Cyntha van Gorp −
27/12/11, 14:30
GroenLinks-Kamerlid Tofik Dibi.
© anp
Vorige week gebeurde er iets opvallends: het oppositieblok dat zich altijd zo eensgezind inzet voor gewortelde asielzoekerskinderen die teruggestuurd dreigen te worden, viel plotsklaps uit elkaar.
Het was de maandag voor Kerst en GroenLinks-Kamerlid Tofik Dibi lanceerde met een aantal bekende Nederlanders een initiatief voor een zogeheten Kinderpardon. Maar anders dan normaal wist Dibi geen politieke steun in de Tweede Kamer te organiseren.
"Het is een goed initiatief", verklaart D66-Kamerlid Schouw het ontbreken van zijn handtekening nu. "Maar het is niet eerlijk. Het is belangrijk dat je als oppositie met elkaar samenwerkt en dat je elkaar ook iets gunt. Dat dit niet gebeurt, was iedereen wel een beetje zat."
Het is een veelgehoorde klacht in de oppositieburelen. Dibi mag dan in zijn Kinderpardon naar het initiatiefwetsvoorstel van zijn collega's Spekman (PvdA) en Voordewind (ChristenUnie) verwijzen, volgens Kamerleden lijkt het er verdacht veel op dat hij de aandacht naar zich toe wil trekken.
Het voorstel waar het allemaal om draait is de zogeheten Wortelingswet. Daarmee komen 'gewortelde' kinderen die langer dan acht jaar legaal in Nederland verblijven en die niet hun eigen asielprocedure hebben gedwarsboomd, in aanmerking voor een verblijfsvergunning.
Dibi zelf ontkent dat hij de aandacht naar zich toe wil trekken. "Ik steun de Wortelingswet van harte, maar het wetsvoorstel haalt het niet als niet heel Nederland de schouders eronder zet."
De initiatiefnemers denken daar anders over. Alleen het draagvlak in het parlement is voor de wet relevant, stellen zij. En als het CDA ergens allergisch voor is, dan is het wel voor het woord 'pardon'.
CDA-Kamerlid Knops bevestigt dat zijn partij 'nooit meer' een generaal pardon wil. "Dan veeg je alles bij elkaar wat niet gelijk is. En het heeft een aanzuigende werking, want als je maar lang genoeg blijft, krijg je vanzelf je verblijfsvergunning."
Liever zoekt hij de oplossing van speciale gevallen in de zogeheten discretionaire bevoegdheid van de minister. Die zou weer, los van de geldende criteria, zijn hart moeten kunnen laten spreken, zonder bang te hoeven zijn dat asieladvocaten via de Wet Openbaarheid van Bestuur daar rechten aan kunnen ontlenen voor anderen die graag in Nederland willen blijven.
Dibi heeft meer vertrouwen in de kracht van de media. Hoewel hij bijna een jaar geleden nog bepleitte om schrijnende gevallen onderhands aan de minister voor asielzaken te geven, baalt hij nu dat dit zo 'weinig' oplevert.
"Ik heb dat een aantal keer gedaan maar het heeft nog nooit iets opgeleverd. Als oppositie hebben we het hooguit tien keer gedaan; twee daarvan waren Sahar en Mauro. De enige reden dat zij in Nederland mogen blijven is vanwege de media-aandacht. Met werken achter de schermen is het ons niet gelukt."
Andere Kamerleden hebben betere ervaringen met deze methode. Niettemin erkennen ook zij dat er iets structureels moet gebeuren. Naast PvdA, ChristenUnie en GroenLinks hebben ook SP en D66 hun hoop gevestigd op de Wortelingswet die rond maart in de Kamer behandeld zal worden.
Het CDA laat zich nog niet in de kaarten kijken. "Ik zie wel wat in kwalitatieve criteria, zoals die in het wetsvoorstel staan", zegt Knops. "Maar ik ga niet vooruitlopen op welke criteria dat zouden moeten zijn." Toch ziet ook hij de noodzaak van een structurele oplossing.
Net als de oppositie zit de CDA'er niet te wachten op meer debatten à la Mauro. "Ik heb er een heel ongemakkelijk gevoel aan overgehouden", zegt hij.
"We werden een soort van scheidsrechter, terwijl we niet het hele dossier kenden. Iedereen heeft het nog steeds over Mauro Manuel, maar recent bleek dat hij Mauro Estevao heet. Soms zitten dingen heel anders dan je denkt. Daar moet je heel erg mee uitkijken."