recensie Zonder rijbewijs scheurt de Algerijnse chauffeur Daniel door de straten van Marseille. Met zijn opgevoerde supertaxi, die moeiteloos de tweehonderdvijftig kilometer per uur haalt, passeert hij sportwagens en levert hij op het nippertje een hoogzwangere passagiere bij de kraamkliniek af, om dan toch nog stipt op tijd te zijn voor het diner bij zijn schoonouders. Hij heeft zelfs nog een moment over om zijn Zinedine Zidane-shirt voor een colbertje te verwisselen.
Meer nog dan zijn eigen films ('The big blue', 'The fifth element') doet de door Luc Besson geschreven en geproduceerde maar niet geregisseerde 'Taxi'-serie aan stripverhalen denken. In zijn wereld van stuntelige geheim agenten en vliegende automobielen wisselen slapstick, stunts en vooral veel achtervolgingen elkaar in hoog tempo af, en het is geen verrassing dat voor Daniel weer een heldenrol is weggelegd. Nadat hij schoonpapa, generaal in het Franse leger, in een duizelingwekkende rit bij een defilé heeft afgeleverd, wordt hij meteen gepromoveerd tot bestuurder van de hightech bolide die aan de Japanse minister van defensie moet worden verkocht, en kan de strijd beginnen met de protectionistische Aziatische gangsters die de aanschaf van de Europese auto willen verhinderen. Noch de spectaculaire kettingbotsingen van politiewagens, noch de beeldschone spionnes die Daniel met kung fu komen bijstaan kunnen echter verbergen dat 'Taxi 2' een slap aftreksel is; niet alleen van het eerste deel, maar vooral van de vele Amerikaanse voorbeelden die worden geplagieerd.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.