recensie Gary Kasparov, tegenwoordig Ruslands belangrijkste oppositieleider, vindt schaken een meedogenloze sport. Net als het leven.
Voor het eerst in zijn leven strijdt oud Gary Kasparov in een belangrijk spel waarvan hij de exacte regels niet kent. Half april werd de oud-wereldkampioen schaken, samen met vele andere betogers, in Sint Petersburg gearresteerd bij een vreedzame demonstratie tegen president Vladimir Poetin. Hij kwam vrij na het betalen van een boete.
Kasparov is nu Ruslands belangrijkste oppositieleider, zijn leven staat geheel in het teken van de politiek, een terrein waarop hij, geheel tegen zijn gewoonte in, niet zeker weet dat hij de sterkste is. Een terrein waar heel andere strategieën en tactieken een rol spelen.
Net voor zijn arrestatie kwam ’Waarom het leven op schaken lijkt’ uit. En door zijn gevangenneming mocht hij alvast ervaren dat politiek harder kan zijn dan schaken: in de aanloop naar de presidentsverkiezingen van 2008 verandert Poetin naar believen de regels in zijn voordeel. Politici en politieke partijen die hem niet aanstaan, maakt hij zoveel mogelijk monddood.
In zijn boek stelt Kasparov: „Schaken is meedogenloos. Je kunt alleen jezelf de schuld van de nederlaag geven.” Dat is mooi gezegd, en Kasparov heeft leergeld betaald: in zijn vorige boek zonder schaakzetten ’Child of change’ (’Hoog Spel’) uit 1987 gaf hij nog de schuld van drie nederlagen aan een van zijn secondanten, Evgeny Vladimirov, die openingsgeheimen zou hebben verkocht aan zijn grote tegenstander Anatoli Karpov.
In dit boek geen woord over deze onbewijsbare aanklacht. Kasparov is ouder geworden, objectiever. Hij neemt de lezer mee in de harde wereld van het topschaak. Een wereld die inderdaad meedogenloos is, als het om winnen gaat. Maar ook een wereld die een kunstwerk kan opleveren, zoals zijn beroemde partij tegen Veseli Topalov uit 1999.
Kasparov ziet in schaken en leven een grote rol weggelegd voor de fantasie. Met plezier citeert hij oud-wereldkampioen Mikhail Tal, die eens tijdens een partij zijn gedachten liet afdwalen naar een gedicht over een nijlpaard dat aan het verdrinken was. In plaats van de partij te analyseren begon hij zich in te beelden hoe hij een nijlpaard zou redden. Zo verliepen veertig minuten, tijd die een moderne manager als verspilling zou aanmerken. Tal wist erna echter precies wat te doen! Fantasie is volgens Kasparov niet af en toe een briljante inval hebben, maar iets waar je zo vaak mogelijk aan toe moet geven om je eigen onconventionele kanten te ontwikkelen.
Onconventioneel is Kasparov als hij de mythe dat topschakers zo ver vooruitdenken onderuit haalt. Het gaat erom op de goede manier vooruit te denken. „Net als bij weersvoorspellingen () hoe verder je vooruitkijkt, des te minder nauwkeurig je berekeningen zullen kloppen.” En oud-wereldkampioen Capablanca zei al: „Ik kijk slechts één zet vooruit, maar dat is altijd de juiste.”
Toch is dit geen flauwekulboek in de trant van: ’ga op je gevoel af en alles komt goed’. Met instemming haalt Kasparov het bekende feit aan dat als je een groep van 25 mensen hebt er een grote kans is dat er twee op dezelfde dag jarig zijn, iets dat indruist tegen alle intuïtieve logica.
’Waarom het leven op schaken lijkt’ staat vol met dergelijke anekdotes, en vol vergelijkingen met management, bedrijfsleven en oorlog, waarbij Kasparov altijd zijn onderbouwde mening geeft: Bismarck verloor de oorlog omdat hij ervan uitging dat zijn tegenstanders een fout zouden maken.
Kasparov maakte die fout zelden bij schaken. Bij Poetin, wiens naam nogal eens in verband wordt gebracht met de moord op politieke tegenstanders, mag hij die fout zeker niet maken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.