,,Op dezen 22sten juli werd het voor ieder duidelijk, wat die holle wegen beteekenen en wie ze onderhield, na ze eerst zoo uitgediept te hebben. Nog geen vijf minuten had de bui geduurd of de weg was een beek geworden. Hier en daar in het midden stak er nog een bultje steen, en aan den rand een boffeltje klei of gras boven uit; maar het water stroomde al wild. De tweede Geulweg staat al geheel en al blank, en bij de samenvloeiing spatten de twee gele stromen tegen elkaar op dat het schuimt; ze gaan samen met kopgolfjes de diepte in. Er komen al draaikolken in, en duidelijk is het waar te nemen, dat er ronde steenen, van een vuist grootte meegaan.''
Het on-Nederlandse mergellandschap van Zuid-Limburg heeft menige natuurliefhebber in laaiende geestdrift gebracht. Eli Heimans beschreef in 1911 het effect van een onweersbui op de krijthellingen bij Epen.
,,Het was geen weg meer; gleuven van een voet diepte, door den stroom uitgeslepen, liepen kris kras door elkaar. Waar een uur tevoren een vaste vuursteenbodem lag, zakten wij weg in een tong van fijn zand: een eindje hoogerop had de stroom een nieuwe bedding gegraven, eerst in den berm en toen dwars door den voormaligen weg heen. Het had hoogens een half uur sterk geregend en toch, wat was hier een ontzaglijke massa leem, zand en steen van de hellingen naar de vallei gevoerd.''
Aan banden gelegd
Ik dacht aan die passages in 'Uit ons Krijtland', toen ik het rapport 'Verborgen valleien' van de Stichting Ark onder ogen kreeg. Er is veel veranderd in Zuid-Limburg sinds 1911. Het door Heimans beschreven natuurgeweld is door mensenhand aan banden gelegd. Holle wegen werden geasfalteerd, kwelgebieden ontwaterd, beken vastgelegd.
Als het aan de Stichting Ark ligt, krijgt de natuur weer vrij spel in verlaten dagbouwgroeven. Dat is iets heel anders dan wat nu gebeurt. Na exploitatie worden de wanden trapsgewijs afgedekt met het grind en het tertiaire zand, die eerst op de kalksteen lagen en bij de mergelwinning voorlopig werden verwijderd. In het daardoor ontstane eenzijdige landschap is nauwelijks plaats voor natuurlijke processen.
De mergelgroeven vormen vaak fascinerende landschappen. Door mensen gemaakt geven ze een doorsnede van de aardgeschiedenis van dit bijzondere stukje Nederland, waar kalksteen ontstond in tropische krijtzeeën, bevolkt door reusachtige saurussen en schildpadden, waar later zand en slib bezonken in subtropische mangrovebossen en woeste rivieren in de ijstijden dikke grindbanken achterlieten.
Wie de enorme dagbouwgroeve van de ENCI in de Sint-Pietersberg aanschouwt, is in de eerste plaats onder de indruk van de grootschaligheid van het landschap. Maar al snel dringt zich de gedachte op dat bij deze moderne mergelwinning veel natuurschoon verloren moet zijn gegaan.
Afwerking met dekgronden
Delen van de ENCI-groeve die niet meer gexploiteerd worden, zijn afgewerkt met dekgronden. D'n Observant is daar het resultaat van, een weinig belangwekkend bos op de Sint-Pietersberg. En dat terwijl de Stichting Ark meent dat de dagbouwgroeven behoren tot de meest bijzondere en soortenrijke ecosystemen van Limburg, misschien van ons hele land. Zij baseert die mening op onderzoek naar de natuurlijke processen in de Curfsgroeve bij Berg en Terblijt.
Als na exploitatie de kale kliffen niet worden afgewerkt (wat wettelijk nog verplicht is), ontstaat een nieuw en voor ons land ongekend landschap. De tientallen meters hoge groevewanden verweren tot kalkrotsen, die begroeid raken met bomen en struiken. Door het samenspel van regen- en grondwater, vorst en plantengroei ontstaan breuken in loodrechte kalkwanden, die nestgelegenheid kunnen bieden aan vogels van bergstreken, zoals gierzwaluwen, zwarte roodstaarten, raven en oehoes. Een paartje oehoes broedde in 1997 en 1998 met succes in een nis van een ondergrondse gang in de ENCI-groeve.
Natuurlijke processen
In de steilwanden begint opnieuw wat Heimans negentig jaar geleden beschreef. Na regenbuien gaat de doorweekte bodem schuiven en vormt afstortende grond enorme puinwaaiers. Nog maanden lang sijpelt daar water uit, waardoor tijdelijke bronnetjes, beekjes en poeltjes ontstaan. Hetzelfde gebeurt als in de lente bevroren bodemlagen ontdooien, die op een nog bevroren ondergrond de diepte in schuiven.
Tijdens slagregens stromen enorme watermassa's van de plateaus naar beneden. Die zullen een sterk uitslijtende werking hebben op plaatsen waar eerdere aardverschuivingen een bres in de groeverand hebben geslagen. Er ontstaan erosiegeulen, droogdalen, de oervorm van de holle wegen, die zo kenmerkend zijn voor Zuid-Limburg. We kunnen met eigen ogen zien hoe het Zuid-Limburgse landschap is ontstaan in een tijd toen nog niets werd beschreven.
Padden en planten
Al terwijl er nog mergel wordt gewonnen, komt de natuur terug. Onaanzienlijke poeltjes worden gekoloniseerd door vroedmeesterpadden. Op min of meer vlakke grond ontwikkelen zich al snel kalkgraslanden, een ecosysteem dat met de daarvoor typerende plantensoorten in het Limburg van nu zeldzaam is geworden. En als de groeve na de winning met rust wordt gelaten, groeit er uiteindelijk weer hellingbos met al die zeldzame planten en dieren die daar thuishoren. Een eindstadium eigenlijk, dat alleen in de van tijd tot tijd in woeste beken veranderende droogdalen de kans krijgt zich te vernieuwen.
Om te voorkomen dat de groeve dichtgroeit met bos en om de biodiversiteit te bevorderen adviseert Ark zo snel mogelijk grote grazers zoals paarden en runderen in te zetten. Die eten liever gras dan de meeste bloemrijke kruiden en nemen in schrale tijden ook ruigtekruiden, struikgewas en jonge bomen voor lief. Ze zorgen zo voor subtiele overgangen tussen bos en grasland, van belang voor veel vogelsoorten, vlinders, kleine zoogdieren en vleermuizen.
Winning stopt
Mede door de commotie in de jaren zestig en zeventig tegen dagbouw op het Plateau van Margraten wordt deze vorm van mergelwinning afgebouwd. Alleen de groeve 't Rooth mag beperkt uitbreiden. Na de winning zullen de groeven als natuurgebied worden beheerd. Straks zal de meeste kalksteen uit het buitenland worden betrokken.
Provinciale staten van Limburg hebben het rapport omarmd en willen nieuwe plannen voor alle grote Limburgse mergelgroeven baseren op de filosofie van 'Verborgen valleien'. Uiteindelijk zal een natuurorganisatie de groeve in eigendom krijgen en kunnen bezoekers genieten van een exotische natuur, in de plaats gekomen van wat door mergeldagbouw verloren is gegaan.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.