*

 

Gouden kwartet levert bewijs dat Nederland brede zwemtop heeft

Antal Crielaard, Peking − 11/08/08, 00:00

De meest zekere zwemmedaille kreeg gisteren de gewenste kleur. De vrouwenestafette op de 4x100 meter vrij pakte overtuigend goud.

In theorie kan een pietepeuterig land als Nederland helemaal geen goud winnen op een estafette als de 4x100 meter vrije slag. Het potentieel is simpelweg te klein in vergelijking met landen als Australië, de Verenigde Staten, Duitsland en China. Het zijn de woorden van zwemcoach Jacco Verhaeren, die er toch in is geslaagd een winnend kwartet te formeren. Hij sloeg er zich onbedoeld mee op de schouder. Zijn aanpak werkt.

„Deze medaille toont de kracht van het Nederlandse zwemprogramma”, vond ook chef de mission Charles van Commenée. Hij was aanwezig bij de gouden race van Inge Dekker, Ranomi Kromowidjojo, Femke Heemskerk en Marleen Veldhuis. „Je kunt als land altijd een extreem talent hebben, maar het winnen van goud op de estafette geeft aan dat we een brede top hebben. Dat lukt niet met geluk. Er zit beleid achter en beleid kun je voortzetten.”

Van Commenée hoopt dat het succes van de vrouwenploeg als een blauwdruk kan dienen voor andere sporten. Het aanwezige talent moet gebundeld worden, vindt hij. Met behulp van goede coaches kan het dan ontwikkeld worden. Van Commenée: „Het is geen unieke formule, het gebeurt overal waar succes is. Het is alleen niet eenvoudig om te realiseren.” In Nederland gebeurde dat door twee nationale zwemcentra op te richten. Alle goede zwemmers trainen óf in Eindhoven óf in Amsterdam.

Het succesvolle vrouwenviertal werd de laatste jaren tot een hecht geheel gesmeed. Dat de top breed is, bleek ook afgelopen weekeinde. Op zaterdag, in de series, stuurde coach Verhaeren de reserves Manon van Rooijen en Hinkelien Schreuder het water in. In de finale kon hij daardoor de frissere en snellere Dekker en Veldhuis inzetten. Die opzet slaagde. In de series zwom het Nederland de vierde tijd, in de finale was het kwartet verreweg het snelste. Met 3.33.76 bleven de zwemsters slechts een fractie boven het eigen wereldrecord.

Bovendien, zo betoogde Verhaeren, zit er nog voldoende rek in de Nederlandse ploeg. Hij voorspelde dat de vier in de toekomst een tijd van 3.31 kunnen zwemmen, ruim tweeënhalve seconde onder het huidige wereldrecord.

Vooral van de pas zeventienjarige Kromowidjojo wordt veel verwacht. Ook Heemskerk (21) bevindt zich nog in de beginfase van haar carrière. Met de veel ervarener Dekker en Veldhuis zijn de golden girls een uitgebalanceerd geheel.

De vier zwemsters waren na afloop dolgelukkig. Direct nadat Veldhuis als eerste had aangetikt – met een snelle splittijd van 52.58 – en op de kant was geklommen, vielen de vier elkaar in de armen. De tranen vloeiden daarna rijkelijk. Heemskerk vertelde het verhaal van een vriendinnenboekje, waarin Dekker schreef dat ze hoopte samen met haar ooit olympisch kampioene te worden op de estafette. Heemskerk was nog een juniore, Dekker had net de overstap naar de senioren gemaakt.

„Het is echt ongelooflijk dat het nu is uitgekomen”, jubelde Heemskerk. „Ik bevat eigenlijk nog niet dat we dit hebben bereikt. Ik denk dat het de komende uren wel komt.” De overige drie zwemsters lieten zich in dezelfde bewoordingen uit, waarbij Veldhuis zich als oudste van het stel het meest nuchter toonde. „Wat ik nu ga doen? De 50 en 100 meter vrije slag zwemmen. Individueel. Dit is mooi, maar een feestje moet nog even wachten. Ik heb hier nog meer te doen.”

mailIcon print |