recensie Dagboeken van anorexia-patiënten zijn er meer. Interessant aan ’Ann’ is, dat Kristien Hemmerechts naast het verhaal van de zieke Ann ook haar eigen getob met de suïcidale vrouw te boek stelt.
Op een dag krijg Kristien Hemmerechts (Brussel, 1955) een mailtje van anorexiapatiënte ’Ann’. Ze vraagt of Hemmerechts haar verhaal wil opschrijven. En, o ja, als het boek af is zal de 39-jarige Ann zelfmoord plegen, meldt ze meteen. Want ze is het vechten tegen haar ziekte moe.
De Belgische schrijfster en journaliste Hemmerechts hapt toe en raakte in de ban van de intelligente 39-jarige vrouw die al 25 jaar een ernstige eetstoornis heeft. Het resultaat is een fascinerend boek.
„Ze is een knoop in mijn maag”, schrijft Hemmerechts. „Iets wat me geen seconde loslaat. Als ik haar een aantal uren niet heb gehoord, moet ik de behoefte onderdrukken haar een sms'je te sturen.” Het boek bestaat uit interviews, uitgewerkt tot lange monologen, met Ann, Anns moeder, haar broers, twee behandelaars en een expert. Alles wat Hemmerechts noteert, ook haar eigen losse gedachtes, mailt ze meteen aan Ann. Die daar dan weer op reageert. Ook sms’jes, telefoongesprekken, eerdere dagboekfragmenten van Ann zijn in het boek verwerkt.
En zo ontrafelt zich langzaam het drama van de kleine Ann, die uit een Vlaamse boerenfamilie komt en misbruikt werd door haar vader. En van de volwassen Ann, die helemaal vast zit in haar eetstoornis, maar doordat ze er al jarenlang aan lijdt, ook een expert is op geworden op het gebied.
Hartverscheurend zijn de dagboekfragmenten over de incest, als Ann nog jonger is en als wat er is gebeurd in het broeierige gezin alleen nog tussen de regels te lezen is. Voor Ann is dít ook de oorzaak van haar anorexia. „Het gaat niet om eten, om niet willen eten, om niet kunnen eten. Het gaat om seks. Om een lichaam dat niet bewoond wordt omdat het niet het mijne is.”
Meestal hebben boeken over dit soort vrouwenleed de vorm van een dagboek. Interessant aan deze opzet is dat alles wat Ann zegt, wordt afgezet tegen de reacties van Hemmerechts, die zich terdege bewust is van het risico dat ze gemanipuleerd wordt door Ann, die dertig kilo weegt en vanaf haar puberteit tevergeefs van behandeling naar behandeling is gegaan.
Hemmerechts stelt de vragen die je doorgaans bij het lezen van een dagboek zelf ook hebt en weet die soms ook te beantwoorden. Wil Ann wel beter worden? Waarom bevat haar verhaal dan tegenstrijdigheden? Wat is de rol van haar familie, haar behandelaars? Ook spannend is de ethische kwestie: moet de schrijfster ook voorkomen dat Ann een einde aan haar leven maakt? Moet ze afstand houden of kan ze haar redden? Ann op haar beurt reageert op die twijfels, vragen en bemoedigende opmerkingen - soms blij, soms boos en soms beledigd.
Het is een confrontatie tussen twee ’eenzaten’, zoals Hemmerechts terecht opmerkt. Want ook Hemmerechts geschiedenis is verre van vrolijk. Ze verloor twee baby’s aan wiegendood en haar man Herman de Coninck, de beroemde Belgische dichter, stierf in 1997.
Maar ondanks de kommer en kwel, die soms iets te veel naar de strot grijpt, wil je toch tot de laatste pagina meer van de spannende confrontatie tussen twee vrouwen die aan elkaar gewaagd zijn. Samen weten ze de lezer het boek in te zuigen en niet meer los te laten.
Na bijna een jaar lijkt zelfs Hemmerechts de veeleisende Ann een beetje zat. In de laatste alinea neemt Ann de telefoon niet meer op en maakt Hemmerechts zich voor het eerst echt zorgen. Is ze dood? Daar eindigt het boek wat onbevredigend. Googelen geeft uitsluitsel: de schrijfster en de anorexiapatiënte hebben onlangs een dubbelinterview gegeven aan het Vlaamse blad Humo.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.