recensie Wanneer haar moeder ernstig ziek is keert Agnes (Parker) terug naar het gehucht in Nova Scotia waar ze opgroeide. Haar twee oudere zussen die daar zijn blijven wonen wachten haar op. Maar zij zijn te vaak door Agnes' plichtmatige, chaotische bezoekjes teleurgesteld om werkelijk verheugd te zijn.
Zo begint 'Marion Bridge', het speelfilmdebuut van de Duits-Canadese Wiebke von Carolsfeld. Drie volwassen zussen rond een sterfbed, dat belooft een hoogst emotioneel melodrama. Maar de regisseuse stuurt daar niet op aan. Weliswaar worden de zussen aanvankelijk schematisch tegenover elkaar gezet: de oudste is het serieuze, verantwoordelijke type, de middelste een introverte nietsnut en de jongste het losbandige zwarte schaap dat als enige de doodzieke moeder van sigaretten en drank voorziet. Weliswaar wordt er voorspelbaar toegewerkt naar de onthulling van het Grote Familiegeheim. Maar Von Carolsfeld betuigt zich juist een geduldige observator op momenten dat haar personages veel uitdrukken maar weinig zeggen.
Twee zussen samen op de bank. Agnes, aarzelend in een rommelwinkeltje waarvan ze de jonge verkoopster kent. Vooral de 31-jarige Canadese Molly Parker, in eigen land een gerenommeerd en drukbezet actrice, krijgt de kans om weifelend tussen warmte en woede te laveren en grotendeels de toon van de film te bepalen. 'Marion Bridge' -de titel verwijst naar een liedje dat in de film wordt gezongen- verrast nauwelijks maar boeit beslist.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.