Giles Scott Smith, bijzonder hoogleraar transatlantische diplomatieke geschiedenis aan de Universiteit Leiden −
23/05/11, 19:20
Sarah Palin verwijderde de vizieren op haar site toen afgevaardigde Giffords werd neergeschoten. Foto: afp
opinie
Overal in westerse samenlevingen wint het populisme aan populariteit. Maar er zijn meer verschillen dan overeenkomsten tussen de Europese en Amerikaanse variant.
-
In VS weegt vrijheid van individu zwaar, in Europa identiteit
Het succes van de populistische bewegingen in de Verenigde Staten, Nederland, Zweden en Finland het afgelopen jaar wekt de indruk dat er gemeenschappelijke zorgen en kwesties aan ten grondslag liggen. Hoe verhouden het Amerikaanse en Europese populisme zich tot elkaar?
Over een aantal zaken zijn populisten in Noord-Amerika en Europa het eens. Ze delen hun afkeer van elites, van het politieke bedrijf dat wordt gerund door het establishment en van leiders die het contact met 'het volk' kwijt zijn.
Ze delen een weerzin tegen de kosmopolitische ideeën van die - meestal sociaal-democratische - elite, die ze wegzetten als cultuurrelativisme, een bedreiging van de 'echte' waarden van de eigen samenleving. Ze willen de grenzen sluiten en eisen een immigratiestop om de nationale identiteit te beschermen.
Ze delen de aanspraak op de 'christelijke beschaving' (niet de 'joods-christelijke', vanwege het antisemitisme in sommige uithoeken van het Europese populisme) en de overtuiging dat er meer law-and-order nodig is om de burger te beschermen. En ze delen de 'retoriek van geweld'; verbale agressie die het politieke debat binnendringt en slechts één stap verwijderd lijkt van fysiek geweld.
De vizieren waarmee Sarah Palin op haar website politieke tegenstanders markeerde, leken een kwajongensstreek, maar nadat Jarad Loughner afgevaardigde Gabrielle Giffords in Arizona neerschoot en zes omstanders doodde, zag dat er ineens anders uit (en verwijderde Palin ze snel).
Hiertegenover staat een aantal kwesties waarin Amerikanen wezenlijk van Europeanen (en Canadezen) verschillen. Voor Amerikanen is de grondwet een bijna heilig document dat de rechten van de burger beschermt tegen een oprukkende overheid. Voor veel Europeanen is de grondwet een obscuur document of zelfs een obstakel bij het verwezenlijken van populistische eisen. Zie de aanval van Geert Wilders op artikel 1 van de Nederlandse Grondwet.
Qua organisatie is de Tea Party een samenraapsel van lokale initiatieven zonder specifieke leider, maar bijeengehouden door een gezamelijke afkeer van 'de overheid' en 'de elite in Washington DC'. Hoewel de meeste aanhangers van de Tea Party door en door Republikein zijn, vormen ze ook een bedreiging voor de bestaande hiërarchische structuren binnen die partij.
In tegenstelling tot de losse verbanden in de VS hebben de Europese populisten politieke bewegingen opgezet die zich met succes voordoen als partijen om zo het ongenoegen te kanaliseren en om te zetten in macht.
Het derde onderscheid is de 'wij-zij'-mentaliteit van 'het volk tegen de vreemdeling'. De culturele focus van de Europese populisten op immigratie en islam bedreigt de rechten van minderheden en zet ze apart als tweederangs burgers. Behalve bij de birthers, de extremisten die ontkennen dat president Obama een Amerikaan is, ligt de nadruk in de VS meer op het belang van individuele burgerlijke vrijheden dan op etnische afkomst.
Het Europese populisme komt veelal voort uit identiteitspolitieke kwesties terwijl het Amerikaanse meer wordt gemotiveerd door een idee. Niettemin is de Amerikaanse beweging overwegend blank en heeft ze haar momentum mede te danken aan haar verzet tegen Obama.
De invloed van de overheid op het leven van de burger is het belangrijkste thema bij Amerikaanse populisten. De Tea Party reageerde vol afschuw Obama's poging de federale overheid meer controle te geven op Wall Street. Ze zag het als weer een voorbeeld (na de gezondheidszorg) van de greep die de overheid tracht te krijgen op de vrije markt. Europese populistische bewegingen steunen juist sociaal-economische maatregelen die kwetsbaren beschermen. Hun afkeer geldt de grote financiële instellingen, een van de redenen waarom ze zo fel tegen de euro zijn.
De laatste kwestie waarin de VS verschillen van Europa is het buitenlands beleid. De Tea Party is verenigd rond de vaste overtuiging dat de VS uniek, superieur en altijd de nummer één in de wereld zullen zijn. Dit zorgt enerzijds voor de isolationistische wens om zich terug te trekken van het wereldtoneel, zich te willen onttrekken aan internationale wetgeving en het doel los te laten om democratie te verspreiden. Dit betekent echter ook het gebruik van overweldigende militaire macht als de natie wordt bedreigd.
Hiertegenover staan de nationalistische populisten in Europa die zich afzetten tegen de ontwikkeling van de EU tot een supranationale macht, waarmee ze de individuele landen blootstellen aan hun zwakke positie op het wereldtoneel.
Eén ding hebben Amerikaanse en Europese populisten gemeen: beide ontkennen dat de invloed van het Westen op het wereldtoneel afneemt in een snel veranderende wereld.