recensie
‘Aan het einde van de regenboog’ van Peter Quilter, regie: Paul Eenens, Joop van den Ende Theaterproducties. Tournee t/m 27 juni 2007.
De geprojecteerde schemerlampjes in Judy Garlands hotelkamer staan symbool voor hoe het met haar gaat. Keurig, fier en rechtop in de eerste scènes waarin ze nog redelijk de schijn van de vedette kan ophouden. Scheef, kapot en gebroken tegen het einde waarin het duidelijk is dat dit echt de allerlaatste stuiptrekkingen van een labiele, verslaafde en uitgeputte wereldster zijn.
Simone Kleinsma speelt de laatste weken uit het leven van filmster/zangeres Garland (1922-1969). Geen waarheidsgetrouwe imitatie, maar een toneelstuk met veel Garland-songs van Peter Quilter. Daarin zien we hoe Garland wanhopig probeert lief te hebben. In de hoop natuurlijk dat er eindelijk ook écht van haar gehouden wordt: van de broze vrouw achter het beroemde icoon. Naast Garland verschijnen haar nieuwe manager / aanstaande (vijfde) echtgenoot Mickey Deans (Kees Boot) en haar vertrouweling, de homoseksuele pianist Anthony Chapman (Paul de Leeuw) op het toneel. Beide mannen willen haar redden van de ondergang en ruziën om wie het dichtst bij haar staat.
Het is geen luchtig stuk – veel gevloek en getier – maar er zijn regelmatig grappen die de zwaarte behapbaar maken. De eerste helft wil niet echt raken. Het blijft te veel een toneelstuk waarin we bekende mensen zien die rollen spelen. In de tweede helft komen de emoties wat los. Kees Boot gaat als Mickey door het lint als hij voelt dat Garland haar laatste concertserie niet meer kan afmaken. Hoe moeten ze anders de miljoenenschulden afbetalen?
Mickey beseft waarschijnlijk zelf niet dat hij vooral op het icoon van Garland valt. Paul de Leeuw wordt als Anthony mooi breekbaar wanneer hij Garland oprecht zijn liefde aanbiedt. Liefde als een echte vriend. Bij hem hoeft ze niet meer te zingen. Hij wil voor haar zorgen, kust haar hartstochtelijk, maar ze blijkt te ver heen om het aan te kunnen nemen.
Kleinsma toont hoe bang Garland is. ’Het is verschrikkelijk om te weten waartoe je in staat bent, en het dan niet meer te halen’, vertrouwt ze Anthony toe. In de laatste concertscènes draait Garland obsessief aan het microfoonsnoer, ze vergeet teksten, knippert vanwege de felle spots, wiebelt, wankelt en rent doodsbang af.
Gesteund door een prima combo, zingt Kleinsma de songs prachtig. Soms in een theatersetting, soms mijmerend over het beloofde geluk achter de regenboog. De regenboog waar ze als meisje al over zong in ’The Wizard of Oz’ – met in de zomen van haar jurk pillen die haar moeder daarin naaide. De rillingen schieten dan ook door de zaal als ze aan het eind van de voorstelling ’Over the Rainbow’ zingt. In een klein zwart jurkje, op blote voeten loopt ze rustig naar een verlichte plek achterop het toneel. Ze kijkt omhoog, de spot in. Ontdekt daar zo te zien de andere kant van de regenboog, kijkt opgelucht en gelukzalig. De strijd is voorbij. Evenals de worsteling. Garland stierf aan een overdosis pillen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.