recensie Platenmaatschappij PentaTone heeft een oogje op dirigent Yakov Kreizberg. Dat is goed nieuws voor het Nederlands Philharmonisch Orkest (NedPhO), waar Kreizberg chef-dirigent is, want dat betekent dat er cd-opnamen van het orkest gemaakt zullen worden. Maandagavond werd een concert in het Amsterdamse Concertgebouw live opgenomen.
Terwijl de opnames, die werden gemaakt van Hartmut Haenchens Mahlercyclus, nog op uitgave wachten, komt de opname die het NedPhO onder Kreizberg van de vierde symfonie van Schmidt maakte, binnenkort uit. En daarna volgt de opname van maandagavond met werken van Vasks, Liszt en Dvorak. Op papier lang niet zo interessant als Haenchens Mahlercyclus, maar PentaTone brengt alleen superaudiocd's uit en de concerten van Haenchen werden met oudere technieken opgenomen. Bovendien is Kreizberg hip en een belofte voor de toekomst.
Met zijn chef-dirigent heeft het NedPhO meer geluk dan met zijn aanstaande gastdirigent Hans Vonk. Hij moet de concerten die hij dit seizoen met het Nederlands Kamerorkest (een onderdeel van het NedPhO) speelt, afzeggen vanwege een onregelmatig opspelende spierziekte. Vonk heeft ook de directie van Webers opera 'Euryanthe', die hij in juni met het Concertgebouworkest bij De Nederlandse Opera zou doen, teruggegeven. Claus Peter Flor neemt daar zijn plaats in. Volgend jaar zal Vonk dus niet als vaste gastdirigent van het NedPhO bij het kamerorkest beginnen. Want het risico dat hij moet afzeggen, is te groot.
Maar met Kreizberg in de gelederen valt er genoeg te genieten bij het NedPhO. Maandag leverde hij een prachtig geconcentreerde 'Cantabile voor strijkers' van Peteris Vasks af, waarin hij zijn affiniteit met dit stuk duidelijk liet merken. Met pianist Alfredo Perl vormde hij een mooi duo in het eerste pianoconcert van Franz Liszt. Perl deed zijn naam eer aan in parelende virtuoze loopjes, maar overtuigde vooral door zijn muzikale aanpak in de lyrische gedeelten van het werk.
In de Negende symfonie ('Uit de nieuwe wereld') van Antonin Dvorák was het beste te horen waarom Kreizberg naam maakt, want dit werk klonk echt 'af'. Kreizberg heerste in dit werk als een vorst. Met grote concentratie en een kristalheldere slag leidde hij het orkest door dit werk. Zoals vrijwel alles wat hij dirigeert, kreeg de symfonie onder zijn handen een majestueus karakter. Dat heeft te maken met zijn ritmische precisie en de waardige tempi die hij kiest: Kreizberg laat geen ruimte voor geschmier. Zo werd het Largo redelijk snel gespeeld. Toch klonk het door de lucide strijkersklank en de mooie houtblazers sfeervol en intiem.
Het is begrijpelijk dat Kreizberg het orkest strak wil leiden. Het leidt soms echter tot een wat statisch resultaat. Het zou interessant zijn te horen wat er gebeurt als hij de teugels een beetje laat vieren. Dan zouden de horizontale lijnen in de muziek misschien wat meer ruimte krijgen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.