*

 

Surrealistische spaghettiwestern

Danny Koks − 27/08/01, 00:00

recensie Diverse records zijn er dit jaar tijdens Lowlands in Biddinghuizen gebroken. De langste polonaise ter wereld, een poging ondernomen door Arie Ribbens en een Brabants fanfarekorps, was wellicht de minst tot de verbeelding sprekende. Wat de bezoekers het meest zal zijn bijgebleven, is dat deze editie van Lowlands de warmste ooit was. En het kan haast niet anders of ook de drankomzet is nog nooit zo hoog geweest. Dat kon niet verbloemen dat we met Lowlands 2001 tevens de muzikaal braafste editie tot nu toe hebben gehad.

Het is zaterdagochtend en terwijl de brandende zon de dauw op het gras verdampt, dwarrelen op camping 6 de verstilde klanken van Ennio Morricone's filmscore van 'Once Upon A Time In The West' tussen de koepeltenten door. Hoe toepasselijk. Lowlands had dit jaar nog het meest weg van een surrealistische spaghettiwestern, waarin 57.500 mensen in een woestijnstadje verdwaald zijn geraakt op zoek naar drie dagen vertier. Onder het juk van de onverbiddelijke hitte (drie dagen achtereen werden temperaturen van meer dan dertig graden bereikt) sloffen ze door het Biddinghuizense stof van camping naar festivaltent, op zoek naar drinken, vertier, maar vooral verkoeling.

Uitdrogingsverschijnselen, zonnesteken, mensen die tijdens optredens onwel worden, het dringende advies toch vooral veel te blijven drinken, het maakte net zozeer deel uit van het decor als de Alpha-, Charlie- en Golf-tent. Terreinmedewerkers die de brandslang openden op zwetende sjokkers werden toegejuicht, terwijl anderen van de vijver bij de Alpha-tent een openbaar zwembad maakten. Meisjes die tot aan hun beha uitgekleed waren en mannen in hun boxershorts vervolmaakten het bizarre schouwspel.

Vaak was dat schouwspel interessanter om gade te slaan dan de bands. De eerste dag, vrijdag, was er een van pieken en dalen, met helaas meer van het laatste dan van het eerste. Tricky stond altijd bekend om zijn duistere en intense shows die nogal wat van de toeschouwer vergden, maar de meer toegankelijke koers die hij op zijn nieuwste plaat 'Blowback' vaart, heeft hij nu ook doorgetrokken naar het podium. Zijn felle mix van punk, rock en hiphop begon hoopvol, maar zakte halverwege naar een saai niveau.

Prodigy, de Britse elektropunkers bekend van hits als 'Firestarter' en 'Breathe' en vrijdag de afsluitende act, waren duidelijk alleen naar Lowlands gekomen om hun gage te innen. Nauwelijks drie kwartier duurde hun set (mede ingegeven door technische problemen) en gedurende die tijd presteerden ze het om niet één nieuw nummer te spelen. Van een band wiens laatste album alweer vier jaar oud is, is dat een blamage.

Niet dat het ze zelf of het publiek iets deerde. De tent puilde werkelijk uit, en ook daarbuiten stonden de mensen in rijen dik te dansen op de zware bassen en het opruiende geschreeuw van Keith Flint. Ex-Posies-frontman Frank Black moest het daardoor doen met een nauwelijks half gevulde tent, en dat verdiende hij nu ook weer niet. Zijn mengeling van nieuw werk en Posies-favorieten klonk energiek en overtuigend.

Datzelfde kon gezegd worden van het hoogtepunt van de eerste dag, Muse. Op het podium kwam de bombast van 'Origin Of Symmetry' tot volle wasdom, en bleek dat zanger/gitarist Matthew Bellamy geen studiotrucjes nodig heeft voor zijn indrukwekkend hoge, sopraan-achtige uithalen. Verre van pathetisch -wat op plaat wel eens anders is- en des te overtuigender.

