*

 

Spanning stijgt voor bedreigde orkesten

Sandra Kooke − 02/02/01, 00:00

recensie Protestacties, petities en persconferenties zijn achter de rug. Beïnvloeden helpt niet meer. De orkesten die zich in de gevarenzone bevinden, wachten lijdzaam af. De commissie-Hierck werkt tot vijf februari in stilte aan de vraag: opheffen die orkesten of niet?

Een sombere gelatenheid hangt over de Nederlandse orkesten. In afwachting van het eindrapport van de commissie-Hierck, dat maandag in Den Haag wordt gepresenteerd, beheersen de ergste scenario's de gedachten van orkestmusici en -directies. Slechts weinigen rekenen erop dat alle orkesten over een jaar nog bestaan.

Een commissie onder voorzitterschap van Hans Hierck, voormalig directeur van het Gelders Orkest en coördinator van Radio 4, kreeg eind vorig jaar de opdracht uit te zoeken hoe het orkestenbestel efficiënter zou kunnen worden ingericht. Aanleiding was een advies van de Raad voor cultuur van mei vorig jaar om twee van de dertien symfonieorkesten en een kamerorkest op te heffen, te weten het Noordhollands Philharmonisch Orkest, het Nederlands Kamerorkest en het Radio Symfonie Orkest. De bespaarde tien miljoen gulden kon naar de kleinschalige ensembles die al jaren op fatsoenlijke subsidiëring wachten. Maar toen de Tweede Kamer in het najaar veertig miljoen gulden extra voor cultuur vrijmaakte, konden de ensembles rechtstreeks extra geld krijgen, en kon het orkestenbestel zonder korting verder.

Eind goed, al goed? Nee, want de raad had ook geconstateerd dat veel orkesten na jarenlange bezuinigingen te weinig geld kregen om hun musici fatsoenlijk te betalen en om de bezetting op juiste sterkte te brengen. De provincie Brabant sprong onlangs Het Brabants Orkest bij met drie ton gedurende drie jaar om de tekorten weg te werken. Een uitzondering, want de rijksbijdrage moet voldoende zijn.

Daarom moet het Orkest van het Oosten, aldus de raad, negen ton extra krijgen, en het Limburgs Symfonie Orkest, het Rotterdams Philharmonisch Orkest en het Residentie Orkest ieder drie ton extra. Het Rotterdams heeft die claim opgevoerd tot een miljoen gulden. De gemeente Rotterdam heeft het orkest namelijk 1,4 miljoen gulden meer subsidie in het vooruitzicht gesteld als het rijk ook een miljoen meer gaat betalen. Daarmee wil het orkest de salariëring van de orkestleden op hetzelfde peil brengen als bij het Concertgebouworkest.

De ongerustheid bleef dus bij de bedreigde orkesten bestaan nadat de kunsten veertig miljoen gulden extra hadden gekregen. En die nam nog grotere vormen aan toen de commissie Hierck gesprekken had gevoerd met enkele orkesten. Met name in Haarlem, waar het Noordhollands Philharmonisch Orkest huist, vrezen orkestleden voor hun baan. Hun bestuur kreeg van de commissie onomwonden te horen dat het orkest kon verdwijnen. De bijna-ruzie tijdens het gesprek is bijgelegd, en de ondernemingsraad van het orkest bewaart betere herinneringen aan een ander gesprek met Hierck. Maar dat nam de indruk niet weg dat de dagen voor dit orkest zijn geteld.

De commissie moet er wel voor zorgen dat belangrijke taken van weggesaneerde orkesten opgevangen worden door andere orkesten, zoals de begeleiding van koren, ballet en opera en de concerten in Noord-Holland en Utrecht. Voor de koorbegeleiding bestaat het Randstedelijk Begeleidingsorkest. De Raad voor cultuur wees zijn subsidieverzoek af, maar naar verluidt draait de commissie Hierck dit besluit terug. Een ander plan dat hardnekkig circuleert, is de fusie van het Noordhollands met het Balletorkest, een voorstel dat al in de jaren tachtig werd gedaan bij een vorige reorganisatie van het orkestenbestel. Bij een fusie kan een deel van de werkgelegenheid van de musici worden gered.

Er is een alternatief voor opheffing. Het kan de commissie niet zijn ontgaan dat de animo in de Tweede Kamer voor het opheffen van orkesten klein is. Het cultuurbudget moet juist worden vergroot, vindt de Kamer. De eerste gelegenheid daartoe is de voorjaarsnota en daar zijn de onderhandelingen inmiddels over begonnen.

De commissie-Hierck heeft de opdracht binnen het huidige budget te blijven. Niets doen en alle orkesten in hun huidige armoedige staat door laten modderen zal geen optie zijn voor de commissie. Aan de andere kant zou het een genante uitkomst zijn als drie orkesten zouden worden opgeheven, juist nu de kans op extra geld groter is dan ooit. Op zijn minst zou de commissie dit moment moeten gebruiken om in haar eindrapport aan te geven hoeveel geld er nodig is om het orkestenbestel op de lange duur te redden van verdere afbraak.

mailIcon print |