recensie Had Pius XII meer voor de Joden kunnen doen? En hoe moeten we aankijken tegen het Ierse conflict? Op zulke vragen zou ’Hemelse machten’, een antwoord moeten geven. Maar Michael Burleigh vaart zo uit tegen alles wat progressief is, dat zijn geloofwaardigheid als historicus eronder lijdt.
Na de Franse revolutie van 1789 kregen de gevestigde kerken concurrentie van een nieuw fenomeen. Ze hadden in de ogen van hun meer verlichte tijdgenoten afgedaan als relikwieën van bijgeloof en achterlijkheid en moesten het hoofd bieden aan bewegingen en stromingen die eigentijdser waren. Socialisme, nationalisme, communisme leken een beter antwoord te hebben op de sociale, economische en culturele ontwrichting die veroorzaakt werd door de zich in razend tempo voltrekkende industrialisering en urbanisatie van de negentiende eeuw. De kerken, katholiek en protestant, waren, om bij hun eigen beeldspraak te blijven, herders die het spoor bijster waren en geen idee hadden hoe ze hun dolende schapen bij elkaar konden houden.
Deze ontwikkeling is het thema van een tweeluik van de Engelse historicus Michael Burleigh. Deel een, ’Aardse Machten’, (zie Trouw van 6 januari) eindigde met het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. In deel twee, ’Heilige Doelen’, pakt Burleigh de draad op en brengt het conflict tussen religie en politiek door de ’verschrikkelijke twintigste eeuw’ naar zijn voorlopige eindstation, de oorlog tegen het islamistische terrorisme.
Socialisme, nationalisme en communisme en hun totalitaire nazaten fascisme, nationaal-socialisme en stalinisme zijn voor Burleigh ’politieke religies’. Dat is geen nieuw inzicht, maar het is in de loop der jaren verloren gegaan in de meestal vruchteloze discussie of nationaal-socialisme en stalinisme over één, totalitaire, kam mochten worden geschoren.
Er is veel voor Burleighs standpunt te zeggen dat ze veel meer zijn dan een ideologie. Met hun rituelen, massaspektakels en leiderscultus hebben ze onmiskenbaar religieuze trekken. Dat was ongetwijfeld een van de belangrijkste sleutels van hun succes.
Net als in ’Aardse Machten’ wordt in ’Heilige Doelen’ het slagveld met veel elan beschreven. Ook hier trekt weer een hele stoet nu vooral Duitse charlatans en nepprofeten voorbij en hun, vooral seksuele, eigenaardigheden worden met verve genoteerd. Maar het boek lijdt aan een manco waarvan in het eerste deel de sporen wel al zichtbaar, maar nog niet hinderlijk aanwezig waren. Burleigh is een man met geharnast conservatieve opvattingen en die domineren de behandeling van zijn onderwerp. ’Heilige Doelen’ is een kruising tussen geschiedschrijving en polemiek en het resultaat pakt niet gelukkig uit.
Een van de meest omstreden thema’s in de geschiedschrijving van de afgelopen jaren is de rol van het Vaticaan tijdens de Holocaust. Het is ook het thema, waarbij Burleigh zelfs de schijn van professionele distantie laat varen en voluit in de aanval gaat.
De vraagstelling mag bekend worden verondersteld. Had het Vaticaan, en met name paus Pius XII, genoeg gedaan om de Joden te redden? Die vraag is in de loop der jaren uitgegroeid tot een ware bedrijfstak. Het is een debat waarbij de emoties hoog oplopen, zoals blijkt uit een twee jaar geleden verschenen pamflet, dat de aanhangers van de paus de titel ’The Pius Wars’ (De Pius-oorlogen) gaven.
Voor zijn tegenstanders was Pius ’Hitlers Paus’, zoals de titel van de geruchtmakende biografie van John Cornwell uit 1999 luidde. Pius zou de Joden bewust aan hun lot hebben overgelaten. Hij was misschien geen volbloed antisemiet, en zeker niet Hitlers handlanger in de Sint Pieter, maar het voortbestaan van zijn kerk, die hij door de nazi’s belaagd zag, had een hogere prioriteit dan het zich metterdaad inzetten voor een met uitroeiing bedreigd volk.
Voor zijn, ook Joodse, verdedigers is hij een held dankzij wie veel Joden hebben overleefd en die terecht op de nominatie staat om heilig verklaard te worden. Burleigh laat zich niet uit over de heiligverklaring – kennelijk toch een te netelig onderwerp –- maar dat doet weinig af aan de heftigheid waarmee hij de inzichten van minder partijdige collega’s bestrijdt. Historici die na zorgvuldige afweging van de pro’s en contra’s hebben vastgesteld dat Pius vooral de verkeerde man op de verkeerde plaats op het verkeerde tijdstip was, zijn leunstoelmoralisten die niets hebben begrepen van de omstandigheden waaronder de Heilige Vader moest opereren.
„Misschien was Pius te goed om het kwaad dat hem omringde te begrijpen of om in elk geval het onderscheid te maken tussen zoveel tegelijk optredende vormen van het kwaad.” Dit citaat van een gerenommeerde Engelse kerkhistoricus is de enige kritiek, als je het zo kunt noemen, die Burleigh wil toelaten.
Een ander bezwaar van ’Heilige Doelen’, is de vaak verongelijkt zure toon tegen iedereen die het waagt het niet met de schrijver eens te zijn. Burleigh voelt zich duidelijk niet op zijn gemak in deze ’banale, door seks en consumptiedrift’ beheerste tijd waarin de kerken leeg en de moskeën vol zijn.
Daar kun je het al dan niet mee eens zijn, maar Burleigh vuurt zijn salvo’s in zijn drift te vaak naast zijn doel. Een hoofdstuk over het Noord-Ierse conflict begint met een dolle tirade tegen alles en iedereen wat Iers, katholiek of protestant is, dat maakt voor de verandering nu eens niet uit. Het zijn ’sentimentele zuiplappen, die zwelgen in hun slachtofferrol’. Spanjaarden deugen in het algemeen ook niet, terwijl op de Polen ondanks het regelmatig opduikende antisemitisme nauwelijks iets valt aan te merken.
Zeker: uit linkse kokers is in de loop der jaren zonder twijfel veel politiek correcte onzin gekomen en links heeft problemen zoals het dreigende failliet van de multiculturele samenleving inderdaad te gemakzuchtig onder het tapijt geveegd, maar Burleigh is op zijn beurt te vaak blind aan het rechteroog om een overtuigende scherprechter te zijn.
Dit constante hameren op het eigen gelijk, het vereffenen van rekeningen met andersdenkenden en het presenteren van de eigen vooroordelen als waarheden die alleen de grootste domoor weigert te erkennen, maken ’Heilige Doelen’ vaak tot vermoeiende lectuur. Dat is jammer, want met ’Aardse Machten’ leek Burleigh een veelbelovend project te hebben aangesneden.
’Heilige Doelen’ is de geloofsbelijdenis van een cultuurpessimist, die zijn hoopt vestigt op voormannen als de huidige paus, de conservatieve en dogmatische Benedictus XVI. Een Engels-Amerikaanse recensente noemde het ’een van de belangrijkste boeken van deze tijd’. Dat is het niet.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.