*

 

Heads or Tales overwint de dood

Sander Hiskemuller − 29/01/07, 00:00

opinie

’Heads or Tales’ van Galili Dance en Rotterdamse Dansacademie. Gezien 26/1. Tournee t/m 19/5. www.galilidance.com

Er komt niets uit de hoorn des overvloeds op schoot van de blauwe engel. Vanaf zijn stoel kijkt hij ledig en beteuterd de zaal in als Jacques Wallage, burgemeester van Groningen, Galili Dance in een toespraak feliciteert met het tienjarig bestaan.

Is de engel treurig, zijn hoorn leeg, omdat artistiek leider Itzik Galili’s poging een groep voor vers afgestudeerde dansers in het leven te roepen, financieel strandde? En is ’Heads or Tales’ een revanche daarop?

Samen met de jubilerende Rotterdamse Dansacademie (75 jaar) danst Galili Dance een jubileumvoorstelling die én - de zo gewenste - professionele plek biedt aan aanstormende dansers om te wennen aan de discipline binnen een dansgezelschap, én die op tien jaar Galili Dance reflecteert.

Tien jaar als ’dansvoorziening’ voor de noordelijke provincies ambtelijk tot stand gekomen. Met een weerbarstig leider die zich vaak in een provinciaal keurslijf diende te wringen. En dat terwijl de aspiraties en het artistieke kunnen de landsgrenzen ver voorbij gaan...

Met de ledige engel is daarom duidelijk dat Galili voor het jubileum niet slechts een toegankelijk feestnummer voor ogen had, al doet de verraderlijk showachtige opbouw van ’Heads or Tales’ - dynamische op effect gerichte groepsdansen en theatrale bewegingsmonologen, anders vermoeden.

’Heads or Tales’ is Galili in een snelkookpan: robuust, stoer en emotioneel geladen. Maar met venijnige weerhaakjes wordt de voorstelling gekleurd door Galili’s visie op de danskunst en tien jaar artistiek leiderschap. En die is ironischer dan ooit.

Zo krijgt in ’Heads or Tales’ een bedrieglijk ’echte’ toespraak door een van de dansers, die met platitudes over ’being a dancer’ als hekkensluiter fungeert van eerdere plichtplegingen rond het jubileum, op toneel navolging door een ’live afrekening’ met een danser. Het klinkende geweerschot is in de woorden van de orerende danseres het ’enige waarachtige’ moment als antwoord op alle stukken ’die zichzelf maar blijven herhalen’.

Het neergeschoten slachtoffer komt in de eindscène terug, een regen van witte ’notes’ daalt op zijn kronkelende lijf neer, door een vrouwenstem in oneliners opgelepeld: „How many times can an artist repeat himself, using the same old tricks, the all too-well-known devices?” Of: „Here and there one can find moments of sheer geniality”.

Het is een optelsom van wat je kunt vinden van Galili’s werk, van slecht tot briljant, waarmee de waarde van al die meningen in vol sarcasme tot nul wordt gereduceerd. Zou ik me dan als recensent niet onsterfelijk belachelijk maken als ik toch zou ’vinden’ dat grote delen uit ’Heads or Tales’ een makkelijke blauwdruk zijn van eerder werk voor het balletgezelschap voor Sao Paulo? Maar dat ik evengoed werd gegrepen door de dansdaadkracht van zowel de Galili-dansers als de academiestudenten, geweldig begeleid door de slagwerkers van Percossa?

Ik zeg verder niets, want zoals de vrouwenstem in ’Heads or Tales’ ook verhaalt: „Each accomplished work was, for him, a victory over death”. En is dat niet de zwijgende essentie van alle kunst?

mailIcon print |