*

 

Een stabiel buitenbeentje

Wil Rouleaux. − 25/01/03, 00:00

recensie Elisabeth Mann Borgese (1918-2002), de jongste dochter van Thomas Mann, was binnen die verbazingwekkende familie een buitenbeentje. Als enige lukte het haar een leven op te bouwen buiten de invloedssfeer van Thomas Mann, buiten de wereld van literatuur en kunst. Ook bleef ze als enige binnen het gezin verschoond van de spanningen tussen begaafdheid en labiliteit. Elisabeth was anders dan haar geëxalteerde zus Erika, verschilde van de introverte en eenzame Golo (met wie ze het desondanks uitstekend kon vinden) en had weinig gemeen met haar van drugs of alcohol afhankelijke broers Klaus en Michael, die beiden door zelfmoord omkwamen.

Elisabeth veroorzaakte nooit problemen en 'beschikte over een gezonde, pragmatische geest', aldus haar biografe Kerstin Holzer. Maar waar die instelling vandaan kwam, weet ook zij niet precies. Misschien was het de invloed van haar stabiele en nuchtere moeder Katia, op wie Elisabeth met haar bruine ogen en serieuze gelaatstrekken van alle kinderen nog het meest leek. Misschien was het ook de onverdeelde liefde die haar van vaders kant ten deel viel; in zijn dagboeken valt geen wanklank over 'Medi' te bespeuren en zijn novelle 'Gesang vom Kindchen' (1919) is een regelrechte ode aan zijn dochter. Klaus Mann noemt Elisabeth in zijn autobiografie 'Het keerpunt' dan ook 'de uitgesproken lieveling van vader'.

Elisabeth Mann voltooide een opleiding tot concertpianiste (Rudolf Serkin behoorde tot haar leermeesters), maar heeft dit beroep nooit uitgeoefend. Tot ver in haar volwassen leven was ze naar eigen zeggen buitengewoon geremd en verlegen. Haar eerste (ongelukkige) liefde betrof de zeventien jaar oudere Fritz Landshoff, die bij uitgeverij Querido in Amsterdam de Duitstalige emigrantenafdeling leidde. In 1939 trouwde ze met de zesendertig jaar oudere Italiaanse literatuurwetenschapper Guiseppe Antonio Borgese ('Ik wilde tegen iemand kunnen opkijken'), met wie ze twee dochters grootbracht. Na het vroege overlijden van haar man in 1952 werkte Elisabeth Mann als politicologe aan diverse wetenschappelijke instituten in Amerika en Italië. Sinds 1980 was ze hoogleraar in Halifax in Canada, zonder ooit een universitaire graad te hebben behaald.

Mann Borgese publiceerde boeken over dieren, de positie van de vrouw alsmede enkele bundels met literaire verhalen. Maar haar intellectuele hoofdthema vormde de bescherming van de wereldzeeën. Ze werd oprichtster van het internationale Oceaan-Instituut op Malta en speelde een belangrijke rol bij de VN-Zeerechtconventie van 1982. Als 'ambassadrice van de zeeën' genoot ze internationale waardering.

Soms is Kerstin Holzers biografie nogal oppervlakkig. Over Thomas Mann klinkt het ergens: 'De schrijver droeg een gevoel van melancholie met zich mee.' Ook de Nederlandse titel 'Tovenaarsdochter'is aanvechtbaar -Mann Borgese zou daar nooit toestemming voor gegeven hebben. Daar staat tegenover dat Holzer een heldere en uiterst toegankelijke studie over een bewonderenswaardige vrouw heeft geschreven. Een boek dat je graag aanbeveelt.

mailIcon print |