*

 

Met een beetje geluk komen we de crisis te boven

Laura van Baars − 31/12/11, 22:12

DE CRISIS TE LIJF - Ieder mens jaagt geluk na. Dat stelt ons in staat een crisis te boven te komen. Maar als we het helemaal op eigen kracht willen doen, moeten we wel van goeden huize komen.

Vierendertig jaar, schatte de Amerikaanse staatsman Thomas Jefferson. Dat is de houdbaarheid van een schuld. Ieder mens mag tijdens zijn leven gebruik maken van alle rijkdommen van de aarde, en van alles wat daarop leeft. Maar de schulden die daartoe worden aangegaan, mogen nooit groter zijn dan wat hij in zijn eigen tijd van leven kan terugbetalen. Hetzelfde geldt voor een volk, of de regering van een volk: ook zij mogen geen schuldverplichtingen op zich nemen die de volgende generatie belasten.

Onze schuld mag nooit een blok zijn aan het been van onze erfgenamen. Voornaamste reden is dat de schuld van ouders en voorouders de kinderen zal belemmeren in het opbouwen van een gelukkig leven. Volgende generaties worden op een achterstand gezet als zij de lasten dragen van de mensen die hun voorgingen. En volgens de Amerikaanse grondwet, die Jefferson schreef, is het recht op het najagen van geluk (the pursuit of happiness) een onvervreemdbaar recht voor iedereen. Het is de staat die de omstandigheden moet scheppen waarin de burger deze claim op geluk kan waarmaken.

De huidige schuld kan niet worden afbetaald
Maar eerder dan dat ze een facilitator van geluk zijn, staan de huidige staten het geluk van mensen in de weg. Zij bouwden waanzinnige schulden op, niet bedoeld om ooit nog afbetaald te worden. Een crisis was het gevolg. De beweging Indignados in Spanje, werkloze jongeren die geen uitweg zien, vormt een schrijnend voorbeeld van een vastgeketende generatie. In Griekenland doemt een gitzwart toekomstbeeld op voor alle generaties. En de Occupy-beweging is natuurlijk het meest evidente voorbeeld van een opstand tegen een elite die de toekomst voor de voeten van jongeren heeft weggemaaid. Schulden, gemaakt ten bate van die elite, zijn de oorzaak van dit gebrek aan perspectief op werkgelegenheid, pensioenvoorziening, voldoende zorg en onderwijs en een hoogwaardige cultuursector. Zonder deze is geluk moeilijk voorstelbaar.

In Nederland is het zo ver niet. Tachtig procent van de Nederlanders is gelukkig en tevreden, een van de hoogste percentages ter wereld. Maar bij zijn aantreden zei onze premier Mark Rutte al gauw dat de staat geen geluksmachine is. "Als we ons maar goed realiseren dat welvaart en geluk niet bepaald worden in Haagse kantoren." Volgens Rutte is geluk zo'n persoonlijke aangelegenheid dat de overheid daarin geen rol kan spelen. "De kracht van Nederland zit in ieder van ons, in iedere inwoner. En het is die kracht die we als kabinet willen mobiliseren." Rutte gaf daarmee blijk van een cynisch realiteitsbesef. Cynisch, omdat hij, een moderne politicus, het vertrouwen heeft verloren dat Jefferson als auteur van de Amerikaanse grondwet in 1787 nog wel had, namelijk dat een gelukkig volk de legitimatie van een regering is. Onze jonge premier werpt de verantwoordelijkheid voor het geluk van zijn kiezers van zich af.

Een overheidstaak of eigen verantwoordelijkheid?
Is geluk ook een publiek belang, zoals Jefferson vaststelde, of een privaat belang, zoals Rutte veronderstelt? Overheidstaak of eigen verantwoordelijkheid, het najagen van geluk is nog steeds een basisbehoefte. Jefferson noemde leven, vrijheid en het najagen van geluk in de constitutie de meest primaire, onvervreemdbare rechten die de Schepper ons geschonken heeft. All men are createdequal, are endowed by their Creator with inalienable rights and among these are life, liberty and the pursuit of happiness.

Het zouden deze vitale krachten nog wel eens kunnen zijn waardoor de mens zich, ondanks de schuldenlasten die de staat hem heeft opgelegd, zal oprichten. De idee zal zijn dat hij zijn wereld zelf moet inrichten, of samen met enkele anderen. Met zijn straat, zijn collega's, zijn lotgenoten. Terug naar de tekentafel, zouden de Occupiers zeggen.

Rutte heeft in Nederland relatief makkelijk praten. Wij zijn over het algemeen zelfredzaam, degelijk opgeleid, redelijk sociaal vaardig en in staat tot het verdienen van ons eigen brood. Allemaal voorwaarden voor het bewerkstelligen van ons eigen geluk. Toch betekent dat niet dat de staat zich niets van ons geluk hoeft aan te trekken.

Landen waar de staatsschuld onbeheersbaar is geworden, tonen aan hoe belangrijk de publieke sector is. Er ontstaan individuele initiatieven om de staat overeind te houden. Juist omdat de inwoners van deze landen begrijpen dat hun leven er zonder een sterke overheid een stuk minder rooskleurig uitziet.

