De ICT-sector wil in 2020 30 procent energiezuiniger werken dan in 2005. Brancheverenging ICT-Office, die 535 IT- en telecombedrijven vertegenwoordigt, tekende gisteren een contract met staatssecretaris Heemskerk van economische zaken.
Vooral de servers, waarop de gegevens staan voor het wereldwijde internetverkeer, kosten veel energie. Niet alleen om de apparaten draaiende te houden, maar ook om ze te koelen.
Tussen 2002 en 2006 nam het digitale gegevensverkeer toe met een factor 250. Daarvoor was 75 procent meer energie nodig. Deskundigen schatten dat één zoekopdracht op Google net zoveel energie kost als een spaarlamp die een uur brandt.
Zonder maatregelen verdubbelt het energieverbruik van de sector in 2020 ten opzichte van 2006. Dan kan de bijbehorende CO2-uitstoot wel eens in de buurt komen van die van de luchtvaart, zei Heemskerk gisteren. Uit onderzoek blijkt dat in 2006 7,3 procent van het Nederlandse energieverbruik nodig was voor ICT, inclusief computers en telefoons in huishoudens en kantoren. Een fors deel (68 procent) komt voor rekening van huishoudens.
In 1990 maakte het ministerie al afspraken met producenten van elektronische en huishoudelijke apparatuur om het energieverbruik terug te dringen. Speciaal voor het ministerie gaat KPN een deel van een datacentrum in Haarlem op een energiezuinige manier koelen. Het bedrijf denkt 30 procent energie te besparen met een techniek die de servers met buitenlucht koelt. Met speciale software kan de capaciteit van de datacentra worden verbeterd, waardoor er minder servers nodig zijn.
Woordvoerder Van Hintum van ICT-Office verwacht dat met slimme ICT-toepassingen in huishoudens grotere besparingen mogelijk zijn. Bijvoorbeeld door schakelaars die computers en dvd-spelers automatisch uitschakelen als ze langer dan een kwartier niet worden gebruikt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.