In de agenda van tafeltennisjournalisten was het eerste weekeinde van februari altijd met een rood viltstift aangekruist. De koffers stonden in de gang om de avonturen van Bettine Vriesekoop, en later ook Mirjam Kloppenburg, te volgen tijdens de Top 12, het jaarlijkse toernooi met de beste twaalf speelsters van Europa. De twee Nederlandse tafeltennissters behoorden tot de favorieten en als ze niet goed presteerden gebeurde er altijd wel iets wat het optikken meer dan waard was. Een relletje, een ruzietje, een opstootje en ga zo maar door.
In de agenda van tafeltennisjournalisten was het eerste weekeinde van februari altijd met een rood viltstift aangekruist. De koffers stonden in de gang om de avonturen van Bettine Vriesekoop, en later ook Mirjam Kloppenburg, te volgen tijdens de Top 12, het jaarlijkse toernooi met de beste twaalf speelsters van Europa. De twee Nederlandse tafeltennissters behoorden tot de favorieten en als ze niet goed presteerden gebeurde er altijd wel iets wat het optikken meer dan waard was. Een relletje, een ruzietje, een opstootje en ga zo maar door.
Het afgelopen weekeinde won Li Jiao in Frankfurt voor de tweede keer op rij de Top 12. Een prestatie van formaat voor de tot Nederlandse genaturaliseerde Chinese. Evenals bij haar eerste zege, vorig jaar in Arezzo, was de aandacht van de nationale pers minimaal. In de tijden van Vriesekoop en Kloppenburg was het dringen bij de incheckbalie op Schiphol. Wat de bestemming ook was. Barcelona, Wenen, Södertalje of Kopenhagen.
Een Smart bood afgelopen weekeinde voldoende ruimte om de Nederlandse journalisten naar Frankfurt te vervoeren. En niemand zat krap. Het kan niet anders zijn dan dat de Chinese achtergrond van Li Jiao daar de oorzaak van is. Haar talenten als tafeltennisster zijn boven alle twijfel verheven. Ze is wellicht zelfs beter dan Vriesekoop en Kloppenburg. Li Jiao is kennelijk minder interessant voor de Nederlandse pers omdat ze geboren is in Qingdao en niet in Hazerswoude of Lichtenvoorde. Daarmee wordt de nu in Heerhugowaard wonende – en begrijpelijk Nederlandse sprekende – Li Jiao tekort gedaan.
Maar er is meer. Van de twaalf speelsters in Frankfurt stond van zes de wieg in China. Naast Li Jiao waren daar de Poolse Li Qian, de Duitse Wu Jiaduo, de Luxemburgse Ni Xia Lian, de Oostenrijkse Liu Jia en de Italiaanse Tan Wen Ling. Het Europese tafeltennis bij de vrouwen wordt geregeerd door tweederangs Chinese speelsters – de besten zijn nog in China – en dat is de doodsteek voor de sport.
De Française Wang Xiaoming was in 1989 de eerste uit China afkomstige tafeltennisster die doordrong tot het bolwerk van de Europese Top 12. Daarna kwam de invasie snel op gang en het lijkt een kwestie van tijd voordat alle twaalf deelneemsters luisteren naar namen als Li, Tan, Liu, Wu of Wang.
Wellicht goed voor het niveau, maar velen kunnen zich niet identificeren met hun nieuwe landgenoten, hoe goed ze ook spelen en hoe goed ze ook ingeburgerd zijn. Wat drijft een Nederlands talent nog, als de voertaal in de trainingszaal Chinees is? Morgen speelt de Nederlandse kampioen, Heerlen, in de halve finales van de Champions League tegen het Italiaanse Castelgoffredo. Kopvrouw is Li Jiao, bijgestaan door Ni Xia Lian en Wang Chen. Het Italiaanse team bestaat uit de Roemeense Michaela Steff (ja, ja), Qi Rong en Tan Wen Ling.
Er is nog plek in de Smart.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.