opinie Een jaar geleden ging Lodewijk de Boers nieuwste stuk 'I Minne' in Stockholm in première. In opdracht van het Stadsteater had hij het daarin over de vermeende Zweedse neutraliteit tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het werd hem door pers en publiek niet in dank afgenomen. Nu is 'De herinnering' door toneelgroep De Appel uitgebracht, eveneens in De Boers eigen regie, en dat is een heel ander verhaal.
De gevoeligheid van de Zweden, die met hun dubieuze afzijdigheid de nazi's in feite in de kaart speelden, speelt in de Nederlandse versie geen enkele rol. Althans, wás het maar een Nederlandse versie. Daar zit een essentieel probleempje. 'De herinnering' is enkel de Nederlandse vertaling van 'I Minne', wat betekent dat voor de Zweedse situatie en personages geen equivalenten zijn gezocht.
Centraal personage is de Zweedse zangeres en filmdiva Zarah Leander, die tijdens de oorlog triomfen vierde in Berlijn. Dat zal de Zweden zeker pijnlijk hebben getroffen, maar een Nederlands publiek zal zich dat hoegenaamd niet aantrekken. Datzelfde geldt voor de hier onbekende aartsbisschop Erling Eidem, die nauwkeurig op de hoogte schijnt te zijn geweest van de Endlösung, en in iets mindere mate voor de SS-er Claus Meier, een vroegere minnaar van Leander.
Geen van hen is uitgegroeid tot een prototype van zoiets als dè kunstenaar of dè kerk. Daardoor blijft 'De herinnering' hangen in de 'och, och'-sfeer van een ver-van-mijn-bed-show. Dat is temeer spijtig, omdat ik tussen de regels door wel degelijk de woede van De Boer om alle hypocrisie bemerk, maar die wil helaas geen dwingende vorm krijgen. Dat Anne Frank er als een soort geweten in is geschreven, evenals een fictief zusje van Leander, heeft eerder een moralistisch effect dan een symbolische functie, die het thema op een universeler plan had kunnen brengen.
De handeling speelt zich af in een hiernamaals. Jan Klatter ontwierp daartoe een morsig donkerbruine hotellounge met sleets meubilair, waar de personages elkaar na hun dood ontmoeten. De ogenschijnlijk alledaagse ambiance krijgt een paar maal een surrealistische dimensie, wanneer Anne Frank van kleren verwisselt met de SS-er en die scène overgaat in een ouderwets bal met tal van uit het decor dansende paren, of wanneer plots een man met een vioolkist opduikt, de dolende Jood Alban Zadok, die eerder in De Boers stuk 'De Buddha van Ceylon' een mystieke rol speelde. ,,Soms heb ik het gevoel dat ik een personage uit een toneelstuk ben'', zegt deze dan ook.
Lodewijk de Boer deinst er als regisseur niet voor terug de scènes van illustrerende en sfeerversterkende muziek te voorzien. Dat geeft de voorstelling een soms wat filmische allure, waar vooral Sacha Bulthuis zich met haar glossy vertolking van Zarah Leander behaagziek in wentelt.
Mooi tegenspel krijgt zij met name van Hugo Maerten, die de SS-er als een grimmige gladjakker neerzet. Onderhoudend is de voorstelling aldus tot op zekere hoogte, maar een symbolische of exemplarische meerwaarde zit er niet in. Zelfs de betekenis van de titel reikt niet verder dan het woord zelf, al laat De Boer Zarah Leander nog wel de prachtuitspraak doen: ,,Herinneringen? Die zijn de martelgang van de doden.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.