*

 

Onverwacht en te laat spannend

Jann Ruyters − 04/01/07, 00:00

recensie

Regie: Neil Burger. Met Edward Norton, Paul Giamatti. In 15 filmtheaters.

Wenen rond 1900. De intrige draait rond een magiër, een hertogin, een keizerlijke prins en een inspecteur van politie. Het zijn klassieke personages in een spookverhaal, alleen de psychiater ontbreekt. Edward Norton is magiër Eisenheim die in het theater veel publiek trekt voor zijn trucs die inderdaad ongelooflijk goed zouden zijn, ware het niet dat dit een film is en dus zo’n beetje alles wel kan.

Hij laat een sinaasappelboompje uit de aarde omhoogkomen en zielen in rookwolkjes door de ruimte zweven. De inspecteur van politie is gefascineerd, de tirannieke keizerlijke prins ergert zich. Wanneer diens aanstaande, de hertogin, en de magiër het opnieuw met elkaar aanleggen - zij waren jeugdgeliefden – wil de prins van de man af. Hij schakelt de inspecteur in, die voor hem rent omdat hij hogerop wil. De inspecteur wordt gespeeld door Paul Giamatti, de man uit ’Sideways’, die ook nu weer wel even zwak is, maar niet voor eeuwig gewillig.

Nieuwkomer Burger neemt de tijd om eerst de liefde tussen magiër en hertogin neer te zetten en vervolgens de moord, doodslag en magie die daarop volgen. Wenen is bruingekleurd, het paleis hangt vol hertengeweien, het theater vol fakkels. Edward Norton is geconcentreerd, Giamatti is innemend, maar spannend wordt het pas bij de onverwachte wending aan het slot. Dat is én te laat én te onverwacht.

mailIcon print |