*

 

Overheid, bemoei je alsjeblieft niet met geloven en zingeving

Door: redactie − 06/01/07, 00:00

recensie

Even dacht ik dat de heer Breedveld ironisch commentaar zou leveren op het door Motivaction geïntroduceerde begrip ’buitenstaanders’ voor niet-gelovigen die geen lid van een of andere club zijn; helaas gaat hij echter serieus in op het ’probleem’ dat zij zouden opleveren. Aan zijn vraag Hoe betrek je ’buitenstaanders’ in een zingevend verband? behoort de vraag of de analyse van Motivaction juist is en enige realiteitswaarde heeft vooraf te gaan.

Allereerst moet vermeld worden dat Motivaction Balkenende in zijn verkiezingscampagne heeft geadviseerd, onder andere om bij RTLBoulevard op te treden, omdat hij dan de kijkers, bestaande uit ’buitenstaanders’ zingeving zou kunnen leren. Dat betekent dat Motivaction niet als objectief kan worden beschouwd; zijn analyse is CDA-gezind; christenen en eventueel anders-gelovigen inclusief humanisten zijn beter dan andere burgers. Het is in dit verband veelbetekenend dat ook de heer Breedveld de stelling van Motivaction moeiteloos vertaalt in Kamerzetels, alsof deze ’buitenstaanders’ één groep zouden vormen die op één partij zouden stemmen.

Zowel de analyse van Motivaction als de gevolgtrekking van Breedveld als het idee dat de zogenaamde buitenstaanders ’zingeving’ moet worden bijgebracht zijn onzinnig. Het lijkt erop dat atheïsten, die geen lid zijn van een vereniging (weer) als 'tweederangs burgers mogen worden beschouwd, net als vroeger.

Ongebonden atheïsten vormen geen groep. Zij hebben geen behoefte aan ’zending’ ofwel zingeving. Het idee dat de winst of voorkeursstemmen afkomstig zou zijn van kiezers met zo’n overtuiging of levenshouding slaat nergens op; veel ’nette christenen’ stemden op Fortuyn; christen-socialisten zullen op Marijnissen gestemd hebben; Wilders kreeg veel stemmen in het katholieke zuiden.

De vraag van de heer Breedveld is dus simpel te beantwoorden: dat moet niet gebeuren. Een betere vraag is: hoe voorkom je dat de overheid zich gaat bemoeien met de levenshouding en de levensovertuiging van individuele burgers?

Het is verbazingwekkend dat de WRR zich op sleeptouw laat nemen door een dergelijk onderzoek; te hopen is dat deze ’verkenning’ gevolgd zal worden door een rapport waarin het gezonde 21ste-eeuwse verstand zal zegevieren.

Amstelhoek Anneke M. Goudsmit

Wat bindt mij aan deze samenleving? Respect voor wet en recht. Dat zijn mensenrechten-in-ruimere-zin (dus niet ’slechts’ het ’mensenrechtenverdrag’ uit 1950 met aanvullende protocollen). Dat lijkt mij een verband, dat voldoende zingevend is. De vraag is dus eenvoudig te beantwoorden. Nu nog de naleving!

Noordeloos H.C.M. Geelhoedt

Het is om te lachen: de WRR stelt voor dat de overheid meer aan zingeving moet doen terwijl veel ’buitenstaanders’ de ChristenUnie een enorme winst hebben bezorgd! De groep die ontevreden is, niet humanistisch en niet religieus, die toch op die partij heeft gestemd, louter uit een ’jaren-vijftiggevoel’.

Hebben deze kiezers behoefte aan een zingevend verband of moet ze dat door de strot geduwd worden? Missen ze normen en waarden? Of missen ze dat nu juist bij de regering? De WRR zou er goed aan doen zich allereerst te richten tot het kabinet met de veelzeggende titel ’zingevend verband’ in plaats van zich bezig te houden met de vraag in welk subgroepje we deze Nederlanders nu weer eens kunnen onderbrengen en labelen.

Almere I. Remijnse

Aanleiding voor de vraag is het rapport ’Geloven in het publieke domein’ van de WRR. Daaruit kan men afleiden dat het zingevend verband in relatie moet staan met ’geloven’. Verbanden die zich hiermee bezighouden zijn kerken en geloofsgemeenschappen. De meeste hiervan kampen al jaren met afnemende belangstelling. Maar dat kan voor de overheid geen reden zijn om zelf acties te ondernemen met betrekking tot zingeving in relatie tot geloven.

De overheid en de politieke partijen kunnen zich beter bij hun leest houden en hun beleid duidelijk presenteren en motiveren en vooral aangeven waarom bepaalde keuzen wel en andere niet worden gemaakt. Hierbij moet men rekening houden met enkele kenmerken van de huidige maatschappij: mondig, kritisch, calculerend en dynamisch.

LelystadL.J. Gilde

Naar ik begrijp zijn in het WRR-rapport ’buitenstaanders ’ zij die niet positief zijn ingesteld. O foei: ze wantrouwen bijvoorbeeld de overheid. Dat probleem moet de overheid volgens de WRR oplossen door meer aan zingeving te doen.

Je zou eerder verwachten dat de overheid onderzoekt hoe zij dat wantrouwen kan wegnemen. Of ze nu paars, groen of rood was: de overheid brak zekerheid na zekerheid af, en roept daarmee zelf het wantrouwen over zich af. Haar nulmeting is haar eigen geschiedenis en die bestond uit bijvoorbeeld PTT, en riagg: allemaal verdwenen.

En wat de zingeving betreft vraag ik mij af wat het ’wetenschappelijke’ van die raad is. Die kan zich beter MRR noemen: ’Moralistische Raad voor het Regeringsbeleid’.

BorneB.H. Kraaijenbrink

mailIcon print |