recensie
Orkest van het Oosten olv Martin Panteleev met Tiende symfonie van Gustav Mahler in de bewerking van Rudolf Barshai op 15/3 in De Spiegel, Zwolle. Herhaling: wo 21/3 in Muziekcentrum Enschede.
De Vloek Van De Negende, zo is het bijgeloof onder componisten gaan heten vanaf Beethoven. De negende symfonie is een soort magische grens voor componisten die niemand overleeft. Kijk maar naar Bruckner, Spohr, Schnittke, Vaughan Williams. Allemaal morsdood na de Vloek. Al zijn er inmiddels genoeg toondichters imuun gebleken.
Toch werd een componist als Gustav Mahler nerveus bij het bereiken van zijn Negende, de laatste symfonie die hij helemaal voltooide. Van de Tiende symfonie kwam alleen het openings-Adagio af voordat Mahler stierf; de overige vier delen werden overgeleverd in schetsen, van kladopzetjes tot fragmenten die nog wel door de componist konden worden georkestreerd.
Ten tijd van het componeren van de Tiende ging het Mahler in persoonlijke sfeer erg slecht, maar stond hij als componist op de top van zijn kunnen. Dat maakte veel vakgenoten nieuwsgierig: hoe zou die nieuwe symfonie geklonken hebben, als hij was afgekomen?
Beroemde componisten zoals Schönberg, Sjostakovitsj en Britten wilden hun vingers niet branden aan de klus, maar toch verschenen er mondjesmaat ’voltooiingen’ door andere componisten, dirigenten of musicologen.
Hoewel dirigenten zoals Bernard Haitink nog steeds alleen het door Mahler zelf voltooide openings-Adagio uitvoeren, zijn er inmiddels meerdere versies in omloop, waaronder een recente van dirigent Rudolf Barshai uit 2000. Barshai was ontevreden met de bekendste voltooiing, die van Deryck Cooke (die inmiddels ook in meerdere versies bestaat, om het nog ingewikkelder te maken).
Donderdag zou Barshai het Orkest van het Oosten dirigeren in zijn eigen versie van de Tiende, maar ook in de splinternieuwe Zwolse zaal De Spiegel leek de Vloek zijn staart nog te roeren. De Rus moest wegens griep verstek laten gaan. Hij werd te elfder ure vervangen door de jonge Bulgaar Martin Panteleev, die het Orkest van het Oosten al eerder als gast dirigeerde.
Ongelofelijk hoe Panteleev de complexe Tiende in de Barshai-versie tot leven wist te brengen met organische tempi, mooie contrasten en onder een voortdurende hoogspanning. De vertwijfelde klankenstapeling waarin Mahler zijn onvoltooide als een uitroepteken liet vastlopen en de genadeslagen op de grote trom aan het slot: ze klonken bloedstollend door het Orkest van het Oosten onder Panteleev. Verzengende strijkers, gillende houtblazers, ronkende hoorns en mooi gezongen solo’s in de trompet deden je anderhalf uur lang op het puntje van je stoel zitten.
Niet alleen voor Panteleev, maar ook voor de in september geopende Spiegel was Mahlers Tiende een soort test. In de multifunctionele zaal kunnen de toneelwanden en het plafond worden aangepast aan allerlei akoestische omstandigheden, van kamermuziek tot opera en symfonie. Het klonk er allemaal zeer goed: helder, met genoeg warmte en ruimte om de laatromantische klanken tot ontvouwing te doen komen.
Barshai’s Mahler-instrumentatie klonk wel wat ruim uitgevallen: de Rus doet een zwaar beroep op het groot bezette koper en de slagwerkeffecten. Hierdoor klonk Mahler met name in de twee Scherzi soms wat al te veel als Sjostakovitsj. Maar over het geheel genomen klonk Barshai’s gespierde voltooiing bepaald overtuigend.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.