken, is weliswaar deels in gebruik genomen, maar het is toch ook nog een enorme bouwput met tientallen kranen. Nog voordat er één film gedraaid is, hebben sommige Berlijnse filmfans al heimwee naar de bioscopen rond de Kurfürstendamm in het westen van de stad, waar tot en met vorig jaar de Berlinale werd gehouden en waar het, luidt nu het oordeel, veel gezelliger was.
Ook festivaldirecteur Moritz de Hadeln heeft zijn reserves. Hij verwijt het Berlijnse stadsbestuur dat het de Berlinale geen enkele inspraak heeft gegeven bij de inrichting van het aantal zitplaatsen per zaal in de bioscopen op de Potsdamer Platz. Nu is er één grote zaal (Berlinale-Palast) met 1600 zitplaatsen, daarna komen twee zalen met maar zeshonderd plaatsen. ,,Dat is voor een festival zeer klein.'' Aan zalen is er overigens geen gebrek, een van de bioscopen telt er zelfs negentien. En stuk voor stuk met prima fauteuils en onbeperkte blik op het witte doek, ook al is de man voor je twee meter lang.
Tot de verhuizing is jaren geleden al besloten. Het zou niet alleen handiger zijn om alle bioscopen op één plein te hebben, de keus voor de Postdamer Platz, waar vroeger de Muur liep, had bovendien een symbolische betekenis. De Berlinale is altijd een typisch West-Berlijns festival geweest, al werd in 1990, drie maanden na de val van de Muur, al een enkele bioscoop in het oosten van de stad in het programma opgenomen. Door op de Potsdamer Platz neer te strijken, probeert het filmfestival van het West-Berlijnse imago af te komen.
Bij de gewone filmliefhebber is de Berlinale populair. De films op de eerste dagen (de voorverkoop begint steeds drie dagen van tevoren) waren in een mum van tijd uitverkocht. Tot en met volgende week zondag, 20 februari, zijn er 390 000 kaartjes voor een kleine driehonderd films te koop. Meer dan de concurrenten in Cannes en Venetië is de Berlinale vooral een Volksfestival.
Aan de Wettbewerb, de strijd om de Gouden Beer, doen 29 films mee. Er zitten een paar interessante titels bij. Bijvoorbeeld de nieuwste film van Wim Wenders, 'The Million Dollar Hotel', waarmee vandaag het festival wordt geopend. Veel aandacht gaat ook uit naar de thriller 'The talented Mr. Ripley' van regisseur Anthony Minghella en 'The beach' van Danny Boyle (met Leonardo DiCaprio, in Duitsland razend populair vanwege 'Titanic').
Op papier ziet het er indrukwekkend uit. Directeur De Hadeln moest ook wel met iets komen, want de laatste jaren was de kritiek op de Berlinale niet mals: voorspelbaar en te weinig grote trekkers. Filmcritici drongen aan op een wisseling van de wacht. De Hadeln is al 21 jaar directeur en het flankerende Forum-festival (met films uit het alternatieve circuit) staat zelfs dertig jaar onder dezelfde leiding.
Dit jaar is Robert De Niro de man waarom het draait. Hij is toch al een graag geziene gast in Berlijn, twee jaar geleden waren er zelfs drie films van hem te zien, waaronder 'Wag the dog', die sterke gelijkenissen vertoonde met de affaire-Lewinsky waarin president Clinton verzeild was geraakt.
Dit jaar is er een 'Hommage to Robert de Niro' met zeventien films. Op een van de laatste dagen van het festival wordt op een speciale voorstelling het Vietnam-epos 'The deer hunter' gedraaid. In 1979 zorgde deze film voor een enorme rel op de Berlinale. De Sovjet-Unie en andere Oostbloklanden trokken fel van leer (het was nog volop Koude Oorlog), want zij zagen in 'The deer hunter' duidelijk anticommunistische trekken. De Vietcong, zo was de boodschap, bestond uit nietsontziende soldaten die voortdurend Russische roulette speelden met hun Amerikaanse krijgsgevangenen. De stilzwijgende afspraak was nu juist dat er op de Berlinale in West-Berlijn geen anticommunistische films zouden worden gedraaid. Een Hongaars en een Tsjechoslowaaks jurylid traden af omdat in hun ogen deze afspraak geschonden was: ,,Deze film is een pure provocatie.''
Nu, 21 jaar later, wordt 'The deer hunter' weer vertoond, op de plek waar vroeger de Muur liep. Symbolischer kan het niet.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.