recensie Scott Turow wordt beschouwd als de uitvinder van de legal thriller. Met zijn eerste boek 'Presumed Innocent' ('De Aanklager') vergaarde hij grote roem. Hij heeft intussen nog vijf romans geschreven, maar geen kon de eerste evenaren. Ook 'Cassatie' niet, hoewel hij wat spanning betreft een heel eind komt. De intrige is bijna klassiek: de advocaat Arthur Raven wordt aangeworven om het laatste beroep te onderzoeken dat Rommy Gandolph heeft ingesteld tegen zijn executie wegens moorden die hij tien jaar daarvoor heeft gepleegd. Raven ziet er weinig in: Rommy zegt dat hij onschuldig is, maar ja, dat zeggen ze allemaal. Maar dan komt er nieuw bewijs: een stervende man verklaart dat hij schuldig is. De aanklager komt evenwel met gegevens, die de bekentenis weer onderuithalen. En zo begint een parcours vol haarspeldbochten, dat wordt afgelegd met de dood voor ogen. Als dit boek één ding duidelijk maakt dan is het wel hoe gruwelijk dat is: het kat-en-muisspel tussen aanklager en verdediger; het zoeken naar mazen in de wet en fouten in de procedure; het elkaar vliegen afvangen met als doel iemand die misschien onschuldig is van de dodencel naar de executiekamer te brengen of iemand die misschien schuldig is en misschien weer schuldig zal worden van de dodencel naar de vrijheid. En hoe gruwelijk de onherroepelijke doodstraf is. En ook, maar dat is misschien onbedoeld, hoe gruwelijk het leven van de mensen die een dikbelegde boterham verdienen aan de juristerij. Hu hu wat een vak.
Het is op zichzelf al een genot om vanuit een goed verwarmde huiskamer te lezen over mensen die ondanks koude-werend ondergoed, drie dikke truien en een met dons gevoerde parka lopen te vernikkelen in het ijs en de sneeuw. Daarom lees ik zo graag boeken die in Canada spelen, of in de noordelijke staten van Noord-Amerika. Maar dat is waarachtig niet het enige pluspunt bij het lezen van het boek met de mooie titel 'Veertig Woorden voor Verdriet' van Giles Blunt. Het gaat over serie-moordenaars, maar uit de titel blijkt al dat er minstens zoveel aandacht wordt besteed aan de slachtoffers dan aan de daders. Die slachtoffers zijn onschuldige tieners en wie de daders zijn weten de lezers allang voor de politie het weet: het zijn een abjecte sadist met zijn weinig minder abjecte... vriendin kun je haar nauwelijks noemen, ze is zijn slaafje. Giles Blunt maakt ons deelgenoot van de angst en de pijn van de kinderen en het onpeilbare verdriet van de ouders. Dat, en het citeren van de lievelingsliteratuur van de dader (een boek over martelingen) maakt 'Veertig Woorden voor Verdriet' misschien minder geschikt voor teerbesnaarde zielen. Maar nu ja, die lezen meestal toch geen thrillers. Ik heb slechts één punt van kritiek: het einde is wat te spectaculair voor de ingehouden nostalgie van de rest vam het boek. Maar dat doet weinig af aan mijn bewondering.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.