*

 

Globalisering is niks nieuws

Maarten Prak − 01/11/03, 00:00

recensie Het blijft een spannend streven om in één boek de geschiedenis van de hele wereld te schrijven, vanaf de geboorte van homo sapiens. En het was geen gek idee om als rode draad de contacten tussen menselijke gemeenschappen te nemen, het steeds dichtere web van menselijke verbindingen over de aardbol. Maar het boek van vader en zoon NcNeill is toch niet helemáál gelukt.

In 1348 en '49 verspreidde zich vanuit de Mongoolse steppen een ziekte door Azië en Europa. Die ziekte, de builenpest, ook bekend als de Zwarte Dood, heeft naar schatting aan een kwart tot een derde van de toenmalige Europese bevolking het leven gekost.

De pest verspreidde zich via rattenvlooien; dat die zich zo snel konden verspreiden, was te danken aan de reeds toen bestaande handelscontacten tussen Azië en Europa. De dodelijke tocht van de pest valt precies te volgen, langs de routes die kooplieden gebruikten. Voor wie het nog niet wist: 'globalisering' is niks nieuws. Vader en zoon McNeill hebben die gedachte als uitgangspunt gebruikt voor hun boek over de geschiedenis van de mensheid.

Dat boek is een tour de force. In 350 bladzijden tekst de evolutie te beschrijven van de menselijke soort sinds zijn emancipatie van de mensapen, ergens tussen twee en vier miljoen jaar geleden, vergt een indrukwekkende belezenheid. Daar ontbreekt het niet aan bij dit schrijversduo. Vader William H. McNeill is een oude rot in het vak als het om grote historische onderwerpen gaat. Hij schreef eerder onder andere boeken over 'de opkomst van het Westen', over de geschiedenis van de oorlog en militaire technologie in de afgelopen duizend jaar, en over de geschiedenis van epidemieën. Zoon J.R. McNeill schildert doorgaans van een bescheidener palet: hij is vooral een specialist in de recentere milieugeschiedenis.

Behalve belezenheid vereist een dergelijk boek ook het vermogen om hoofd- en bijzaken te onderscheiden. Dat kan alleen door een helder thema te kiezen dat de wederwaardigheden van de mensheid op alle continenten en over een lange periode met elkaar in verband kan brengen.

Dat thema menen de auteurs gevonden te hebben in het 'menselijk web'. De parallel met het internet is evident en misschien een tikje gewild, maar potentieel zeker aantrekkelijk. De zienswijze van de McNeills heeft alvast als groot voordeel dat die de onderlinge betrekkingen tussen mensen centraal stelt en niet een ongrijpbare kracht als het klimaat, of de opkomst en neergang van beschavingen, twee verklaringswijzen die in het verleden tot ongewenst determinisme en smakeloze uitingen van Westers superioriteitsbesef hebben geleid.

Het belangrijkste 'web' in hun boek is dat van de 'Oude Wereld'. De Oude Wereld omvat grofweg Azië en Europa en hij is oud omdat in het Midden Oosten voor het eerst de landbouw ontstond (ruwweg twaalfduizend jaar geleden). Die landbouw bood mensen de mogelijkheid om zich permanent op een vaste locatie te vestigen en daar steeds ingewikkelder samenlevingen op te bouwen. Dat gebeurde vervolgens zowel ten oosten als ten westen van die bakermat van de menselijke beschaving.

In Afrika beneden de Sahara, in de Amerika's en op de eilanden in de Stille Oceaan ontstonden op den duur vergelijkbare samenlevingen, maar die bleven kleiner en waren ook daardoor minder succesvol. In de loop der eeuwen ontstonden steeds meer 'draden' binnen en tussen die verschillende webben. Vanaf ongeveer 1500 raakte dat proces in een stroomversnelling, als gevolg van de ontdekkingsreizen (altijd met commercieel motief) van de Europeanen, die vervolgens een wereldomspannend web creëerden, onder hun eigen leiding.

Na de achttiende eeuw nam, dankzij de Industriële Revolutie, de verdichting van dat wereldwijde web exponentieel toe. Van dat proces is de huidige globaliseringsfase tegelijkertijd het bewijs en een volgende stap.

Dit verhaal is inderdaad niet in alle opzichten verrassend. Vanaf het vertrekpunt van het 'menselijk web' heeft de hele exercitie iets voorspelbaars. Hoe komt dat? Is het omdat door al dat weglaten een boek als dit soms een beetje te schematisch wordt? Zinnen als ,,Mohammed had een nieuwe en zeer aantrekkelijke boodschap, die via het web tot in alle uithoeken van de wereld zou doorklinken'' (blz. 96) verhelderen weinig. Het boek telt er nogal wat van.

Het échte probleem van 'Het menselijk web' is misschien toch dat de auteurs hun eigen, aardige idee niet voldoende serieus hebben genomen. Het internet vereist twee dingen om te kunnen functioneren: een infrastructuur van servers en kabels, die alle stations met elkaar verbindt, en een taal om ze onderling te laten communiceren.

Het boek bevat over deze onderwerpen interessante gegevens. Zo wordt gesuggereerd dat de Chinese economie in zichzelf gekeerd zou zijn door de goede binnenlandse verbindingen. En dat de samenlevingen in het Midden Oosten een enorme sprong voorwaarts konden maken door de uitvinding van het kamelenzadel, ongeveer 200 na Chr., waardoor dit dier plotseling veel geschikter werd voor het vervoer van goederen en mensen door onherbergzame gebieden. En dat de Amerikaanse culturen daarentegen lang te lijden hadden van het feit dat de lama als lastdier veel beperkter was dan de kamelen van de Arabieren en de paarden van Aziatische steppevolken en later de Europeanen. Later horen we over scheepvaarttechnologie en de aanleg van telegraafkabels.

Maar om het verhaal van het menselijk web overtuigend te vertellen, hebben we een systematische beschrijving nodig van de infrastructurele mogelijkheden voor contact, en van de taalbarrières die tussen de verschillende culturen geslecht moesten worden. Welke taal werd er gesproken bij de handel tussen Aziaten en Arabieren, hoe verstonden Indiërs en Afrikanen elkaar? In Europa was er een zekere taalkundige eenheid dankzij het Latijn. Maar dat was een geleerdentaal en een kerkelijke taal, die niet gebezigd werd in het dagelijks verkeer. Welke problemen gaf dat en hoe werden ze opgelost?

Soortgelijke vragen kan men stellen aan de media: natuurlijk was de uitvinding van de boekdrukkunst van groot belang, maar hoe gaf die vorm aan de ontwikkeling van het menselijk web? Nu wordt er bij voorbeeld uitvoerig ingegaan op de ontwikkeling van de belangrijkste godsdiensten, maar wat dat met de hele web-gedachte te maken heeft, blijft onduidelijk.

Het is misschien typerend dat het verhaal over de pest uitvoerig te lezen valt in een eerder boek van William McNeill, maar hier in een paar regels wordt afgedaan en nauwelijks gebruikt om de samenhang in het 'Oude-Wereldweb' te verduidelijken. Daarmee hebben de McNeills een kans laten liggen om hun imposante geleerdheid nog effectiever aan te wenden.

mailIcon print |