*

 

Zelfs de gevangenis kon Havels geloof in de vrijheid niet doven

Wera de Lange − 19/12/11, 18:34
De fluwelen revolutie ontrolt zich: het Wenceslasplein in Praag is op 23 november 1989 volgestroomd met boze burgers. FOTO © WERRY CRONE

Sinds in de herfst van 1996 een tumor uit Vaclav Havels longen werd weggesneden, was de dood altijd in de buurt. Berichten over 'verkoudheden' en ziekenhuisopnames hielden het publiek in binnen- en buitenland van zijn voortbestaan op de hoogte, als ware Vaclav Havel een Kremlinheerser, geen volhardend bestrijder van juist dat soort machthebbers.

Havel heeft het sinds 1996 nog wonderlijk lang volgehouden, voor een man die zo woest heeft geleefd (whisky, bier, sigaretten) en het zo zwaar kreeg te verduren (jarenlange gevangenisstraffen, huisarrest, de druk van politiek en publiciteit) als hij. Nu is de koning van Tsjechië dan toch bezweken.

Vaclav Havel werd in 1936 geboren in de haute bourgeoisie van Tsjechoslowakije. Zijn vader en zijn oom waren bouwers en exploitanten van onroerend goed, eigenaars van de enige filmstudio's in het land (in Barrandov) en het theatercomplex Lucerna,in het hart van Praag.

Jeugd
Kinderfoto's laten, zoals hij later zelf zei, een 'weldoorvoed knorretje' zien. Vaclav - koosnaam: 'Venousek' - wist zich aanbeden door een jonge moeder en door ieder in het zonnetje gezet, in een bevoorrecht milieu. De atmosfeer in de familie Havel was niet patserig maar intellectualistisch, sociaal-voelend, doortrokken van het denken van de eerste Tsjechoslowaakse president, de humanist en democraat Tomas Masaryk.

Havels ouders kenden de betere politici, de betere schrijvers, acteurs en actrices, filmers en filosofen van de jonge republiek Tsjechoslowakije voor het merendeel persoonlijk. Het besef tot een spirituele elite te behoren, kwam hun zoon aangewaaid en Vaclav Havel zou daar voor de rest van zijn leven de zoete en de wrange vruchten van plukken.

De zoete vruchten: Hoewel een tikkeltje onhandig en verlegen, vond hij het van kindsbeen af 'normaal' op gelijke voet te verkeren met grote mannen (en contact te zoeken met mooie vrouwen). De zoet/wrange: Hij vond het ook normaal zich mede-verantwoordelijk te voelen voor het sociale en culturele leven van zijn land, een land dat rekenkundig het midden vormde van het oude continent Europa. Ook dat gegeven was hem van kindsbeen af ingeprent. Het schiep verplichtingen. Hij kwam ze na.

Communistische machtsgreep
De communistische machtsgreep van 1948 kostte de Havels op termijn hun buitengoed Havlov en een groot deel van hun fortuin. Oom Milos (van de filmstudio's) vluchtte het land uit. Vaders van vriendjes van Vaclav belandden in het werkkamp. Vaclav was als jonge 'klassenvijand' op menige school niet welkom, ging overdag werken als laboratoriumassistent en haalde zijn middelbare schooldiploma in de avonduren. Hij las wat hij wilde (veel) en schreef ook, tussen de bedrijven door, gedichten vooral.

Zijn talent mensen te organiseren en aan zichzelf en een mooi doel te binden, uitte zich in de vroege jaren vijftig voor het eerst, in de 'Club van '36-ers', een rokerige discussie-, schrijf- en leesgroep voor leeftijdgenoten van beiderlei kunne. De tiener Vaclav Havel was het hartstochtelijke, soms strenge middelpunt.

De liefde
In 1952 kwam hij de drie jaar oudere Olga Splichalova tegen, een theatercassière met literaire ambities, een arbeidersdochter uit een wijk zonder gouden randjes, met de onverzettelijkheid van een dokwerker en 'de verschijning van een freule', zoals een van haar vele bewonderaars het uitdrukte. Alle Havel-biografen (en de meeste Tsjechen) zouden later, veel later, nog meer van háár dan van hém gaan houden. Tot aan haar dood in 1996 bleef Olga nuchter, sterk, vol minachting voor draaikonten en meelopers (communisten én Havlisten).

In 1956 nam de twintigjarige Vaclav Havel het woord op een prestigieuze schrijversconferentie rond het literaire blad Kveten - geen anti-socialistische, maar wel een moedige speech, waarin hij voor vrijheid van meningsuiting opkwam. Het was zijn eerste geregistreerde blijk van publieke moed en politieke ijver.

