Nijmegen staat te kijk in heel Nederland, maar wethouder Paul Depla weigert opening van zaken te geven over een privézaak
Burgemeester Thom de Graaf van Nijmegen verdedigt de grens tussen privé en publiek. Politici hoeven geen verantwoording af te leggen over privézaken, zei hij gisteravond in het debat dat de Nijmeegse gemeenteraad voerde over de ’seksrel’ rond wethouder Depla. „Als iets privé is, verandert dat niet door veel media-aandacht”, aldus de burgemeester. „Ik zal die grens niet overgaan, niet alleen in het belang van de wethouder, maar ook in het belang van u allen en van de stad.”
De Graaf reageerde daarmee op opmerkingen van diverse raadsleden die zich zorgen maken over het imago van Nijmegen. „Mijn stad staat te kijk in Nederland”, aldus oppositieleider Rob Bloem (CDA), die er bij Depla (PvdA) op aandrong duidelijkheid te verschaffen. Dat vroeg ook raadsnestor Ben van Hees (Nijmegen Nu), die de wethouder vroeg ofwel spijt te betuigen ofwel te verklaren dat er niets is gebeurd in de fietsenkelder van het stadhuis, waar Depla in juni betrapt zou zijn bij seksuele escapades met een VVD-raadslid. „In beide gevallen is de kous af, maar uw hardnekkig stilzwijgen is schadelijk voor de stad.”
Maar Depla zei in een korte verklaring dat hij over geruchten zou blijven zwijgen, „ook al leidt dat voor velen tot de conclusie dat het wel allemaal waar zal zijn, dat is de prijs die ik moet betalen”. Nogmaals uitgedaagd door Van Hees zei hij: „Ik zeg niet of het waar is en niet of het niet waar is, privézaken horen niet te worden besproken in de politiek. Het is geen realitysoap, ik ben Fransje Bauer niet.”
Het debat was aangevraagd door twee eenmansfracties. De linkse collegepartijen PvdA, SP en GroenLinks noemden het gênant en applaudiseerden voor de woorden van Depla en De Graaf.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.