Het was in Amsterdam niet allemaal goud en zilver wat er blonk. In een zeldzame betrachting om volledige opening van zaken omtrent het gevoerde aankoop- en verzamelbeleid te geven, heeft conservator Jan Rudolph de Lorm van het Rijksmuseum besloten alle voorwerpen van goud en zilver uit de eigen collectie te voorschijn te halen en op smakelijke wijze te etaleren. Oók de vervalste.
Omdat het Rijksmuseum echt alles uit de collectie wil tonen, horen daar ook die (zilveren) voorwerpen bij die naar recent onderzoek heeft uitgewezen, tot de categorie vervalsingen en oplichterijen behoren. Hoeveel expertise er ook in Nederlands meest nationale museum aanwezig mag zijn (en vooral mocht zijn, want het gaat hier om vermeende toeschrijvingen uit het verleden), ook de beste kenners vallen wel eens door de mand.
Het is nog maar kort geleden dat het Rijksmuseum een tweetal kandelaars aankocht die ooit (dat wil zeggen in 1630) gemaakt zouden moeten zijn door Thomas Boogaert. Althans, dat wezen de pseudo-originele 17de eeuwse keuren uit. Een conservator die kennelijk niet al te wakker was, zag niet dat de weliswaar uitstekende geïmiteerde keuren, toch niet helemaal klopten. Bovendien vergat hij onder de voet van de beide kandelaars te kijken. Daar had hij een lompe, moderne schroef kunnen zien, een exemplaar dat nooit in de 17de eeuw gemaakt had kunnen worden. Conservator De Lorm wist de vervalsing zelfs nog te traceren: hij kwam uit bij de Amsterdamse meester-vervalser Jacob Feeterse, die de voorwerpen tussen 1900 en 1923 moet hebben gemaakt.
De Lorm was Feeterse al eerder in het museum tegengekomen, toen hij een eveneens aan Thomas Bogaert toegeschreven hostiedoos onder ogen kreeg. Ook hier waren de jaarletters (aan de hand waarvan het object een datering kan worden gegeven, een wijze van herkenning die in het begin van de eeuw in zwang kwam) op slimme manier geïmiteerd, maar niet zo goed dat ze met de nieuwe technieken niet doorzien kunnen worden.
Om elk misverstand omtrent hun identiteit uit de weg te ruimen heeft het Rijksmuseum op de tafel met de vervalsingen een fikse rode streep getrokken. Die staat in schril contrast met de andere vitrines en showtafels waar het onder het gedempte licht een schittering van jewelste is. Het Rijksmuseum is met deze tentoonstelling opeens de schatkamer die de bezoekers zich tot voor kort alleen maar konden dromen: normaal vormt het goud en zilver geen apart onderdeel in de collecties.
Goud en zilver hebben tot nu toe in het museum geen prioriteit gekregen. Schilderijen en tekeningen - vooral die uit de Gouden Eeuw, met de Nachtwacht nog altijd als pièce de résistance - zijn de zaken waar het grote publiek op afkomt. Die schilderijen zullen dit jubileumjaar (het is twee eeuwen geleden dat het museum werd opgericht) opnieuw centraal staan. Maar voor het zover is, moest eerst het goud en zilver uit Amsterdam worden opgepoetst.
Het Rijksmuseum bekroont daarmee een reeks van exposities die in de afgelopen jaren door het land was te zien. Van Maastricht tot Harlingen, van Zwolle en Deventer tot Zeeland was lokaal gemaakt zilver te zien. Het Amsterdamse zilver steekt in kwaliteit niet zonder meer boven dat van de 'provincie' uit. Elke stad kende zijn specialismes, en had zijn eigen publiek. Voor Amsterdam was dat behalve het eettafelzilver (de stad was altijd rijk aan ontwerpers en zilversmeden die zich toelegden op serviesgoed en bestekken) het miniatuurzilver dat in de hoofdstad in duizendvoud moet zijn gemaakt.
De liefhebbers van dit poppengoed worden in het Rijksmuseum uitermate goed bediend. Vuurtangetjes, kamerpotjes, spinnewieltjes, pompslingertjes, wastobbetjes - het is allemaal te zien. Daarentegen is er in Amsterdam veel minder te vinden op het gebied van religieus zilver, al verbluffen een uit 1738 daterende missaalband en een in 1719 vervaardigde kunstige miskelk.
Het is duidelijk dat de rijkdom van de burgerij van grote invloed is geweest op het klimaat waarin de toegepaste kunsten tot hun recht kwamen. Amsterdam is altijd, vanaf de 17de eeuw, de 18de eeuw (en vreemd genoeg juist dan) en tot in de 19de eeuw een stad van aanzienlijken geweest die niet schroomden hun welvaart breed uit te meten.
In de 17de en 18de eeuw was de kunst in Amsterdam in weerwil van die rijkdom enigszins sober van toon - de heersende barok is in de Noordelijke Nederlanden altijd minder uitbundiger geweest dan in het Zuiden - maar dat weerhield de nouveaux riches er niet van zich met soms monsterlijk vormgegeven goud en zilver te omgeven. Vooral in de rococo veranderde de ornamentiek in onfunctioneel gedraai van curves en zinloze wendingen die slechts dienden om het oog te epateren.
Paradoxaal genoeg nam het vakmanschap alleen maar toe. De Amsterdamse goud- en zilversmeden lieten zich gemakkelijk door het buitenland beïnvloeden. Hopend op opdrachtgevers trok menige zilversmid in een ver buitenland de stoute schoenen aan om zich hier te vestigen. Ze deden het vaak buiten verwachting goed, omdat hun opdrachtgevers weinig scrupules hadden als het ging om het uitkiezen van een zilversmid. Als buitenlander deden de Duitser Johannes Lutma (in 1587 in Embden geboren) en de Zweed Johannes Schiotling (waarschijnlijk afkomstig uit Göteborg, waar hij in 1730 werd gedoopt) niet voor de lokale smeden onder. In hun voetspoor kwamen trouwens tientallen buitenlanders: Fransen als Jean Saint en Hyacinthe Pascal la Ruelle, de Zweed Svante Stridberg, de Duitsers Frederik Rudolf Precht en Jan Diederik Pont en de Est Christoffel Mitscherlich gaven de Amsterdamse zilverscene een exotisch tintje.
Zij zorgden er voor dat het Amsterdams zilver (en in mindere mate ook het goud) geen eenduidige ontwikkeling doormaakte. Behalve het feit dat het zilver in verhouding tot andere steden een tamelijk bescheiden indruk maakte, is er niet echt een rode draad te ontdekken. Pronkerig voorwerpen wisselen precieuze af, vaak ook in wisselende stijl. Anders dan in Parijs, Milaan of Wenen, waar de heersende vorsten hun stempel op de toegepaste kunsten zetten, kende Amsterdam slechts de macht van de burgerij. En die koos vaak, in al haar vormen, voor originaliteit.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.