*

 

Vader en zoon vinden rust in een kerkje in Virginia

Mart Smeets − 08/09/07, 02:27

Afgelopen zomer overleed de voormalige Amerikaanse basketbalspe- ler Jimmy Walker. Hij was 64 toen hij, uitgeteerd door kanker, niets meer overhad in het leven. Hij wilde graag dood. De man die eens, in de jaren zeventig, een schoolvoorbeeld was geweest van onverzettelijkheid, gaf op.

Walker was een fenomeen. Hij speelde negen seizoenen in de NBA. Zijn grote jaren beleefde hij op het Providence College, Rhode Island. Nu nog weet iedereen daar wie Jimmy Walker was. Zijn naam wordt bijna fluisterend uitgesproken. Er zijn een straat, een sporthal, een hele studentenleague (basketbal) en een bar naar hem vernoemd.

Jalen Rose is een goede basketballer van deze tijd. Hij speelt al meer dan tien jaar in de NBA, tegenwoordig voor de Phoenix Suns. Van oud-spelers moest hij altijd horen hoe erg hij op Jimmy Walker leek; dezelfde bouw, dezelfde karaktereigenschappen, zeker binnen het veld. Rose liet die opmerkingen vaak ongehoord van zich afglijden. Het waren immers slechts verhalen.

Rose herinnert zich een moment dat hij een envelop van een toeschouwer kreeg. In geblokt handschrift las hij de naam ’Jimmy Walker’ op de achterkant. Rose stopte het ding in zijn portemonnee en droeg het jaren ongeopend bij zich. Hij vermoedde wat er in de enveloppe zat: een brief. Hoogstwaarschijnlijk van Jimmy Walker, de man van wie men fluisterde dat het zijn vader was.

De moeder van Rose raakte vroeg in haar leven zwanger. Ze was gaan dansen en had een knappe, leuke en rijke man ontmoet. Een goede basketbalspeler ook. Ze kon zich zijn naam niet meer herinneren, had ze altijd tegen haar zoon gezegd. Ze was zwanger geworden en had de man nooit meer gezien. Zo ging het leven van de arme Afrikaanse Amerikanen in Detroit.

De brief bleef negen jaar ongeopend; toen pas voelde Rose dat hij er aan toe was de inhoud te lezen. Hij was volwassen en las wat hij altijd gehoord had: Jimmy Walker was zijn vader. Walker schreef hoe trots hij was op Rose en dat ze elkaar eens moesten ontmoeten.

Een jaar later gaf een toeschouwer bij een wedstrijd van Rose hem een papiertje met een telefoonnummer. Rose begreep de boodschap, maar aarzelde. Zou hij? Moest hij? Hij belde en kreeg via een omweg zijn vader aan de lijn. Beiden spraken een minuut of wat en beloofden elkaar op te zoeken.

Rose durfde eigenlijk niet, Walker ook niet. Ze belden nog eens en nog eens, maar de frequentie van de gesprekken nam af. Totdat Rose geen gehoor meer kreeg. Hij wist dat zijn vader in Kansas City verbleef, hijzelf woonde in Phoenix.

Afgelopen zomer kreeg Rose een rouwkaart. Zijn vader was overleden. Rose reisde naar een rooms kerkje in Virginia en ging op de achterste rij zitten. Voormalige NBA-spelers roemden Walker om zijn vele goede eigenschappen. Er werd gebeden, gezongen en iedereen vertrok.

Rose en de kist bij het kleine altaar bleven over. Beide basketballers hadden ineens samen rust gevonden. Rose bleef een half uurtje in de kerk, samen met de kist. Hij sprak met zijn vader en had hem alles vergeven.

mailIcon print |