De Nederlandse industrie keert het roer. Ze ziet weer meer toekomst in eigen land, blijkt uit een onderzoek onder maakbedrijven.
Verplaatsing naar het buitenland was de afgelopen jaren hét onderwerp in de maakindustrie. Steeds meer bedrijven zochten hun heil buiten de landsgrenzen. Maar dit jaar willen ze zowel hun productie als activiteiten rond onderzoek & ontwikkeling juist in eigen land sterker laten groeien. „Een trendbreuk”, signaleert adviesbureau Deloitte in zijn rapport ’Made in Holland VI’.
Al het afgelopen jaar concentreerden de 46.000 maakbedrijven hun activiteiten meer in Nederland zelf. In eigen land werd ruim 85 procent geproduceerd, de rest in het buitenland. In 2006 ’maakten’ de bedrijven nog bijna 29 procent van hun waar in andere landen. Ook het onderzoek naar en de ontwikkeling van nieuwe producten en productieprocessen (r & d) verschuift van buiten- naar binnenland.
Wel blijven China, Midden- en Oost-Europa en India hun aantrekkingskracht behouden. Een derde van de bedrijven, met name in de machine- en apparatenindustrie, zegt activiteiten daarheen te verplaatsen. Ook de uitbesteding van diensten, zoals computerwerk, naar deze landen gaat door.
De groei in eigen land kent ook zijn obstakels, zoals de lastendruk en het tekort aan goed opgeleide werknemers. Jaarlijks zijn 100.000 technische vaklieden nodig. Met de focus op Nederland neemt de roep om buitenlands personeel toe. Ruim de helft van de maakbedrijven geeft in de studie van Deloitte aan dat de toename van Oost-Europese werknemers een positieve invloed heeft op hun concurrentiekracht. Volgens Cees Jorissen, hoofd van de industriegroep binnen Deloitte, kan de overheid een grotere rol spelen in het stimuleren van deze migratiestroom om de arbeidsschaarste in de industrie op te lossen. Onder de bedrijven is daarvoor draagvlak, concludeert hij.
De industrie neemt ook zelf initiatieven om de personeelsproblemen op te lossen. „Daarin lijkt slim samenwerken het devies”, aldus het rapport. In het oosten zijn door de Verenigde Maakindustrie Oost (VMO) nauwe banden gesmeed met het onderwijs om meer jongeren voor techniek te interesseren. Een aantal hightech-bedrijven rond Eindhoven onderzoekt of ze personeel naar elkaar kunnen doorschuiven via werknemers-pools. Dat moet voorkomen dat ze in slappe tijden met moeite geworven technici moeten ontslaan.
Verbetering van het concurrentievermogen zoeken de bedrijven ook in verandering van productieprocessen en innovatie. Ze gaan samenwerken met toeleveranciers, afnemers, universiteiten en zelfs concurrenten, blijkt uit het rapport.
Deloitte verwacht dat door de groeiende activiteiten in Nederland zelf het aantal investeringen toeneemt. Daarmee stijgt de vraag naar financiering. De durfkapitalisten kunnen volgens het adviesbureau daarin een rol spelen. Hoewel de meeste bedrijven er neutraal tegenover staan, zijn sommige echter huiverig voor deze investeerders.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.