*

 

Beladen film botst op de manipulatieve macht van het medium

Jann Ruyters − 04/01/07, 00:00

recensie

Regie: Nikolaus Geyrhalter. In 6 filmtheaters.

Voor mensen die met het ’Onze Vader’ zijn opgevoed, wordt het zinnetje ’ons dagelijks brood’ automatisch gevolgd door ’en vergeef ons onze schuld’. Hoor je de ene regel dan riedelt die volgende er gedachteloos achteraan: ’Heer, geef ons heden ons dagelijks brood en vergeef ons onze schuld zoals ook wij aan anderen hun schuld vergeven.”

De Oostenrijkse regisseur Nikolaus Geyrhalter gaf zo een beladen titel aan zijn documentaire over de Europese voedselindustrie. ’Our Daily Bread’ won in december 2005 de Speciale Juryprijs op het documentairefestival Idfa. De ’Partij voor de Dieren’ gebruikte fragmenten in haar verkiezingscampagne.

’Our Daily Bread’ heeft niet alleen een beladen titel, het is ook een beladen film. Het is een film die je bovenop de vervreemdende machinerie van de voedselproductie zet, maar die je ook laat botsen op de manipulatieve macht van het filmmedium zelf.

Wat krijgen we te zien? ’De industriĆ«le verwerking van gewassen en dieren, waarbij efficiency en kostenbesparing voorop staan’, meldt het persmateriaal. Zakelijke taferelen zijn dat, waar alle levendigheid is uitgebannen. Er is geen muziek, er zijn geen dialogen, wanneer er mensen praten is dat geluid gedempt, er is geen verzachtende verlichting en Geyrhalter filmt in lange statische shots.

We zien en horen angstig piepende gele bolletjes op de lopende band; grote bakken botsende biggetjes die in een apparaat van hun pootjes worden beroofd; massa’s paniekerige kippen die door een voedermachine heen en weer wordt geschoven. We zien twee executies van akelig trillende stieren in een apparaat en grote witte dode varkens aan een haak wier buiken worden opengesneden.

Gaat het niet om dieren maar om groente, fruit of zout dan worden de beelden nog abstracter. Zwijgende tomatenplukkers staan in rijen tussen de tomatenplanten. Twee mijnwerkers in een zoutmijn rijden vanuit een holle witte grot een zwarte gang in waar alleen het geraas van de wielen weerklinkt. De afstandelijkheid van de beelden werkt cumulatief. Woont op deze aardbol nog iemand die dit alles proeft, die het smaakt?

De opnames tussendoor van werknemers die zwijgend hun lunchpakketjes naar binnen werken, versterken alleen maar de werktuiglijkheid. Tegen de tijd dat de landbouwmachine op het maïsveld haar grijparmen strekt, meen je in die machine een ’alien’ van mars te zien. En wanneer weer een andere grijparm olijfbomen uitschudt, ben je er bijna zeker van dat deze aarde inderdaad allang is ontvolkt. Dat die olijven neervallen en later in een supermarkt belanden zonder dat er ooit een mond zal zijn die ze genietend zal opzuigen.

IJzersterk dus ’Our Daily Bread’. Zelden werd de ontmenselijking in de postindustriĆ«le samenleving doeltreffender neergezet. Maar neutraal kun je deze aanklacht niet noemen. De documentaire is wel vergeleken met ’Playtime’ van Jacques Tati, en ’Modern Times’ van Charlie Chaplin, maar dat waren films die met veel humor het conflict tussen mens en technologie neerzetten. Bij Geyrhalter gaat de toeschouwer zich voelen als de enige die nog over is.

Zijn camera herinnert in die strenge, beschuldigende blik wel aan die van landgenoot Michael Haneke. Film strak, met gedempt geluid, zonder gesprekken en muziek, en het schuldgevoel van de toeschouwer wordt vanzelf aangesproken. Die kilte staat misschien ook dichter bij de werkelijkheid van onze massaproductie en -consumptie dan de romantische kameraadschap in de mijnen van Jiska Rickels of het zoete platteland van Jos de Putter. Maar het werkt op den duur ook op je zenuwen, zo’n starre opsomming. Dat je van weerspannigheid bijna zin krijgt in een hamburger.

mailIcon print |