*

 

’t Duurt even, maar innovatie levert altijd geld op’

Laura van Baars − 29/11/07, 02:29

De prestatiedrang van managers remt de innovatie binnen bedrijven af. Zo zakt Nederland steeds verder af op de vernieuwingsladder.

Marius Meeus houdt vandaag zijn oratie als hoogleraar Organisatiewetenschappen aan de Universiteit van Tilburg. Een van de belangrijkste conclusies in zijn inaugurele rede ’Prestatiemaatschappij is haar eigen vijand’ is dat de gerichtheid op economische prestaties de innovatie binnen bedrijven afremt.

U vindt dat prestatie en innovatie binnen organisaties losgekoppeld moeten worden. Waarom?

„Managers zijn allergisch voor falen. Zij stellen zichzelf daarom lage doelen, waarvan zij zeker weten dat die ook haalbaar zijn. Zo bewijzen ze hun succes als manager en hoeven zij aandeelhouders niet teleur te stellen. Echter, vanwege de lage ambities van managers, verzwakt ook de neiging om te innoveren.”

Innovatie is onder meer belangrijk om het marktaandeel van een onderneming te vergroten. Dit kan ook door middel van een fusie of overname. Wat heeft prioriteit volgens u?

„Het voordeel van fusies is dat managers op het moment dat ze hun handtekening onder een fusiecontract zetten al weten met hoeveel procent ze hun marktaandeel vergroten. Bij innovatieplannen is dat nog maar afwachten. Het kan jaren duren voor innovatie-investeringen tot bloei komen. Fusies zijn dus vaak directer tastbaar dan innovatie.

Aan de andere kant weten we dat fusies en overnames meer afzetmogelijkheden voor research and development opleveren, vergeleken met voorheen zelfstandige bedrijven. Maar de output van gefuseerde bedrijven is uiteindelijk minder dan die van zelfstandige ondernemingen. Van innovatie is aangetoond dat het zowel op de korte als op de lange termijn geld oplevert.”

Nederland zakt op het gebied van innovatie op wereldniveau steeds verder weg. Bekende cijfers zijn die van het World Economic Forum (WEF). In 2000 stonden we op een vierde plaats, nu op een tiende plaats. Presteert Nederland inderdaad slecht op innovatiegebied?

„De cijfers van het WEF pakken nog gunstig uit voor Nederland. Er zijn ook Europese cijfers over innovatie op allerlei verschillende gebieden, waarbij je ziet dat wij per saldo achteruit hobbelen. Nederland komt steeds minder goed mee. Ik betwijfel of die vierde plaats in 2000 van het WEF ook niet te hoog was. Alleen de regio Noord-Brabant scoort goed omdat daar innovatieve bedrijven als Philips, Océ, ASMI en Organon zitten. Verder wordt in Nederland te weinig in research and development geïnvesteerd. Natuurlijk doet de overheid wel iets door middel van het Innovatieplatform, maar de investeringen van private partijen heb je als overheid niet in de hand. En die blijven ook achter vanwege de economische prestatiedrang van managers.”

Hoe kunnen we op innovatief gebied weer meekomen?

„Een aantal dingen is belangrijk. Zo blijkt het cruciaal om als bedrijf in een innovatienetwerk te zitten. Deze netwerken geven de nodige impulsen om te blijven nadenken over producten en processen.

„Verder moeten we innovatieve projecten een paar jaar rust gunnen. Laat de investeringen tot bloei komen. Organiseer verder ook meer innovatie op projectbasis. Besteed innovatieprojecten uit aan wetenschappers of deskundigen.

„Zo hoef je ook geen hele research and development-afdeling in dienst te nemen. Universiteiten zouden een belangrijke rol in de innovatieprojecten van bedrijven kunnen spelen. Het is erg belangrijk dat we onze basiskennis over research and development weer op krachten brengen in Nederland.”

mailIcon print |