recensie Vorig jaar werd de jonge Engelse pianist Paul Lewis wereldwijd gelauwerd voor zijn opname van de twee laatste sonates van Schubert. In Nederland kreeg hij er een Edison voor. Platenmaatschappij Harmonia Mundi deed hem daarna een mooi aanbod: hij mag de komende twee jaar alle 32 Beethovensonates opnemen. Zo'n serie in deze tijd van cd-malaise is een bijzonderheid. Reden om in Tilburg te luisteren, waar Lewis drie sonates van Beethoven en één van Schubert liet horen.
Lewis rondde zijn opleiding aan de Guildhall School of Music in Londen af bij Alfred Brendel, die hem vanwege zijn bijzondere talent onder zijn hoede nam. Lewis' spel lijkt desondanks in niets op dat van Brendel. Maar ze hebben wel dezelfde serieuze benadering van de muziek. Show is ver te zoeken bij Lewis. Zo onopvallend als de kleine gestalte met de donkere krullen in zijn donkere overhemd eruitziet, zo afwezig is zijn ego in de muziek.
De rustige delen van de Beethovensonates, waarin de componist een landelijk karakter tentoonspreidt, zijn het beste af bij Lewis. Door een vrij hoog tempo te kiezen, kan Lewis de melodieën een natuurlijke zangerigheid mee geven. In het tweede deel van Beethovens opus 90 was Lewis daardoor als een vis in het water. Ook in het eerste deel van opus 31 nr.3 kon Lewis met mooi uitgevoerde kleine motiefjes van Beethoven een boeiend verhaal vertellen. Enige oplettendheid van de luisteraar is dan wel nodig, want Lewis zal nergens met speciale effecten of overdrijving de aandacht vragen. Zijn spel is eerlijk als goud en technisch nagenoeg perfect.
Dat is op zichzelf een mooie grondhouding voor een musicus. Maar in de steviger passages van Beethovens sonates mist er toch iets. Beethoven moet af en toe meer power hebben dan Lewis geeft. Dat zit 'm niet alleen in het ontbreken van kracht, maar ook in een weinig gedifferentieerde aanslag. Echt diep in de toon speelt Lewis bijna nooit.
Ook bij de Schubertsonate D 960 ontbrak het aan diepte in de klank. Het langzame deel was prachtig van opbouw en doorgaande lijn, maar de snelle delen misten sprankeling. Daarnaast zou Lewis' spel toch gebaat zijn bij een wat uitgesprokener karakter en meer urgentie. In kamermuziek is zijn bescheiden opstelling prima, maar in een grotere zaal dan die in Tilburg zal er te weinig van zijn spel overblijven.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.