’Hoe kun je een Amsterdamse subcultuur kleurrijker neerzetten dan door een complete familie te portretteren? Alles komt immers aan bod: het leven hier en nu, de gebruiken en de geschiedenis. Dat blijkt wel als we focussen op het eenoudergezin van Milly Schloss.’
Nee, van valse bescheidenheid heeft N.A.P. geen last. Het eerste verhaal uit deze nieuwe ’Amsterdamse stadsglossy’ opent met een nogal boude zelffelicitatie over de eigen redactionele keuze. Want weliswaar kabbelt het interview met mevrouw Schloss best aangenaam voort, de pretentie om daarmee de complete Joodse subcultuur van Amsterdam in kaart te brengen, die wordt toch niet helemaal waargemaakt.
En dat is natuurlijk toch wel wat je als Amsterdammer hoopt, als je een Amsterdamse stadsglossy in handen krijgt: dat er in lichtvoetig proza een deel van de stad wordt ontsloten dat je nog niet kende.
Het moet gezegd, op andere plaatsen slaagt N.A.P. daar wel degelijk in. Soms zelfs op verrassende wijze: in het verhaal over Jan Theun van Rees bijvoorbeeld. Van Rees is ’verbouwingsfotograaf’. Zijn foto’s tonen het Amsterdam dat de meeste Amsterdammers niet te zien krijgen: een bioscoopzaal die op het punt staat om gesloopt te worden, een gloednieuwe kantoorruimte die nog wacht op zijn eerste gebruikers, een vliering die eigenlijk al een paar jaar dichtgetimmerd zat. Verborgen plekken, loze ruimtes, die ook deel uitmaken van de stad, en die prachtig in beeld worden gebracht.
Iets meer voor de hand liggend, maar wel lezenswaardig: het begin van een serie korte impressionistische reportages uit de buitenwijken (deze keer het Mosplein in Noord), en een persoonlijke column uit Amsterdams enige Vinexwijk IJburg. De verhalen over de geschiedenis van de legendarische discotheek RoXY en de veryupping van voormalige volkswijken de Pijp en de Jordaan hadden we al eens eerder gelezen, maar vooral het RoXY-verhaal is prettig leesvoer. Verder rijdt N.A.P. met tram 14 van Amsterdam-Oost naar Amsterdam-West, en stapt overal even uit om te kijken of er iets bijzonders te zien is. Daarbij krijgt bijzondere architectuur veel aandacht, en niet alleen de leuke kleine schattige authentieke winkeltjes die je van een glossy zou verwachten.
Maar een glossy blijft het natuurlijk wel, en dus zijn de hippe restaurants, geinige gadgets, en ietwat niemendallige mini-interviews met stadsbewoners niet van de lucht. Vaak aardig, soms storen ze een beetje. ’Baat het niet, dan schaadt het niet’, schrijft ’beautyjournaliste’ Anneloes Tas bijvoorbeeld in haar rubriekje, terwijl ze zich nog eens insmeert met anti-oxidantencrème , die volgens de tekst op het potje tegen ’vrije radikalen’ beschermt. Ja hallo, mevrouw Tas, u noemt zich journalist, zoek het dan ook even uit!
De vraag is natuurlijk of Amsterdammers geld overhebben voor zulke lifestyle-rubriekjes. Ze hebben immers ook al het prima gratis stadsmagazine NL20. Voor N.A.P. zal het dus eerder uit de styling en de langere verhalen moeten komen. En wat dat betreft maakt het blad een veelbelovende start. Al moet het her en der nog wel iets kritischer op zichzelf zijn.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.