*

 

Youp kan diamant laten schitteren zoals hij dat wil

Rinske Wels − 08/02/07, 00:00

opinie

’Schreeuwstorm’ van Youp van ’t Hek. Adviezen: Joop Koopman, muziek: Ton Scherpenzeel. Te zien: vanavond in Gouda. Maandag t/m woensdag in Hoorn. Tournee t/m 23 juni. Zie: www.youp.nl voor informatie.

Een groot, kaal toneel. Dan komt de cabaretier het podium op met een huifkar, hij sjokt een beetje. „Het circus Youp is weer op tournee. Ik ben de directeur, de clown en alle dieren. En dat al dertig jaar.” Hij vertelt dat hij alle hoeken van het land wil kietelen met zijn onschuldige grapjes. Om meteen daarna zich af te vragen of er dan ook schuldige grapjes bestaan.

Een van de thema’s in de nieuwe show ’Schreeuwstorm’ van Youp van ’t Hek is de immer draaiende media-mallemolen die cabaretiers voortdurend nodig hebben voor meninkjes, grappen en satire. „Ons land is dichtgecabaret.”

Het lijkt wel of Youp zichzelf daarmee in een spagaat plaatst: aan de ene kant is hij zo ongeveer de populairste cabaretier van Nederland, aan de andere kant wil hij niet altijd meedoen aan die mallemolen. Maar omdat hij naast cabaretier ook Bekende Nederlander is, hebben ’zij van de media’ wel zijn telefoonnummer en wordt hij gebeld voor de meest onzinnige programma’s en liggen paparazzi op de loer.

In ’Schreeuwstorm’ is Youp van ’t Hek persoonlijker dan voorheen. De blik is wat meer naar binnen gericht, de onderwerpen voor de grappen liggen dichter bij huis: de ingedutte huwelijken, het burgerlijke bestaan waar Youp natúúrlijk niet aan meedoet en de rijken die zo nodig altijd moeten laten zien dat ze veel geld hebben. Youp zeikt ze om die reden af, maar laat niet na in bijzinnen steeds te vermelden dat hij er zelf ook meer dan warmpjes bij zit. Zelfspot of blinde vlek?

Ik schreef al eerder: wat Youp doet, doet hij goed. Hij weet als geen ander een zaal te vermaken door grap na grap af te vuren. Een pure vakman die een constante kwaliteit levert. Hij heeft een aantal vaste thema’s op zijn repertoire die eens in de zoveel tijd terugkeren. Wat dat betreft lijkt hij in het bezit van een diamant waarvan hij steeds een ander, secuur geslepen vlakje kan laten schitteren door er zijn licht op te laten vallen.

Een thema dat in vorige voorstellingen vaak terugkeerde – onze buiken zijn rond van welvarendheid en nog is het niet genoeg – heeft Youp dit keer losgelaten. Een losse opmerking over ’hongernegers’ hier en daar is alles.

Eerder verwijst hij naar zijn dromen van vroeger. Hij verhaalt over zijn eerste keer Carré. Hij was negen jaar en zag Toon Hermans optreden. Hij keek niet naar Toon maar naar die mensen die moesten lachen. Dát wil ik ook, dacht hij. Hij maakte die droom waar, stond in 1995 voor het eerst zelf in Carré en moest toen concluderen dat het „een beetje tegenviel”. En: „Wat moet ik hierna nog dromen?”

Maar Youp zou Youp niet zijn als hij niet iets anders vond, een nieuwe droom: hij wil altijd wakker blijven. En hij roept ons op hetzelfde te doen: „Ga maar naar huis, je eigen dromen dromen.”

mailIcon print |