recensie In een recent interview vertelde pianiste Mitsuko Uchida dat ze de muziek uit de Tweede Weense School al vele jaren koestert. Ze spendeerde ooit een hele zomervakantie aan haar eerste atonale werk, opus 11 van Schönberg. Opmerkelijk voor een musicus die hoofdzakelijk bekend werd door haar interpretatie van klassieke pianowerken.
De van oorsprong Japanse pianiste nam onlangs een cd op met sleutelwerken uit de Tweede Weense School: Schönbergs Pianoconcert opus 42, de Drei Klavierstücke opus 11 en de Sechs kleine Klavierstücke opus 19, Weberns Variationen opus 27 en Bergs Sonate opus 1. De pianiste ziet Schönbergs concert als een nostalgisch werk. Inderdaad ademt het werk de zwaarzoete geur van wilde bloemen in een Weense nazomertuin: een atmosfeer die in Uchida's opname evenwel niet helemaal tot uiting komt. Het lijkt wel alsof de pianiste wordt beïnvloed door de Franse aanpak van het Cleveland Orchestra en dirigent Pierre Boulez, met wie Uchida graag wilde samenwerken. In deze uitvoering is Schönberg geen uitloper van de laat-romantiek, maar een representant van een debussiaanse gewichtloosheid.
Die Franse lichtheid legt Uchida ook in de solowerken aan de dag. In Weberns Variationen hoor je niet dat het 'Rauscht wie Chopin', zoals de componist het bedoelde, maar eerder zoiets als het 'klateren van Debussy'.
Of dat erg is? Voor zo'n classicistische benadering van de gespeelde werken is ook wel wat te zeggen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.