*

 

Zeulende zielen in het magazijn

Arend Evenhuis − 11/01/03, 00:00

In de erezaal van het Stedelijk Museum in Amsterdam is het plafond naar beneden gekomen. Beeldend kunstenaar Aernout Mik verlaagde de ooit zo hoge en ruime rechthoek tot krap drie meter hoog, en verdeelde die in twee compartimenten: een voor toeschouwers, de andere voor figuranten en toneelspelers van Toneelgroep Amsterdam.

'In two minds' heet zijn installatie, en in ieder geval de titel is trefzeker gekozen. Want de toeschouwer is in het magazijn van een supermarkt beland. Metalen schappen langs de wanden torsen toiletpapier, flessen ketchup, pakken pasta, drie-literblikken erwten en zes-literblikken olijfolie. Een doorzichtig plasticgordijn scheidt de twee afdelingen, en maakt zo ruimte voor de eerste 'twee gedachten': de passieve toeschouwer die in de ene magazijnhelft naar de winkelende toneelspelers in de andere helft staat te kijken.

Maar winkelen is bij Mik amper winkelen te noemen. De toneelspelers lopen voortdurend kriskras door hun magazijn, beklimmen de schappen, halen er artikelen uit om die op een plank schuin aan de overkant terug te zetten, en frunniken minutenlang een zak rijst of pak toiletpapier open. Ook in plunderen zijn Miks winkelende personages weinig tekstvast: die maken niet dat ze wegkomen met hun geroofde zooi, maar gaan er oeverloos mee zeulen, smijten, en stampen of scheuren die tot kruimels en snippers toe fijn.

Het zijn drieste tiepjes, deze zeulende zielen die in het magazijn zijn samengekomen. Ze lijken zich niet bewust van hun eigen gevangenschap, vrolijk zijn ze zeker niet, en toch krijg je nog geen seconde met hen te doen.

Een derde en vierde 'twee gedachten' wordt als video op het doorzichtige gordijn geprojecteerd. Daar opnieuw diezelfde zeulende zielen, maar nu gestileerder. Mik toont zijn gefilmde en toneelgespeelde magazijnklanten beurtelings, met een frequentie van hooguit een paar seconden. Daardoor sta je letterlijk al gauw met de ogen te knipperen, maar niet uit bewondering. Ook niet uit het juist zelfverworven inzicht dat je 'naar twee werelden' staat te kijken.

Artistiek leider van Toneelgroep Amsterdam Ivo van Hove vroeg Aernout Mik voor deze installatie of videoperformance, en leende de beeldend kunstenaar toneelspelers uit. Van Hove is verzot op wat hij kruisbestuiving, of nog erger: 'cross over' tussen verschillende kunstdisciplines noemt. Maar hij zegt er nooit bij waarom dat zo belang- of indrukwekkend is. Waarom toneelspelers verdoeld in een museum in een magazijn moeten rondsjokken. En waarom museumbezoekers daar een uur (!) naar moeten kijken. Als 'kritische aanklacht tegen de consumptiemaatschappij in het algemeen en vereenzaming van het individu in het bijzonder'? Laat me nou toch alsjeblieft niet in hoongelach stikken.

mailIcon print |