recensie Boven mijn bed. Fancultuur in Nederland, Ans Aerts en Ingrid Janssen. Foto's Christel Wolters. Uitgeverij Jan Mets, ¿ 24,50.
Echt 'fan' zijn van een groep, zanger of zangeres, is niet altijd even makkelijk. Er wordt flink wat afgeleden, vooral onder tienermeisjes die alles wat ze meemaken met hun idool zouden willen delen en er zelfs verkeringen voor opzeggen. Maar niet alle fans zijn gillende, flauwvallende meisjes. Ook jongens, veertigers en echtparen geven zich totaal over aan het fan-zijn. Ans Aerts en Ingrid Janssen schreven een boekje over fancultuur in Nederland, met de toepasselijke titel 'Boven mijn bed'.
Het boek beschrijft de geschiedenis van de fanclubs in Nederland, tienermeisjes en hun idolen, de populariteit van groepen die in het Nederlands of dialect zingen - zoals Normaal al 20 jaar doet, en de Osdorp Posse sinds kort met enorm succes - en het 'leven na de dood' van helden als Morisson, Hendrix, Joplin, Presley en last but not least Kurt Cobain.
Ingrid Janssen mocht de fanmail van Doe Maar-fans aan Ernst Jansz lezen. Doe Maar was begin jaren tachtig waanzinnig populair. Meisjes vertrouwen Ernst Jansz echt àlles toe: liefdesverdriet, echtscheidingen van hun ouders, tot aan mishandeling toe. “Het idool vertegenwoordigt een ideaal waar geen enkele jongen die ze kennen kan tippen. Om aan de realiteit en de sleur van het schoolleven te ontsnappen fantaseren ze over deze niet-bestaande relatie.”
Dat is af en toe wel jammer aan het boek: Janssen en Aerts zijn op het onderwerp afgestudeerd, de teksten zijn soms gortdroog. Terwijl de verhalen van de fans vaak erg onderhoudend zijn. Bijvoorbeeld van Elvis-fans Alvin en Kitty.Alvin geeft af en toe een 'showtje tussen de schuifdeuren' in zijn witte Elvis-pak. Dan voelt hij zich ook echt “een beetje als Elvis in Las Vegas”, zegt Kitty.
Op dit moment heeft Cliff Richard (!!!) de grootste fanclub in Nederland met negeneneenhalfduizend leden. Op de tweede plaats staat Ajax, de Beatles op de derde. De kleinste fanclub is die van Steve Harley: twaalf leden. Aerts en Janssen denken wel dat het traditionele fan-dom aan het uitsterven is. Fans ontmoeten elkaar tegenwoordig op de elektronische snelweg. Zo organiseerde Michael Jackson onlangs een 'chat' op Internet. De schrijfsters stellen vast dat deze nieuwe fancultuur vast een stuk veiliger is voor de idolen, maar “een verlies voor de live-versie van de fancultuur, de lichamelijke confrontatie in extase.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.