Studie
De deur van de faculteiten voorkunstgeschiedenis, filosofie en letteren wilden voor het rijkeluiskind maar niet open gaan. Hij ging als toneelknecht werken in het Theater aan de Balustrade en klom op tot toneelschrijver. Daar beleefde de jonge schrijver voor een gretig publiek triomfen met 'Liften', 'Het tuinfeest', en daarna 'Het memorandum'. Het waren absurdistische stukken, en dus anti-totalitair, beangstigend maar vaak ook hilarisch, stukken die pasten bij de politieke dooi. De Praagse lente naderde, het jaar 1968 brak aan en even leek het socialisme een 'menselijk gezicht' te kunnen tonen.Havel kreeg een paspoort en reisde voor het eerst naar het Westen, naar Londen, Parijs, New York. Hij weigerde in de VS te blijven, al boden Tsjechische émigré's hem prachtige toneelkansen. In augustus 1968 beukten tanks van vijf Warschau Pact-landen de Tsjechen en Slowaken weer in het gareel. Na enkele weken van collectief geweldloos heldendom verdwijnen de mensen van de straat en gaan weer aan het werk.

Een heel volk hing met een treurige zucht zijn vrijheden terug in de kast en voegde zich. Anders dan in Polen, waar de katholieke kerk als bastion was blijven fungeren, had Tsjechoslowakije, toen de tanks hun werk eenmaal hadden gedaan, geenstructuur waarin een tegencultuur voor de massa kon overleven. De clandestiene opvoering voor een paar honderd mensen, in 1972, van Havels versie van de 'Driestuiversopera', was de laatste opvoering in eigen land van een Havelstuk voor vele jaren.

Oppositieleider
De arrestatie en berechting van een rockgroep - 'Plastic people of the universe' - veroordeelde de Havel ertoe koploper te worden van de oppositie. Het proces tegen de groep vormde de directe aanleiding voor het opstellen van Charta '77, een stevige protestverklaring tegen de schending van alle door Tsjechoslowakije ondertekende verdragen voor de burger- en mensenrechten. Ongeveer 1200 kunstenaars en academicitekenden.

Havel was de grote organisator en werd een van de drie woordvoerders van de groep. Hij zat daar in 1977 vier maanden voor in de gevangenis. Het was het begin van een bestaan waarin iedere dag iets naars, iets engs, lastigs of ontregelends kon gebeuren. Eindeloos vaak werd er opgeroepen voor verhoor, een enkele keer werd er met knuppels geslagen, geschopt, gescholden. Eenmaal werd er geschoten: op de hond van Vaclav en Olga Havel, die door een agent van de veiligheidsdienst voor hun huis zinloos om zeep werd geholpen.

Drijfveren
In het magistrale 'Macht der Machtelozen' legde Havel uit wat hem dreef: op den duur is een totalitair stelsel niet bestand tegen mensen die 'leven in waarheid'. Maar zelfs als het politiek niet werkt, zijn er heel goede redenen voor mensen om te blijven leven alsof het totalitaire stelsel niet bestaat, te blijven denken, praten, handelen en schrijven als innerlijk vrije mensen.

Havels politieke denken draaide om morele waarden, humanisme en individuele verantwoordelijkheid, niet om strategiën, organisaties en principes van staatsordening.

Veroordeling en detentie
Zes leidende figuren van Charta '77 werden in 1979 tot lange gevangenisstraffen veroordeeld. Havel kreeg 4,5 jaar gevangenisstraf en dwangarbeidvoor 'subversie'. Het leverde hem na drie slopende gevangenisjaren een zware longonsteking op, die hem bijna het leven kostte. De buitenwereld leverde het 'Brieven aan Olga' op. Filosofische kenners hadden kritiek, maar buiten hen ontkwam geen lezer aan de indruk dat hier een groot, eerlijk, geestig en sympathiek mens zijn ziel blootlegde. Het enige kleine - gelukkig is Havel nooit alléén maargroot - aan de 'Brieven' is het herhaalde zeuren dat Olga meer moet schrijven en lief voor hem moet zijn, terwijl hij weinig lieve woorden aan haar verspilt en haar de groeten laat doen 'aan mijn vriendinnen, als ik die nog heb'.

Door strenge zelfobservatie weet de gevangene Havel, wanhopig depressief van het gevangenisleven, zwaktes te doordenken tot ze bijna een kracht zijn geworden: "Het is zo paradoxaal dat juist ik, een uitgesproken liefhebber van harmonie, iemand die zou willen dat alle mensen voortdurend van elkaar hielden en lief voor elkaar waren - dat juist ik eigenlijk m'n hele leven lang in een of ander conflict verwikkeld ben. Bovendien wen ik er nooit aan: alles maakt me nu nog steeds nerveus - net als twintig jaar geleden, misschien nog wel erger - ik beleef alles heel intensief en kan veel dingen niet goed verdragen, ik maak me vaak zorgen om alles, enzovoort, enzovoort. En dat gaat zo maar door, het verandert niet en het zal waarschijnlijk altijd wel zo blijven. Vreemd. Heel vreemd."

Havel geloofde, leren de 'Brieven', in een 'wereldgeweten'. "Vanaf mijn kinderjaren voel ik duidelijk dat ik niet mezelf - en vooral: geen menselijk wezen - zou zijn, als ik niet voortdurend in een veelzijdige spanning verkeer met deze 'horizon van mij', met deze bron van alle zin en hoop - en van jongs af aan verkeer ik al in onzekerheid of het hier om een 'godservaring' gaat of niet."

