*

 

Een man zonder geloof

Sandra Kooke − 20/04/01, 00:00

recensie We kunnen niet verder. Dit is het einde van Thebe, het einde van de wereld.' De in 1999 plotseling overleden Huub Kerstens en regisseur en librettist Peter te Nuyl schreven een zwartgallige opera over het sombere wereldbeeld van Creon die morgen bij het Nationale Reisopera en het Nederlandse Balletorkest in première gaat.

In de gangen van het Rabo-theater in Hengelo wordt getimmerd en geboord. De vloerbedekking is bedekt met een dikke laag stof en zaagsel, overal liggen rollen kabels en ander materiaal. In de foyer staan de afzethekjes met hun rode touwen op een kluitje bij elkaar.

Morgen moet de rommel zijn opgeruimd, want dan wordt het theater in gebruik genomen met de opera 'Creon' van de overleden componist Huub Kerstens op een libretto van Peter te Nuyl. Voor de opening van het splinternieuwe theater kozen componist en librettist voor een verhaal dat maar liefst 2500 jaar oud is.

'Creon' is gebaseerd op de tragedie van de Griekse familie Labdakos, van wie Oedipus het bekendste familielid is. Creon is zijn zwager. Oedipus wordt met uitgestoken ogen verbannen omdat hij de moordenaar van zijn vader Laios blijkt, zijn zoons moorden elkaar uit op het slagveld en dochter Antigone zwerft over de aarde op zoek naar een koning die het lijk van haar vader laat begraven.

Creon ontkomt aan de noodlottige gebeurtenissen in deze familie - hij is in feite een buitenstaander - maar hij is toch een tragische figuur in de ogen van librettist en regisseur Peter te Nuyl. Creon kondigt Oedipus' straf aan en voert hem uit. Daarna is hij de aanstichter van het gevecht waarin zijn twee neven elkaar afslachten en doodt hij de ziener Teiresias die hem van machtswellust beticht.

Creon is in de opvatting van Te Nuyl niet zomaar de berekenende moordenaar waar veel toneelregisseurs hem voor houden. Creon is een man die een moreel ijkpunt mist, een man zonder geloof.

Volgens Te Nuyl is Creon het typische product van de tweede helft van de twintigste eeuw. Te Nuyl: ,,Stel je iemand voor van na de oorlog, die een beetje Nietzsche heeft gelezen, en een beetje Sartre. Het christelijke of joodse wereldbeeld heeft na Auschwitz voor hem afgedaan. Hij vraagt zich af wat we nu moeten beginnen zonder geloof, zonder goden. Dit is volgens mij de belangrijkste vraag van de twintigste eeuw.''

,,Op de leegte van het bestaan heeft Creon geen antwoord en hij accepteert de uiterste consequentie hiervan. Waar de meeste mensen in deze tijd de afwezigheid van een bestaansreden opvullen met materialisme, hedonisme of andere twintigste-eeuwse ismen, accepteert hij die absolute leegte. En hij komt tot de conclusie dat we de tent dan maar moeten sluiten. In de derde akte wil Creon daarom tot de complete uitroeiing overgaan. Het is Antigone die hem daarvan weerhoudt en die de toekomst representeert. Antigone erkent dat het bestaan van goden niet is te bewijzen, maar staat zichzelf toch toe te hopen, en vindt hierin een reden van bestaan. Creon weigert uit te gaan van een onbewezen idee. Toch is hij geen cynicus, want hij is zelf als de dood voor die leegte.''

Het libretto van 'Creon' is het gezamenlijke denkwerk van Te Nuyl en Kerstens. Te Nuyl schreef een gedeelte, Kerstens reageerde er op en begon te componeren, waarop Te Nuyl aan een volgend gedeelte begon. Het is een vreemd, emotioneel gebeuren voor Te Nuyl om nu het werk van zijn vriend en hemzelf te verwezenlijken, zegt hij. Niet in de laatste plaats omdat Kerstens de figuur Creon sterk heeft beïnvloed. ,,In zekere zin kun je zeggen dat Huub de Creon van ons beiden was en ik de Antigone. Huub had zich erg verheugd op het einde van de tweede akte, dat letterlijk en figuurlijk het donkerste moment van de opera is. Op het moment van een zonsverduistering valt het leger van een van Creons neven Thebe aan en in het gevecht sneuvelen beide broers. Huub beschouwde dit als zijn slot. Hij zei: 'Als de inhoud helemaal aan diggelen is, moet de vorm dat ook zijn'. Hij koos ervoor op het moment van de zonsverduistering het orkest uit de orkestbak te laten vluchten en de muziek uit elkaar te laten vallen. Hij had geen idee hoe het hierna verder moest. Hij zei: 'Ik krijg ze nooit meer in die bak'.''

Dat hoefde ook niet meer, want vlak voor de derde akte zou worden geschreven, overleed Kerstens door een mysterieuze valpartij in zijn woonboot. In de laatste akte die van muziek werd voorzien, zegt Creon: 'Dit is de laatste akte. Hierna zullen er geen aktes meer komen'. Het is aanlokkelijk om in deze woorden van Creon de aankondiging van Kerstens' dood te lezen en dat wordt dan ook vaak gedaan. Maar Te Nuyl is huiverig voor dit geromantiseer. Na Kerstens' dood heeft hij alsnog de derde akte van de opera geschreven: een akte waarin toch nog alles goed komt als Antigone de touwtjes in handen krijgt en een nieuwe heerschappij sticht.

Te Nuyl: ,,Ik ben namelijk niet zo somber als Kerstens. Ik kan in de religie geen absolute waarheid zien, maar we kunnen op zijn minst blijven zoeken. Het stellen van de vraag wat we kunnen beginnen zonder geloof, is al een lichtpuntje, evenals het relativeren van alle antwoorden.''

Moet de opera dan niet alsnog worden afgemaakt? Te Nuyl: ,,De opera heeft nu het slot van Huub. Ik wilde graag zijn visie laten zien. Maar misschien komt het er ooit van. Ik geloof niet dat Huub er- op tegen zou zijn. Wat mij betreft zou alleen de dirigent en componist Micha Hamel ervoor in aanmerking komen. Micha was zijn enige leerling. Het is dan de vraag of je Micha moet vragen het in Huubs stijl af te maken of dat je een stijlbreuk moet accepteren. Voorlopig kunnen we heel goed leven met dit einde.''

Het allerlaatste stuk dat Te Nuyl en Kerstens samen schreven, was 'The Word Unfinished'. Voor deze opdracht lieten componist en librettist 'Creon' even liggen. Te Nuyl: ,,Op de middag dat hij overleed, had ik hem een fax gestuurd met de volgende scène van dit stuk. Daarna zouden we met 'Creon' verder gaan. Die scène heeft hij nooit meer gelezen. Het papier hing nog uit de fax toen hij werd gevonden.''

mailIcon print |