*

 

Zoveel drinken als er in een drankorgel gaat

Diane Romashuk − 19/05/07, 00:00

Bij het woord ’drankorgel’ doemt spontaan een beeld op van iemand die zich de geneugten van alcohol graag laat welgevallen. Die zelden in nuchtere toestand wordt aangetroffen en na de ontmoeting al slingerend zijn weg naar huis vervolgd.

Het achterhalen van de oorsprong van de term, blijkt daarentegen een ware hersenkraker. Het gezonde verstand maakt de associatie met een muziekinstrument niet helderder. ’Zuiplap’, luidt een evenmin uitkomst biedende vertaling in de Van Dale. En in de internetencyclopedie Wikipedia ontbreekt het woord volledig, zodat velen nooit verder komen dan het optrekken van één wenkbrauw.

In het Friese dorpje Exmorra weten ze het antwoord wel. Daar staat, in de gang van het museum in de grutterswinkel, een authentiek drankorgel uit 1850. Het blijkt een uit drankvaten bestaand bouwsel in de vorm van, jawel, een orgel. Uit grotere vaten werd vroeger de drank naar de vaten van het orgel overgepompt. Daarin zaten kranen waarmee je in een maat kon tappen.

Hoe de huidige gebruiksvorm van het woord tot stand kwam, beschrijft Gerrit Jansen in zijn boek ’Ballonen en Brood’ uit 1986. Daar scholden ze vroeger iemand voor uit die te veel dronk. Dat was iemand die zoveel gedronken had als er in een drankorgel ging.

Het exemplaar in Friesland was oorspronkelijk van de bekende Douwe Egberts de Jong in Joure. Op alle dagen kochten mensen drank in zijn slijterij, inclusief de zondag. Dat laatste druiste in tegen het familiegeloof en daarom werd het drankorgel verkocht. De firma die het orgel toen in bezit kreeg, stopte in 1960 met de slijterij. Via een antiquair uit Lemmer kwam het daarna bij restaurateur Yde Schakel terecht.

Schakel verzamelde voorwerpen uit vervlogen tijden. Hij kocht ook het huisje in Exmorra uit 1885. De kruidenier die er had gewoond, was naast grutter ook schoolmeester en slijter geweest. Een prima plek dus voor het drankorgel.

Maar Schakel had hele andere plannen met het pand. Pas toen hij tijdens verbouwingswerkzaamheden een opstel vond van een leerling die er ooit in de schoolbanken had gezeten, besloot hij het in de oude staat terug te brengen. Later werd het pand onderdeel van de in 1971 door hem bedachte Aldfaers Erf Route, een museumroute langs historische gebouwen in vier dorpjes in Friesland.

Alle musea op de Aldfaers Erf Route zijn open van 1 april t/m 31 oktober (m.u.v. maandag). De entreeprijs voor volwassenen is euro9,50. Kinderen van 5 t/m 14 jaar betalen euro4,50. www.aldfaerserf.nl

mailIcon print |