opinie
’Get a life’ van Ernst van der Pasch. Regie: Aike Dirkzwager. Vanavond in Wijchen, dinsdag in Beusichem, donderdag in Rotterdam (Theater Zuidplein). Tournee t/m 25 mei. Informatie: www.ernstvanderpasch.nl of www.finkers.nl
Op het aanmeldingsformulier van het Groninger Studenten Cabaret Festival in 1997 – hij won uiteindelijk de persoonlijkheidsprijs – schreef cabaretier in wording Ernst van der Pasch over zijn programma: „Liedjes aan de piano afgewisseld met snelle conférences waarin wat rechtgezongen is weer krom wordt gepraat en omgekeerd. Onderwerpen variërend van liefde tot meisjes en af en toe een semi-filosofische gedachte”.
Het is tien jaar later en Ernst van der Pasch is een volleerd cabaretier. Zijn onderwerpen variëren nog steeds van liefde tot meisjes en semi-filosofische gedachten zijn zijn handelsmerk geworden. De liedjes zijn gebleven, zo ook de snelle conferences. Te zien in zijn vijfde programma, ’Get a life’, een poëtisch verhaal over zoeken naar kicks.
In ’Get a life’ wordt duidelijk dat Ernst van der Pasch zich ergert aan de houding in onze maatschappij van almaar meer, meer, meer willen hebben. Waarin de auto belangrijker is dan onze partner en ambities hoger reiken dan de wolkenkrabbers van Amsterdam. Om de haverklap roept hij dat hij haast heeft, nog zo’n symptoom van deze tijd. Waarom vier uur pastasaus staan maken als je ook een snel-klaar-maaltijd kunt kopen? Waarom naar de sportschool om hard te lopen op een band als de trilplaat ook je spieren voor je kan trainen? Maar het leven is geen snel-klaar-maaltijd, houdt Van der Pasch ons voor, het is genieten van een zonsondergang, naar je geliefde blijven luisteren ook al ben je tien jaar bij elkaar en altijd de tijd nemen om te vrijen.
Ernst van der Pasch praat snel, denkt snel en kan heerlijk associëren. Bovendien is hij bijzonder goed in boeiende verhalen vertellen, met prachtige metaforen en sterke grappen. Zo is het oude gezegde ’het gaat niet om het doel, maar de reis ernaartoe’ verpakt in de metafoor van het tv-programma ’Fiets ’m d’r in’. Want we kijken toch liever naar de mooiste creatie waarvan je meteen ziet dat ’ie de bel aan het eind niet gaat halen en dat ’ie zo de plomp in valt, dan naar die overijverige man die op zijn verbouwde fiets in drie seconden die bel aantikt?
Van der Pasch is een aangenaam soort cabaretier, hij maakt intelligente grappen, met een laagje eronder als het ware. Hij heeft nagedacht over wat hij wil vertellen, en durft zich kwetsbaar op te stellen. Sterker nog, alles deelt hij met zijn publiek: zijn angsten, zijn twijfels, zijn geluk en zijn verdriet. Hij is gegroeid als tekstschrijver in zijn liedjes: een prachtige ode voor zijn overleden vriend en regisseur Martin van der Ham en een werkelijk schitterend lied over de liefde spannen de kroon.
En hij zet je aan het denken. Tot graven zelfs, als je uit hetzelfde hout gesneden bent. Een licht tobberig type, die Ernst, maar niet vervelend, integendeel: hij steelt je hart met zijn melancholiek. Jammer dus van de uiterst platte toegift – een lied waarin zijn vader afgezeken wordt – die haalt de poëzie van de show compleet onderuit.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.