recensie ,,Wat vindt u ervan', vraagt Diego de Velázquez aan zijn bezoeker Iñigo Balbao.
Het is 1634, plaats van handeling is het atelier van Velasquez in hartje Madrid. Balbao kijkt naar het schilderij 'Las Lanzas' (De lansen), dat hofschilder Velázquez bijna heeft voltooid in opdracht van zijn koning Philips IV. Het immense schilderij, ook wel 'De overgave van Breda' genoemd, laat Justinus van Nassau zien die de sleutel van de stad overhandigt aan zijn Spaanse overwinnaar generaal Ambrosio Spinola. Geen oorlogstaferelen, geen gevechten, tussen de lansen door slechts wat rook op de achtergrond van de stad die in brand staat. Op de voorgrond de beide aanvoerders en hun directe ondergeschikten. Trots en minachting worden getoond, maar voor de rest is het rust.
,,Zo was het en zo was het niet', antwoordt Balbao. En zijn gedachten gaan tien jaar terug toen hij als 14-jarige knaap met een Spaanse legermacht vocht in de tercio (legeronderdeel) van Cartagena om Breda te heroveren op de Hollandse ketters. Een rauwe strijd in modderige loopgraven in een immer mistig, koud en drassig land. Hongerige, in lompen gehulde Spaanse soldaten die soms maandenlang soldij moeten ontberen maken er het beste van in dienst van hun koning. Velen van hen zullen de zon van Breda niet meer zien opgaan.
,,Dat weet ik wel', antwoordt de schilder, ,,maar waar het om gaat, men zal zich die slag altijd op deze manier blijven herinneren.' Balbao heeft maandenlang gesprekken gevoerd met Velásquez om hem zoveel mogelijk informatie uit de eerste hand te geven over de strijd in 1625 daar rondom Breda. De soldaat weet ook dat Velázquez met zijn informatie niet de waarheid zal vertellen zoals die was, maar zoals hij die wil laten zien. En wat je ziet is het officiële Spanje van de kanten kragen dat aanstellerig voor het nageslacht poseert. Niets van het lijdzame voetvolk, de tercio's zoals Balbao zich die herinnert. Het zieke en armoedige kanonnenvlees dat het vuile werk had gedaan in loopgraven, nachtelijke charges had uitgevoerd, bruggen en molens had vernield en om forten had gestreden. Aan hen, vindt Balbao, had die Hollander eigenlijk de sleutel van Breda gegeven.
,,Het zal een grandioos schilderij worden', zegt een beleefde Balbao nog terug. Velázquez is tenslotte een van de grootste schilders van zijn tijd. En dat generaals vooral in bed sterven is van alle tijden, realiseert de jonge soldaat zich.
Naast de vlotte en soms ook vrolijke verhaallijn blijft dit cynisme hangen na het lezen van het boek. Het cynisme waarmee de schrijver de waarheid op slagvelden laat zien. De waarheid die nooit verandert, van alle tijden is. De waarheid ook dat Spanje naast een immer opgehemelde glorieuze periode tevens neergang heeft gekend. De neergang die vorm begint te krijgen in de zompige Nederlanden aan het begin van de zeventiende eeuw. De neergang die is veroorzaakt en daarna verzwegen door ,,stompzinnige politieke leiders, fanatieke paters, een geharnaste adel en een tot op het merg corrupte bureaucratie', aldus de auteur. Tot en met het regime van generaal Franco wordt die imperiale glorie omarmd, die andere waarheid wordt bij de vuilnisbak gezet. ,,Wij Spanjaarden dreigen de slag om ons ware verleden te verliezen', stelt Reverte in een interview.
Om in ieder geval zijn dochter deze misstap te onthouden begint Reverte aan een boek waarin de lotgevallen van kapitein Diego Alatriste, officier in het tercio van Cartagena, en van zijn ranseldrager Iñigo Balbao worden beschreven. Het wordt een onverwacht succes. De schrijver maakt er nog een en het wordt een reeks die zal uitgroeien tot een van de populairste romanseries van het hedendaagse Spanje. 'De zon van Breda' is het derde deel uit die serie die voorlopig op zes boeken staat gepland. Het vierde deel 'El oro del Rey' is inmiddels via de site van El País al op internet te lezen.
Met het recente verbod -door de directeur van de Spaanse televisie!- op uitzending van een documentaire over de Franco-periode in het achterhoofd, is de serie van Pérez-Reverte in het Spanje van vandaag ook hard nodig. Hij wil tegenwicht bieden aan de nog altijd voortdurende manipulatie van de Spaanse geschiedenis. ,,Spanje's historie is zoals ze is en ik verdom het om er excuus voor te vragen', aldus de schrijver.
Arturo Pérez-Reverte verloochent zijn stiel niet. Deze ex-oorlogscorrespondent van Spanje's belangrijkste krant El País kent uit eerste hand de slagvelden van Angola, Eritrea, Libanon, de Golfoorlog, Bosnië. Met 'De zon van Breda' heeft hij een gedetailleerd ooggetuigeverslag geschreven van de strijd om Breda als onderdeel van de Tachtigjarige Oorlog. En voor ons Nederlanders ook eens vanuit het perspectief van de vijand. Een prachtig boek. Levendig en met veel vaart geschreven. Hier en daar wat wollig, maar dat is Spaans, en soms wat oubollig waar te pas en te onpas de verwensing 'Te droes!' wordt gebezigd, maar dat is de vertaling.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.