*

 

'Door Arabische opstand verliest politieke islam terrein, ook in Egypte'

Marco Visser − 05/01/12, 13:41
Een Egyptische vrouw loopt langs verkiezingsposters van de salafistische Al-Nour partij. © ap

Anders dan de verkiezingsuitslagen in Egypte doen geloven, heeft de Arabische opstand de steun voor de politieke islam teruggedrongen. "Nationalisme troeft religie af", zegt socioloog Mansour Moaddel, die de afgelopen tien jaar diverse onderzoeken uitvoerde naar de opvattingen van Arabieren.

Diverse onderzoeken in Egypte, maar ook in Irak, Saoedi Arabië en Libanon, laten zien dat inwoners van het Midden-Oosten zich minder identificeren met hun geloof en meer naar een seculiere politiek neigen. De hoogleraar, verbonden aan de Eastern Michigan University, wijst op de volgende cijfers:

In 2001 voelde 81 procent van de Egyptenaren zich in de eerste plaats moslim en 8 procent Egyptenaar. Tegenwoordig voelt 50 procent zich Egyptenaar en 48 procent moslim.

In 2004 noemde 23 procent van de Irakezen zich Irakees. In 2011 steeg dit percentage naar 57 procent.

75 procent van de Saoediërs noemde zich in 2003 vooral moslim. In 2011 was dat nog 44 procent.


Dan de sharia.
In 2004 was 50 procent van de Irakezen voor een scheiding van moskee en staat. In 2011 was dat 70 procent.

In Egypte daalde het percentage mensen dat invoering de sharia erg belangrijk vindt van 48 procent in 2001 naar 28 procent in 2011.

In Saoedi Arabië daalde de steun voor de sharia van 69 procent in 2003 naar 31 procent in 2011.


Moaddel wijst ook op een onderzoek naar de anti-Moebarakbeweging waaruit blijkt dat de deelnemers overwegend jong  en meer ontwikkeld waren en moderne waarden aanhingen. Toch wisten bij de verkiezingen in Egypte de Moslim Broederschap en de salafisten een ruime meerderheid van het volk achter zich te krijgen. Hoe is deze inconsistentie te verklaren?

Moaddel: "Ten eerste profiteerden de fundamentalisten van hun jarenlange ervaring met politiek organiseren en activisme, en dus waren zij beter in staat hun aanhang te mobiliseren, terwijl de liberalen, die de opstand tegen het oude regime leidden, een landelijke organisatie mistten en weinig tijd hadden hun nieuw verworven politieke kapitaal om te zetten in stemmen."

Daarnaast stelden de liberalen hun prioriteiten verkeerd, stelt Moaddel. In plaats van betogingen tegen het leger te organiseren hadden zij beter hun eigen agenda onder het Egyptische volk kunnen verspreiden.

Ondanks de zege voor de broederschap en de salafisten is de uitkomst van de verkiezingen toch zo slecht niet, besluit Moaddel.

"Het liberalisme heeft decennialang onder vuur gelegen van religieuze extremisten en religieuze instituties, en liberale organisaties werd de mond gesnoerd door onderdrukkende regels. Was het regime van Moebarak gevallen onder het vaandel van de politieke islam, dan hadden moslimfundamentalisten een veel betere positie gehad om meer exclusieve claims op de revolutie en het land te leggen."

Omdat het de liberalen waren die Egypte van het autoritaire regime bevrijdden, heeft de beweging meer aanzien gekregen en een nationaal bewustzijn losgemaakt, constateert Moaddel. "Als gevolg hiervan is de steun voor de sharia afgenomen en het gevoel van een nationale identiteit gestegen." Islamitische fundamentalisten in Egypte en elders kunnen zich opmaken voor een zware strijd, voorspelt Moaddel.
mailIcon print | |

Plaats een reactie!

Deel jouw mening met de andere bezoekers

Aan het laden ...
<spring:message code='commonMessages.loading' />