Nergens in geloven kwam hem te gemakkelijk voor, zeker nu het 'niets' in de gevangenis zijn ziel dreigde op te vreten: "De 'ongelovigen' houden zo verbeten vast aan de fundamentele slechtheid van de wereld om zelf een aantal rotstreken te kunnen begaan."

Revolutie
De longontsteking bevrijdde Havel uit de gevangenis, maar er zouden nog eindeloos veel botsingen met de staatsmachine volgen voordat het ongelofelijke jaar 1989 aanbrak. Dat bracht zelfs de Tsjechen en Slowaken - in de late herfst, ze waren bijna hekkensluiters - de omwenteling. Vanaf de allereerste massabijeenkomst op het Wenceslasplein was duidelijk dat Havel het boegbeeld was voor de tienduizenden, later honderdduizenden demonstranten. Al snel werd de leuze: "Havel naar de Burcht!"

Als een kaartenhuis stortte de totalitaire staat in elkaar, in tien dagen. Havel smeedde de oppositie aaneen in het Burgerforum, Havel voerde de onderhandelingen aan tussen Forum en Partij, Havel meldde zich als presidentskandidaat en manoeuvreerde concurrenten vaardig naar de zijlijn. Hij was de spil, een met de dag kundiger manipulator voor het goede doel. Drie weken na het begin van de omwenteling was hij koning van de republiek, de lieveling van Tsjechen en (dan nog) Slowaken, president op de Burcht.

De euforie en het tijdgebrek waren in de eerste maanden te groot voor zinnige reflectie. Kortheidshalve besloot Havel het er op te houden dat het communisme omvergeworpen was "door het leven zelf, door het denken, door de menselijke waardigheid". Een 'absurde' en 'onverdedigbare' stelling, knorde de van oorsprong Tsjechische anthropoloog Ernest Gellner in 1992 boos. "Het communisme is niet vernietigd door de samenleving, of door eerlijkheid. Het communisme is overwonnen - of we dat nu leuk vinden of niet - door consumptiedrang, door het westerse militarisme en door een uitbarsting van fatsoen en naïeviteit in het Kremlin."

Maar net als alle Tsjechen en Slowaken had Havel het gevoel dat een wonder was geschied. Het had er bovendien de schijn van dat hij zelf er de hand in had gehad dat het wonder zich voltrok. Van een verguisde martelaar was hij in een paar dagen tijd een volksheld geworden.

De mens Havel werd een beetje supermens, de moralist supermoralist en de manipulator supermanipulator. Zijn anders geschoolde Poolse vrienden hadden hem gewaarschuwd. "Vasek, het is goed en wel, al dat applaus en al die toejuichingen. Maar wat ga je doen als het gesis en gefluit begint?", vroeg Adam Michnik al in de eerste dagen van de 'fluwelen revolutie'.

In 1992 werd Havel door nationalistische Slowaken uitgescholden, bespuugd en met tomaten bekogeld. De fluwelen scheiding van Tsjechen en Slowaken leek onvermijdelijk. Het was voor Havel een diepe nederlaag, en hij trad af om het niet als president te hoeven meemaken, maar hij trad ook weer aan om de eerste president te worden van de nieuwe Tsjechische Republiek. Zijn redevoeringen en radiopraatjes bleven 'moraliserend', zij gingen over civiel fatsoen, richtten zich tegen racistische aanvallen op Vietnamese gastarbeiders en zigeuners, tegen de nieuwe hebberigheid. Het plaatste hem vierkant tegenover die andere Vaclav, de harde neo-liberaal Vaclav Klaus, die vanaf de revolutie tot Havels dood zijn ergste politieke vijand zou blijven.

Vervagend charisma
Na zijn ernstige ziekte in 1996, trouwde Havel met de mooie, bemoeizuchtige actrice Dagmar Veskrnova, met wie hij vermoedelijk al voor Olga's dood (in januari van dat jaar) een verhouding had. De sprookjesheld was in de ogen van veel Tsjechen een licht belachelijke, zwakke man geworden, die hen tot 2003 - toen zijn tweede termijn als president erop zat - lastig viel met zijn praatjes. Michnik in 1995, half richting Havel: "Dit charisma zal vervagen in democratische verhoudingen. Er gebeuren geen wonderen meer en de leider van de anti-communistische beweging wordt een gewoon mens met gewone menselijke zwakheden."

Havel beschreef in 2008 in het toneelstuk 'Het vertrek' - zijn eerste in twintig jaar - de moeite die het een politiek leider kost afscheid te nemen van de macht. Dit jaar regisseerde hij nog een film gebaseerd op dit stuk. Hij bleef zich uitspreken tegen onderdrukking en voor mensenrechten, maar gevraagd naar zijn status als 'internationale morele autoriteit', antwoordde hij: "Dergelijke omschrijvingen maken me alleen aan het blozen."
mailIcon print | |

Plaats een reactie!

Deel jouw mening met de andere bezoekers

Aan het laden ...
<spring:message code='commonMessages.loading' />