*

 

De terugkeer in chaos en verwarring

van onze verslaggeefster − 10/05/01, 00:00

recensie AMSTERDAM - Mensen, mensen, mensen. Eindeloze rijen mensen, die plunjezakken en balen voortduwen, tassen loopplanken opdragen of op bundels zitten en wachten. Een aantal van hen blikt verwachtingsvol de lens in. Anderen zijn te zwak.

De beelden zijn afkomstig uit de tentoonstelling 'De oorlog voorbij... Terugkeer en opvang na de Tweede Wereldoorlog', die gisteren in het Verzetsmuseum in Amsterdam is geopend.

Bij een wit betegelde tentoonstellingsmuur houdt het groepje bezoekers stil. In een van de nissen draait een film. Een man wordt door een verpleegster met mondkapje om, uitgekleed. Hij schikt zijn hoofddeksel even, maar zij haalt het geroutineerd van zijn hoofd. Zijn haar is gemillimeterd, zijn ribben zijn te tellen. De man kijkt naar de grond.

Daarna beelden van jonge naakte vrouwen. Een voor een lopen ze langs een geüniformeerde man, die hen met een grote metalen spuit onder de oksels blaast. Een vrouw in wit Rode Kruisuniform schept handenvol wit poeder in de nek van een magere vrouw met donker haar. Even woelen de handen door de haardos. De volgende staat alweer met gebogen schouders te wachten.

,,Ja, zo was het'', zuchten Wim Platte en Renate Kamp. ,,Ik ben drie keer ontluisd'', zegt Platte. ,,Een keer door de Engelsen, bij aankomst in Leeuwarden en nog eens in het diaconessenhuis in Haarlem.''

Platte is Jehova's getuige. Tijdens de oorlog heeft hij in het kamp Neuengamme gezeten. De bevrijding door de Engelsen herinnert hij zich nauwelijks. Hij was te ziek. ,,Het had feest moeten zijn, maar ik was pas 18 en een bangig burgerjongetje. Ik hoorde alleen direct het verschil: de Engelsen hadden een zachte stem, die nazi's hadden harde, schelle stemmen. Die konden alleen maar schreeuwen.''

,,En tellen'', vult Renate Kamp aan. ,,Altijd maar dat tellen.'' Zij overleefde Auschwitz. Voor de oorlog was ze vanuit Duitsland naar Nederland gevlucht. Toen ze weer terugkeerde naar Nederland zei iemand: ,,Wat doe je hier? Als Hitler er niet was geweest, zou je hier niet zijn gekomen. Je moet terug naar Duitsland.'' Kamp: ,,En toen zei ik: ik ga niet''.

De tentoonstelling schetst het Nederland van kort na de oorlog. De verwoesting, chaos en verwarring. De terugkeer-routes komen aan bod en de organisatie van de opvang.

Met een replica van een 'aanmeldingskaart voor gerepatrieerden' kan de bezoeker zelf alle loketten af, van onder meer de gezondheidsdienst, het bevolkingsregister en het 'L.H.': Landelijk Herstel. Die dienst probeerde onder de terugkerenden NSB'ers en SS'ers op te sporen.

Verschillende groepen komen aan bod: ex-dwangarbeiders, joden, repatrianten uit Nederlands-Indië. ,,Deze tentoonstelling draait om verhalen'', zegt Conny Kristel. Zij is directeur van de SOTO (Stichting onderzoek terugkeer en opvang) die de tentoonstelling met het Verzetsmuseum heeft opgezet. ,,Van de joodse groep zijn de verhalen nu vrij bekend, die van zeevarenden en krijgsgevangenen veel minder.''

De SOTO is in 1998 vanuit de overheid opgericht en brengt in november vier boeken uit over de terugkeer en opvang: een algemeen werk (geschreven door historicus Martin Bossenbroek), twee bundels over de besluitvorming en regionale verschillen bij de opvang en een boek vol ervaringen van betrokkenen.

,,Dat er klachten zijn over kilheid en botheid bij de opvang is duidelijk'', zegt Kristel, ,,maar in het boek van Bossenbroek komen ook de problemen en beleidskeuzes aan bod. Het gaat om een evenwicht tussen de verschillende factoren: de materiële verwoestingen, de principes van waaruit de overheid handelde, de logistiek, gezondheid, maar ook de publieke opinie en de internationale politiek. Maar niet iedereen zal de boeken lezen. Wij vonden deze tentoonstelling daarom horen bij onze taak: de verhalen een plek te geven in de Nederlandse geschiedenis.''

mailIcon print |