Met de schreeuwerige, aanstekelijke arbeiderspunk van het Iers-Amerikaanse Dropkick Murphys was de koek wel op. Overigens zorgden de fans van die band wel voor wat extra couleur locale, door in groene kilts over het festivalterrein te banjeren.

Zebrahead was te platvloers voor woorden, Mogwai een te bekende klant uit het zalencircuit en de synthipop van Zoot Woman won live weliswaar aan kracht, maar wist nauwelijks een halve Charlie-tent (een van de kleinste van Lowlands) te vullen.

De volgende dag -met nog in het vooruitzicht optredens van Eels, Pulp, The Avalanches, Fireside en de razend populaire Manu Chao- stond vooral in het teken van degelijkheid en een nog feller brandende zon.

Johan speelde, geruggensteund door het succes van de 'tuinkaboutersingle' 'Tumble And Fall', hun fijnbesnaarde gitaarpop met veel passie, maar worstelden met de wetenschap dat sommige van hun meer rustige liedjes live te weinig aan power winnen. De tweede gitarist worstelde op zijn beurt duidelijk met zijn taak het publiek aan te sporen tot meeklappen. Anouk, samen met onder andere Ellen ten Damme, Incense en 16 Down de Nederlandse inbreng zaterdag, gaf een dijk van een liveshow weg, die afwisselend akoestisch en versterkt was. Ze danste alsof de hitte totaal geen grip op haar had, en dat werkte aanstekelijk.

De Amerikaanse rockband Live was ook zo'n publieksfavoriet, die met iedere grote hit meer en meer enthousiasme losweekte. Toch opvallend voor een vooral degelijk optreden, dat een toegift kende in een zoete en voorspelbare cover van John Lennons 'Imagine'.

Echte klapstukken waren er niet, of het moest de neurotische metal zijn van System Of A Down. De zanger schakelde om de haverklap over van heldere zang naar hoog gegil en diep gegrom en weer terug, en kon zich op de dwarse gitaarriffs helemaal uitleven. Een technisch probleem ving de gitarist gehaaid op door het publiek uit te nodigen de band uit te jouwen. De Nederlandse reggaeband Beef was een van de weinige groepen die puur op kracht van hun livereputatie de Charlie-tent tot de nok toe wist te vullen. Geheel terecht overigens, want hun ruim een uur durende optreden werd een groot feest, mede dankzij twee zangers van het Eindhovense United Sounds soundsystem, de komst van Brainpower en naast eigen werk ook veel ska- en rocksteady-covers, onder andere van de Wailers.

De makke van Lowlands dit jaar was dat het de organisatie nauwelijks gelukt was een gedurfde of verrassende programmering neer te zetten. De Mongoolse keelklanken van Yat-Kha of de intense gitaarmuziek van ...And You Will Know Us By The Trail Of Dead mochten dan behoorlijk opzwepend zijn, het was te weinig om de reputatie van Lowlands als vooruitstrevend festival te kunnen dragen. De Nederlandse bands van zaterdag (Anouk, Heideroosjes, Johan, Ellen ten Damme) stonden dit voorjaar vrijwel allemaal op Pinkpop. En natuurlijk zijn Live, Zita Swoon, Placebo en Ash stuk voor stuk uitstekende livebands, alleen: we hebben in voorgaande jaren al zo vaak kunnen constateren dat dat zo is.

Het is niet te hopen dat de 'veilige' programmering een gevolg is van een veranderende houding van het festivalpubliek. Ook dit jaar leek Lowlands weer meer te draaien om consumeren dan om luisteren. Lowlands mag geen excuus worden om drie dagen te kamperen en bier weg te 'hakken', het festival heeft in het verleden vaak genoeg bewezen dat het daar te avontuurlijk en eigenwijs voor is. Gaat de organisatie echter op deze voet door, dan verliest het festival akelig snel zijn positie als koploper. Sneller dan je een liter zweet verliest bij dertigplus graden.

mailIcon print |