recensie Het is weer tijd om uit de grote stapel prentenboeken een kleine selectie te belichten. De hoeveelheid publicaties is niet alleen groot, maar ook gevarieerd. Er zijn prentenboeken om aan te voelen, om mee te knutselen; ze zijn groot, klein, langwerpig of vierkant, en zo nu en dan maken bekende Nederlanders een uitstapje naar dit genre.
De leukste prentenboeken worden nog altijd gemaakt door de kleine groep specialisten die Nederland kent. Het werk van Max Velthuijs is, net als 'Nijntje' van Dick Bruna, uitgegroeid tot een exportproduct. De kikker-serie wordt gelezen in Zweden, Spanje, Zuid-Afrika, Denemarken en Japan. Daarnaast fungeert het populaire dier als dessin voor gordijnen, behang, dekbedden, kaarten, puzzels en drinkglazen, en er zijn zelfs Kikker-laarzen te koop geweest. Bij ieder nieuw deel bestaat de vrees dat het dit keer níet goed zal zijn, maar de oude Velthuijs zit stevig in het zadel. 'Kikker en een heel bijzondere dag', het twaalfde kikkerboek, brengt opnieuw een speciaal gevoel teweeg. Hoewel Velthuijs zichzelf vooral als prentenmaker ziet, mogen we zijn schrijverschap niet onderschatten. Keer op keer kiest hij leuke onderwerpen die hij in een lief, vrolijk en hartverwarmend verhaaltje giet.
Aan het ontbijt denkt Kikker: ,,Dit wordt een heel bijzondere dag.' Want dat heeft Haas gezegd. Wat er speciaal aan is, weet hij nog niet. Zijn vrienden Eend, Varkentje en Rat weten het ook niet. Ja, de zon schijnt lekker en de wereld is mooi, maar dat is niet echtbijzonder. Helaas is Haas niet thuis. Op zijn deur hangt een briefje waarvan Kikker maar één woord kent: Feest. Kikker wordt verdrietig, hij is helemaal niet uitgenodigd voor een feest. Treurig loopt hij naar huis en wat blijkt? Het feest is voor hem, hij blijkt vandaag jarig te zijn. Kikker was het helemaal vergeten, maar zijn vrienden niet. Op de laatste prent ligt Kikker tevreden in bed te bedenken dat het een heel bijzondere dag was.
Je zou kunnen overwegen het boekje 'Kikker is jarig' te noemen, maar gelukkig heeft Velthuijs daar niet voor gekozen. De titel benadrukt nu hoe bijzonder het is als vrienden speciaal voor jou op bezoek komen en hoe leuk dat is. Juist het benadrukken van de kleine dingen is zo heerlijk aan de Kikker-boekjes.
Jet Boeke is ook zo'n bekende naam op prentenboek-gebied, dankzij de nog altijd leuke serie Dikkie Dik. In de nieuwe uitgave 'Waar is Dikkie Dik?' laat ze zien hoe een simpel verhaal een spannend prentenboek kan opleveren. Dikkie Dik doet verstoppertje met Poes Muis. Poes Muis weet echter niet wanneer ze met aftellen mag ophouden en telt lang door. Waar is Dikkie Dik? De prenten worden overheerst door verschillende tinten oranje, zodat je vanzelf meezoekt of je misschien een stukje van Dikkie Dik ziet. Het blijkt dat Dikkie Dik in de wasmand ligt te slapen. Poes Muis kruipt er lekker bij.
Voor leuke prentenboeken kun je ook altijd terecht bij het rijmende echtpaar Busser en Schröder. Het boek 'Kuuu-ke-le-kuuu! Boerderijmen' heeft het echtpaar uit het Engels vertaald. Het idee is van goud en de prenten zijn vrolijk, maar helaas is het duo als vertalers minder sterk dan wanneer het zijn eigen verhaal schept. De eigen rijmen, zoals bijvoorbeeld in de prentenboekjes 'Kom je bij me eten?' of 'Het grote boodschappenboek', lopen als een trein. Als je eruit voorleest, merk je hoe ritmisch van taal het is en hoe precies de klemtonen van de verschillende zinnen op elkaar vallen. 'Kuuu-ke-le-kuuu! Boerderijmen' is wat dit betreft slordiger, wat vooral betekent dat sommige ouders zullen haperen bij het voorlezen. Ook wisselen de rijmschema's tussen abab, abcb en aabb. Dat neemt niet weg dat de paginagrote tekeningen van lekker felle kleuren voorzien zijn, en de dieren vrolijke koppies hebben.
'Het carnaval der dieren', van componist Camille Saint-Saëns, heeft de Zuid-Afrikaanse dichter Philip de Vos geïnspireerd tot het maken van kindergedichten over een dierencarnaval. Uitgeverij Lemniscaat heeft uitvoerig aandacht besteed aan de vormgeving van de Nederlandse versie. Het boek ziet er fantastisch uit. Elke linkerpagina toont zowel de Afrikaanse als de Nederlandse tekst. De titel van elk gedicht begint met een grote sierletter en op de rechterpagina staan prachtige etsen van Piet Grobler. Daar kun je uren naar kijken, zoveel is er te zien en zo ongebruikelijk is deze manier van tekenen in prentenboeken.
Afgezien daarvan dat het boek er verzorgd uitziet, is het leuk te merken dat je dankzij de vertaling, ook de oorspronkelijke taal begrijpt. Maar of het geschikt voor kinderen is? Geen idee. Ik vermoed dat de meesten weinig geduld hebben voor dit boek. Wat mij betreft is dit een typisch geval van een mooi boek voor volwassenen, dat vanwege de inhoud helaas tot de kindercategorie wordt gerekend.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.