*

 

Krediet olympische grootmachten is niet gelijk verdeeld

Rob Velthuis − 29/11/07, 00:00

In 2003 was het topvolleybal bij de Nederlandse mannen sportief en financieel failliet. Dat eerste was geen probleem, NOC-NSF timmerde een noodplan in elkaar om het kansloze mannenteam toch op de Olympische Spelen van Athene te krijgen.

Architect achter die bliksemactie was toenmalig technisch directeur van NOC-NSF Joop Alberda, dezelfde man die in 1996 Nederland in Atlanta als coach naar olympisch goud leidde. Zijn baas bij NOC-NSF was (en is) Marcel Sturkenboom, ook iemand met een volleybalverleden.

De bezorgdheid was gezien de voorgeschiedenis begrijpelijk. Een groep bevlogen Nederlanders besloot tot een ‘onmogelijk’ project: zonder noemenswaardige faciliteiten olympisch volleybalkampioen worden. In 1992 was er zilver, in 1996 werd in Atlanta de opoffering met goud beloond.

Het was de belangrijkste teamprestatie van Nederland ooit op de Olympische Spelen. Toch was het volleybal er niet mee gediend: geen ledengroei en de stichting (Top Volleybal Nederland) die het topvolleybal ging beheren, ging failliet.

Sportief was het een aflopende zaak. Een medaillekans op de Spelen van 2004 was er niet, het verleden vroeg om krediet. Maar hoeveel krediet heeft nu het roeien?

Daar zijn sportieve twijfels waar het gaat om de Holland Acht, in 1996 met goud even fameus als het grote volleybalteam. Het vlaggenschip was drie jaar geleden bovendien nog goed voor zilver.

Daarna ging het bergafwaarts. De Acht kwalificeerde zich tijdens de WK in München als tiende niet direct voor de Spelen. In 2006 kwam de ploeg al niet verder dan de veertiende plaats. Dit weekeinde kregen de roeiers van bondscoach Jan Klerks te horen dat NOC-NSF de financiële steun heeft ingetrokken.

Bij NOC-NSF wordt dat bericht voorbarig genoemd, toch zijn de roeiers voor de laatste kwalificatiekans op zoek gegaan naar andere oplossingen. Eigenlijk net als in 1993, toen acht bevlogen sporters hun eigen voorzieningen bijeen moesten sprokkelen toen ze aan hun olympische droom begonnen.

Er waren al langer twijfels over de door afzeggingen verzwakte Holland Acht. Gerritjan Eggenkamp voerde ze vorige maand als reden aan toen hij stopte. Hij laakte het ‘niet professionele’ selectiebeleid van coach Mark Emke. De roeier ziet slechts twee kansen op olympisch goud: of híj komt de Vier versterken, of de Vier wordt opgenomen in de Acht.

Emke wil geen inbreuk doen op de ‘Holland Vier’, de vriendenploeg die is uitgegroeid tot het nieuwe vlaggenschip. De afgelopen drie jaar werd op WK’s zilver en tweemaal brons gewonnen.

Op papier is dus duidelijk waar de grootste medaillekansen liggen, de keuze van NOC-NSF is verdedigbaar. De vraag is echter of de Holland Acht ook zou zijn opgeofferd met een roeier aan het roer van NOC-NSF.

mailIcon print |