recensie ,,Geduld en standvastigheid zullen alles moeten overwinnen', schrijft Fré Melkman-de Paauw op 16 oktober 1945 aan haar moeder in Palestina. Haar zoon Awraham/Kees praat de hele dag over zijn onderduikmoeder, is 'kurig' en lastig met eten. ,,Het zijn toch rare tijden die we meemaken en niet bepaald ideaal voor kinderen (noch voor grote mensen!).'
Over het lot van de joden die de kampen overleefden en terugkeerden naar Nederland, is al veel geschreven. Het is de opgewekt alledaagse toon die de brieven van Fré Melkman-de Paauw tot een aangrijpend document in deze reeks maakt. Tussen augustus 1945 en januari 1946 schrijft ze hoe ze, als 32-jarige teruggekeerd uit Bergen Belsen, langzamerhand de draad van het gewone leven weer oppakt. Maar wat heet gewoon. Haar zoon van vier kent zijn ouders niet, pleegkind Nicky, wiens ouders tot de vermoorden behoren en die met Fré en haar man de ontberingen van de concentratiekampen doorstond, moeten ze afstaan aan een verre oom en tante. Intussen beijveren ze zich om andere verweesde verwanten in huis te krijgen. ,,Ons gezin is nog steeds in opbouw; op den duur groeit alles wel tot een eenheid.' (december 1945).
Ze sprokkelen huisraad bijeen, van lieverlee komen er wat spullen terug die aan niet-joodse buren en kennissen in bruikleen waren gegeven. Lang niet alles, trouwens. Maar de familie in Palestina die zich bekommerd afvraagt waar de fruitmessen toch gebleven zijn, krijgt te horen dat ze 'blij moeten zijn dat we er heelhuids doorgekomen zijn'.
De opgeruimde toon maakt het leed tussen de regels door des te schrijnender. Voortdurend wordt min of meer terloops gemeld wie niet zijn teruggekomen. Bijna nijdig is Fré als haar lichaam het alsnog laat afweten en ze in november een miskraam krijgt. ,,Ik dacht dat we de narigheid zonder kleerscheuren waren doorgekomen en voel me diep teleurgesteld.'
Wat het boek vooral duidelijk maakt, is dat er voor de teruggekeerde joden geen Stunde Null bestond, zoals de Israëlische historicus Dan Michman (zoon van Fré) in zijn inleiding schrijft. De periode in de kampen werd niet in mei 1945 afgesloten waarna de wederopbouw kon beginnen, zoals de geschiedschrijving gewoonlijk wil. De herinnering wijkt geen moment. ,,Ook als het lijkt dat we onbezorgd pret hebben, als we ernstig bezig zijn met heel andere onderwerpen, steeds staat de grote schaduw op de achtergrond. Zonder enige overgang zegt soms plotseling iemand iets met betrekking tot de achter ons liggende droeve dingen, en de anderen sluiten erbij aan alsof het gesprek over niets anders gegaan is.'
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.