recensie De hoofdpersonen in 'Verknipt', het nieuwe boek van Peter de Zwaan, maken elkaar het leven zo zuur mogelijk. Dat is begrijpelijk, want het is een stel etterbakken bij elkaar. Zo is daar boze Nillie, na twee huwelijken eenzaam op een kaal huurkamertje. Haar eerste ex-man, die op haar kosten studeerde terwijl zij werkte, woont nu in een villa-met-zwembad-aan-het-park. Haar tweede man is vertrokken naar een land met een prettig klimaat. Nillie heeft geen alimentatie, geen kinderen en geen liefde. Ze heeft wel gigantisch de pest in en kennelijk geen zin om wat van haar leven te maken. Gelukkig heeft ze een strak lijf, ondanks haar 45 jaar -over een uitgezakte zure taart willen we niet lezen- en een merkwaardig scheef gezicht dat mannen aantrekt, waar Nillie haar voordeel mee doet. Haar ex-man Chris is ook niet veel soeps; hij is dik en zijn adviespraktijk kwijnt. De villa deelt hij met fotograaf Leo, die modellen fotografeert voor tijdschriften, aanvankelijk mode, allengs het ranziger werk.
Een sleetse boel dus, dat fout volk aantrekt, zoals onderwereldgrootheid Vinnie. Die wil met Leo pornofilms gaan maken. Nillie, die iedere nacht de villa door een verrekijker vanuit het park begluurt, wordt bozer en wraakzuchtiger. Via haar sportschoolconnecties regelt ze een bus pepperspray en een pistool, kruist het pad van Vinnie en werkt zich steeds verder in de nesten.
De lezer heeft dan nog steeds geen greintje sympathie gekregen voor Nillie en snapt niet waar ze zich zo druk over maakt. Halverwege het boek is het punt bereikt dat iedereen elkaar dood wil maken en daartoe plannen smeedt. Voor de lezer komt dat goed uit. Die verlangt inmiddels grondig naar een shoot-out, die best kort mag zijn, als het maar effectief is. Maar dan moddert het verhaal nog tientallen bladzijden door - vlotgeschreven, maar zonder pit.
De plot zit overigens wel knap in elkaar. Peter de Zwaan is dan ook niet de eerste de beste thrillerschrijver, hij won in 2000 de Gouden Strop voor zijn boek 'Het Alibibureau'. Aan het einde van het boek komen alle moordplannen samen en vallen de puzzelstukjes op hun plaats. Technisch gezien is dat een prestatie, maar het levert niet meer plezier op dan het lezen van een politierapport. Wat mist in het boek is iemand die de boel ordent. Een speurder, of een verteller aan de kant, of iemand die aan de hand van de vermoorde personen reconstrueert wat er is gebeurd. De schrijver houdt de lezer te veel op afstand. Die krijgt geen enkele taak; hij hoeft niet iets te onderzoeken, te ontdekken of met iemand mee te leven. En voor het passief volgen van mensen die de ene stommiteit na de andere uithalen lezen we de krant, niet een thriller.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.