recensie Ondanks het feit dat de journalist Anouar Benmalek in Marokko werd geboren, voelt hij zich zozeer verbonden met Algerije, dat hij niet alleen een van de oprichters is van het Algerijns Comité tegen het Martelen, maar ook een groots opgezet fresco schreef over de recente geschiedenis van het land.
Uit de lijvige roman 'De gescheiden geliefden' blijkt eens te meer dat het geweld dat Algerije ook vandaag de dag nog teistert, niet een verschijnsel is van het afgelopen decennium, maar zijn wortels vindt in de koloniale periode. Zoals Nederland verwikkeld was in een moeizaam en pijnlijk dekolonisatieproces met Nederlands Indië, zo voerde Frankrijk oorlog tegen het vroegere overzeese gebiedsdeel Algerije. In tegenstelling tot Tunesië en Marokko, die Franse protectoraten vormden, was Algerije een departement van Frankrijk. Als zodanig genoot het land een afhankelijkere status dan de twee buurlanden in de Maghreb. Om Benmaleks epische roman goed te kunnen volgen, is het van belang de historische feiten goed in de gaten te houden. De auteur pendelt heen en weer tussen de onafhankelijkheidsoorlog (1954-1962) en het geweld als gevolg van de sinds 1992 heersende burgeroorlog tussen gewapende islamisten en regeringtroepen. De data boven de hoofdstukken zijn handig. Het is opmerkelijk hoeveel parallellen er tussen deze twee periodes bestaan, en Benmalek toont haarfijn aan hoe het zover heeft kunnen komen. Ook beschrijft hij hoe neerbuigend, racistisch en gewelddadig de Franse militairen zich tijdens de koloniale periode betoonden. Toen er in de bergstreken enorme hongersnoden heersten, stak de regering geen poot uit om de inheemse bevolking te helpen. Overigens maakte de journalist Albert Camus hiervan destijds als enige gewag. Benmalek laat echter ook zien dat de FLN-strijders onherstelbare schade hebben aangericht met gruweldaden die niet onder deden voor die van hun ergste vijand, de Fransen. De auteur verwijst in zijn boek naar het feit dat Algerije een multicultureel land is waaruit inmiddels al wat Frans en joods is werd verdreven, maar waar nog steeds 30% Berbers wonen die een eigen taal spreken (het Tamazight) en die zich al heel lang verzetten tegen de arabiseringspolitiek van de regering. Ook wonen in Algerije Touareg die Tamachak spreken. De Targui (enkelvoud van Touareg)
Jouarden is een belangrijk personage in het boek.
De oorlog om onafhankelijkheid werd in eerste instantie gevoerd tussen het Front de Libération Nationale (FLN, dat ook na de onafhankelijkheid tot 1988 als enige partij aan de macht bleef en een socialistische koers volgde) en de regeringstroepen. De meeste Franse ingezetenen van Algerije waren fel gekant tegen onafhankelijkheid van het gebied. De strijd kreeg een wel bijzonder grimmig karakter door het optreden van OAS (Organisation Armée Secrète), een bundeling van het Franse verzet tegen onafhankelijkheid van een aantal generaals en ontevreden burgers. OAS pleegde bomaanslagen waarbij vooral in Parijs en Algiers duizenden slachtoffers vielen. Met terreur probeerden de generaals De Gaulle ervan te overtuigen Algerije geen onafhankelijkheid te verlenen, maar dit mocht niet baten. Net als predident Nasser van Egypte besloot de Algerijnse president Ben Bella in 1963 dat arabisme en islam de pijlers van het nieuwe Algerije moesten worden.
Benmalek droeg 'De gescheiden geliefden' op aan zijn grootmoeder van moederszijde, een Zwitserse circusartieste die per toeval met haar circus in Noord-Afrika terechtkwam. Het hoofdpersonage van zijn roman is de Zwitserse circusartieste Anna die in 1955 midden in de onafhankelijkheidsoorlog met Nassreddine, haar Algerijnse man, in de bergketen van de Aurès door Franse militairen wordt aangehouden. De Fransen hebben een verklikker in dienst die mannen moet aanwijzen die met het verzet, de moudjahid van de FLN, samenwerken. Op die dag verliest de Zwitserse voor altijd haar kersverse echtgenoot uit het oog als hij ten onrechte als verrader wordt aangewezen. FNL-strijders vermoorden om die reden haar twee kinderen. Het verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van Anna die als oude vrouw terugkeert naar Algiers om haar echtgenoot en het graf van haar kinderen te zoeken. Benmalek last ook flashbacks in waarin hij vertelt over de jeugd van Nassreddine en zijn tijd als soldaat in het Franse leger in de Tweede Wereldoorlog. Als Nassreddine terugkeert beginnen de Fransen steeds hardhandiger op te treden tegen onafhankelijkheidsactivisten: ,,Hoeveel keer hebben we ons hachje niet gewaagd om hun land van de nazi's te bevrijden! En dat addergebroed van een Fransen heeft nog niet gewonnen of ze beginnen ons met hele dorpen tegelijk uit te moorden!'' Een ander belangrijk personage is de wees Jallal die bij de vuilnisbelt van Algiers 'onderdak' heeft gevonden en pinda's vent. Met hem reist de oude Anna die voor niets en niemand bang is, door onherbergzame gebieden, op zoek naar Nassreddine. We zijn dan in 1997 beland, en Benmalek bespaart ons geen details om de wreedheden te beschrijven die opnieuw in naam van een fanatiek streven worden gepleegd. Uiteindelijk zegeviert echter niet het geweld in de 'Gescheiden geliefden', maar het geloof in de solidariteit tussen mensen en hun vermogen tot liefhebben.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.