Staatsobligaties opkopen
Een mooi fenomeen is dat bijvoorbeeld de Belgen nu hun eigen staatsobligaties opkopen. Na een persoonlijke oproep van voormalig premier Yves Leterme aan alle Belgen, kochten ze in één week voor 5,5 miljard aan Belgische staatsobligaties. Meer dan 250.000 Belgen namen 'staatsbons' voor een gemiddelde inleg van 20.000 euro. Toegegeven, de kopers kregen een mooie rente. Maar 'het voelde ook goed', om zo'n obligatie te kopen om het land financieel te steunen.

De kleine man moet de overheid redden die door de markt kapot wordt gemaakt. Hij vangt de klappen van de bezuinigingen op. Het toont hoe de welvaart in een land uiteindelijk een kwestie is van mensen, en niet van een systeem van democratie of kapitalisme. De publieke, noch de private sector biedt soelaas in het overwinnen van deze crisis. Alleen het individu kan nog wat uitrichten door inventief te zijn, offers te brengen en over zijn hart te strijken. Dat individuele gebaar wint aan betekenis naarmate meer mensen het maken,

Daarom wierp de Amerikaanse zakenman Warren Buffett zich met een paar honderd miljardairs en miljonairs ook op om meer belasting te betalen. Tax Me! is hun slogan. Ook hun miljoenen zijn druppels op een gloeiende plaat om de Amerikaanse staatsschuld terug te dringen. Belangrijker is dat de miljonairs zelf een onrechtvaardigheid willen aanpakken die de overheid heeft laten voortbestaan: een relatief lage belasting voor de allerrijksten. Tax Me! spreekt zo tot ons rechtvaardigheidsgevoel omdat deze een moreel appèl doet. Miljonairs zijn bereid de schulden te voldoen van de wereld waarin zij hun rijkdom hebben vergaard. Zij willen de generatie na hen daar niet mee laten zitten. Precies Jefferson.

Hypocriet, kun je zeggen. De wereld eerst uitputten, en dan wat halfslachtige pogingen doen om de schade te herstellen. Maar het is het individuele geluid dat indruk maakt. Alleen op kleine schaal kan nog opgestaan worden tegen onderdrukking, onrecht of ongeluk.

Maatschappelijke obligaties
Op dit niveau, dicht bij de mens, moet de samenleving worden vormgegeven. Een interessant Angelsaksisch fenomeen, ook omarmd door het CDA, is de social impact bond, ofwel 'maatschappelijke obligatie'. Opnieuw een schuldverklaring, maar dan van een schuld die gemaakt wordt voor een sociaal probleem. Investeerders kunnen obligaties kopen in een project om bijvoorbeeld de recidive onder ex-gevangenen terug te dringen, tienerzwangerschappen te voorkomen of schooluitval tegen te gaan.

Kleine initiatieven, toegepast op een afgebakend groepje kleine criminelen, jonge meisjes in één straat of kinderen in één klas. De obligatie heeft een korte looptijd, van hooguit tien jaar. Slaagt het project, dan krijgen de investeerders een fors rendement door de overheid uitgekeerd. Mislukt het, dan zijn ze hun inleg kwijt. De staat is spekkoper, want de maatschappelijke kosten komen niet voor zijn rekening.

Intrigerend aan de maatschappelijke obligatie is dat deze is bedacht door de oprichters van private equity-firma Apax. Het bedrijf dat een rilling over de rug van menig journalist doet lopen vanwege de manier waarop het krantenconcern PCM, uitgever van bijvoorbeeld Trouw en de Volkskrant, via schulden de nek omdraaide. Is deze financieringsvorm een goedmakertje na alle schade die private equity de laatste decennia onder stabiele bedrijven aanrichtte omwille van winstmaximalisatie?

Zowel de Tax Me!-beweging als de financieringsvorm van de sociale obligatie komt uit de koker van winnaars van het kapitalisme. Vernieuwing komt in deze voorbeelden van de '1 procent ' (allerrijksten) over wie Occupiers spreken. Zij zoeken toenadering tot de overheid, zijn bereid hun rijkdom in publieke projecten te steken. Het neoliberalisme heeft geleid tot een crisis die alle publieke voorzieningen op het spel zet. Ook de 1 procent ziet in: ons geluk komt zonder die randvoorwaarden ernstig in gevaar. Laat Mark Rutte er een les uit trekken.

Of het voldoende is, dit mea culpa van de allerrijksten? Het lijkt er niet op. De generatie van middelbare leeftijd zal de schulden die voor en door hen gemaakt zijn niet meer tijdens hun eigen leven kunnen voldoen, zoals Jefferson rechtvaardig achtte. Toch geven zij reden tot hoop. Het individuele geluid is krachtiger dan ooit, en ogenschijnlijk oprechter dan welke politieke boodschap of bezwering van bank of onderneming ook.

De persoonlijke kracht van de burger, die zich moet bewegen tussen markt en staat, zal voor de volgende generatie bepalend zijn om geluk te vinden.

mailIcon print | |

Plaats een reactie!

Deel jouw mening met de andere bezoekers

Aan het laden ...
<spring:message code='commonMessages.loading' />